9 mei: Toba –> Iga

De shinto-goden van Ise Jingu hadden mijn schietgebedje gehoord. Toen ik vanmorgen opstond was het droog. Na het ontbijtbuffet verliet ik het resort. De uitcheckautomaat had een knop ‘English’, maar de kwitantie rolde er in het Japans uit. Er kwam per nacht een extra kost van 150 ¥ (1,15 €) bij. Het is mij niet duidelijk of het om kuurtaks dan wel BTW gaat. Google Translate vertaalde de Japanse karakters in ‘XB’, en daar werd ik niet wijzer van.
Ik fietste eerst terug naar Ise Jingu Geku langs dezelfde weg als gisteren. Via Route #37 fietste ik het centrum van Ise uit. De wind stond pal op kop. Indien ik zou moeten kiezen tussen de hele dag regen of de hele dag wind tegen, dan kies ik zonder aarzeling voor het laatste. De rivieren die ik overstak waren sterk gezwollen. Voor de regendagen stroomden de ondiepe rivieren gewoonlijk slechts door één geul van hun brede bedding. Nu gebruikten ze bijna de volledige breedte.
Onderweg naar de stad Tsu merkte ik een bushokje met fauteuils op. Dat lijkt me een slim idee. In plaats van je oude zetel naar de kringloopwinkel te brengen, zet je hem gewoon in het bushokje op het einde van je straat. Zo kan je er nog jarenlang van genieten telkens als je op de bus zit te wachten.
In Tsu nam ik niet de directe weg naar mijn eindbestemming Iga. De kortste weg leidt immers dwars door een laaggebergte. Verderop had ik een weg gevonden die geleidelijk de nodige hoogte won. Dus fietste ik Tsu voorbij in de richting van Seki. De drukke Route #10 had maar één rijstrook in elke richting en vaak geen apart fietspad.
’s Middags stopte ik aan een baanrestaurant. Van de Japanse menukaart kon ik alleen de cijfers lezen. De foto’s van de gerechten gaven me alvast een indicatie van de diverse schotels. Aan de hand van de structuur van de kaart begreep ik dat er een lunchaanbieding was: twee schotels plus dessert voor 950 ¥ (7,31 €). Even later bracht de serveerster een grote kom rijst met lange roereislierten. Deze schotel was voor mij qua omvang al een volwaardige maaltijd, maar een minuut later bracht ze ook nog een grote dampende kom noedelsoep. Zo stonden er twee maaltijden voor mijn neus, en ik moest nog 40 kilometer fietsen. Ik heb de rijst en de noedels maar voor tweederde opgegeten. Het dessert had ik eigenlijk niet verdiend. Licht overeten legde ik me terug op mijn ligfiets.
Voorbij de oprit van de expresweg sloeg ik linksaf Route #25 in. Deze rustige baan volgde de loop van een rivier. Al snel fietste ik midden in de groene bossen. Ik hoorde alleen het rivierwater klateren en de Japanse vogels fluiten. Af en toe passeerde er een auto. Eenmaal voorbij de steengroeve zag ik niemand meer. Zo klom ik 11 kilometer lang geleidelijk aan naar 300 meter hoogte. Deze weg is echt een aanrader.
Omstreeks half vijf arriveerde ik aan het Ueno Frex Hotel. Deze hoteltoren staat in de stadsrand van Iga tussen baanwinkels en pinksterkerken. Voor de ronde som van 5.000 ¥ (38,43 €) heb ik een westerse kamer inclusief ontbijt. Mijn ligfiets mocht zelfs bij mij op de kamer overnachten, maar eerst heb ik de ketting gesmeerd. Dat was nodig na de voorbije regendagen. Bovendien heb ik intussen al ruim 600 kilometer op Japanse bodem gefietst.
Fietsstatistieken:
107,82 km
6 u 5 min
17,73 km/u

8 mei: Uitstap naar Ise Jingu

Het was nog droog toen ik deze morgen opstond. Gekleed in yukata ging ik naar het ontbijtbuffet. De brede mouwen van de yukata zijn niet zo handig. Ze hadden de neiging om het eten te raken. Geheel conform aan de weersvoorspelling begon het na het ontbijt alsnog te regenen. Ik besloot om te volharden in mijn planning en een daguitstap te maken naar Ise Jingu. Om een hele dag binnen in een hotel te zitten, daarvoor ben ik niet naar Japan gekomen. Bovendien gaat de onsen pas om vier uur in de namiddag open. Ise Jingu is het meest vereerde shinto schrijn in Japan. Het telt twee tempelsites die enkele kilometers uit elkaar liggen. De oorsprong van de schrijnen gaat ruim 1700 jaar terug.
Gehuld in regenkleding lag ik om tien uur op mijn ligfiets. Eerst terug naar Toba-centrum, dan een drukke baan volgen, en na 5 kilometer aan een 7-Eleven linksaf. Deze rustige weg deelde een dal met een riviertje en een spoorlijn. Na een eerste steile kilometer volgde een langere maar geleidelijke afdaling naar de stad Ise. In Ise had het al urenlang niet meer geregend want de straten waren nagenoeg droog. Ik fietste eerst door het stadscentrum naar Ise Jingu Geku, het buitenschrijn. Het hoofdschrijn van de Geku-site was niet toegankelijk, tenzij voor leden van de keizerlijke familie. De gewone Japanners en ik mochten zelfs geen foto’s maken bij het buitenste hek. Van op afstand zag de zijkant van het gebouwencomplex er uit als op de onderstaande foto.
Om de twintig jaar wordt een perfecte kopie van het schrijn opgetrokken op het aanpalende keienveld. Het vorige schrijn wordt dan afgebroken. Het gebouwencomplex van op de foto is dus van recente datum en zeker niet uit de derde eeuw. Op de site staan nog drie kleinere tempels, en die mochten wel gefotografeerd worden.
Het aanpalende Sengukan Museum was helaas gesloten. Vorige herfst was het museum getroffen door een tyfoon, en de schade was nog niet hersteld. Ondertussen had de regenbui mij ingehaald en begon het hier ook te druppelen. In de regen fietste ik naar het vier kilometer verder gelegen Ise Jingu Naiku, het binnenschrijn. Deze tempelsite ligt in een bos aan een rivier. Net als op de Geku-site werden gewone stervelingen op een respectabele afstand van het hoofdschrijn gehouden.
Na het bezoek aan de Naiku-site wandelde ik aan de overkant een straat vol houten huisjes in. De autovrije straat bootste een winkelstraat uit het vroegmoderne Japan na. Ik negeerde de souvenirwinkels en keek uit naar een restaurant om te lunchen.
In één ruk fietste ik na de lunch terug naar het hotel. Ik had mijn doorweekte kleding al opgehangen toen ik vaststelde dat de kuisploeg mijn yukata had meegenomen. Dus trok ik met tegenzin terug mijn natte en koude kleren aan om op het gelijkvloers een nieuwe yukata van het rek te nemen. Net als gisteren ontspande ik me vlak voor de schemering in de onsen. Daarna trok ik gekleed in de yukata en de bijhorende vest naar het buffetrestaurant. Alvast op het vlak van kleding viel ik vanavond niet uit de toon.
Fietsstatistieken:
37,47 km
1 u 56 min
19,32 km/u

7 mei: Hamamatsu –> Toba

De weersvoorspelling had gelijk, toen ik opstond regende het pijpenstelen. Vandaag was de eerste bestemming de veerboothaven van Iragomisaki. Aan deze kaap op het Atsumi schiereiland wilde ik de veerboot naar Toba nemen. Er was weinig wind, dus de veerdienst zou normaal werken. Tegen regen moet een veerboot kunnen, ze zijn immers waterdicht. Ik vertrok in regenkleding. Nog voor ik de stad Hamamatsu uit was, was ik al doorweekt. In de gutsende regen een minuut aan een verkeerslicht wachten, daar word je snel nat van. Doornat fietste ik langs lagunes omzoomd met palmbomen.
Gelukkig kon ik de aanwijzingen op de fiets-gps slaafs volgen. In de gietende regen is het geen pretje om aan elk kruispunt de weg te zoeken op je smartphone. Na 24 kilometer klom ik naar een plateau. Boven sloeg ik linksaf in Route #42. Deze rustige weg liep door een ruraal en licht glooiend landschap. Dit soort weg ligt me wel. Eindelijk kon ik eens tempo maken. De kilometers maalden vlot in een landelijke omgeving met veel glasteelt. De regen werd gevoelig minder, en ik begon zelfs te genieten van het fietsen.
Geleidelijk aan daalde ik terug af naar het zeeniveau. Op drie kilometer van de ferryhaven volgde nog een laatste steile beklimming. Al om 12u30 arriveerde ik na 75 kilometer aan de terminal. Ik kocht meteen een enkel ticket voor 2.580 ¥ (19,80 €) voor de boot van 13u40. Dit was dubbel zo duur als de veerboot van Kanaya naar Kurihama. Waarschijnlijk heb ik voor mijn ligfiets moeten bijbetalen. In de toiletten trok ik een droge T-shirt aan. Daarna at ik een kom rijst met kip en groenten in de cafetaria van de terminal. Tien minuten voor het vertrek fietste ik de veerboot op. De stouwers legden mijn ligfiets in de watten met enkele dekentjes.

Na een klein uur varen tussen eilandjes meerde de Isewan ferry aan in Toba. Dit is een vakantieregio aan de kust met verscheidene resorts. In een zeldzaam droog moment fietste ik op een kwartiertje naar mijn hotel. Ik had op voorhand twee nachten geboekt bij het Yukai Resort Saichoraku Hotel. Dit enigszins gedateerde vakantieverblijf ligt aan een vissershaven 3,5 kilometer ten noorden van de ferryterminal. Voor 8.400 ¥ (64,48 €) per nacht heb ik een ruime kamer in Japanse stijl met zicht op de zee en op de vissershaven. Het diner en het ontbijt zijn in de prijs begrepen. Vanavond slaap ik weer op een dunne matras op de grond. In tegenstelling tot de garage in Takeoka is er hier wel beddengoed. Het resort is duidelijk gericht op de eigen inwoners. De receptioniste sprak maar een paar woorden Engels. Ze troonde me mee naar een rek om de hoek om een ‘yukata‘ in mijn maat uit te kiezen. De katoenen badjassen in Japanse stijl lagen niet in stapels van S tot XXL maar volgens lichaamslengte. Ik schurkte tegen de ondergrens van mijn maat aan. De yukata raakte net niet de grond.
Ik hing mijn natte kleding te drogen. Na de warme douche zette ik thee. Terwijl ik de thee dronk barstte een felle regenbui los. Maar nu zat ik binnen lekker droog in mijn yukata. Tegen de schemering begaf ik me naar het onsencomplex. Behalve het Japanse bad van 40°C was er ook een ijsbad en een sauna. Geen idee of de sauna ook tot de Japanse cultuur behoort of uit Scandinavië is geïmporteerd. In de sauna raakte ik in gesprek met een Japanner. Hij kon maar een paar woorden Engels. Ik legde uit dat ik in zijn land een tour ‘by bike’ maakte. “Harley?” vroeg hij. Neen, ‘bicycle’, die rare soort fiets die je wellicht naast de ingang van het hotel zag staan. Vervolgens somde ik de plaatsen op waar ik vandaan kwam en de eerstvolgende etappes.

Om half acht startte mijn shift om te dineren in het restaurant. Ik viel een beetje uit de toon toen ik het restaurant betrad. Driekwart van de gasten liep in yukata rond. Ik had gewoon een broek en een hemd aan, want ik wilde het omgekeerde niet meemaken. Stel je voor dat ik in yukata zou arriveren terwijl iedereen gewoon gekleed is. Het buffet à volonté was zeer uitgebreid. Ik heb me moeten inhouden om me niet te overeten aan de onbekende lekkernijen.
Fietsstatistieken:
78,82 km
4 u 6 min
19,23 km/u