18 november: Thaton –> Hpa-an

Deze morgen ontbeet ik in het theehuis tegenover het guest house. Op kosten van het guest house diende de uitbaatster het gangbare hotelontbijt voor buitenlanders op: toast met spiegelei, bananen, oploskoffie en thee. Vandaag werd dit aanbod aangevuld met cakes in cellofaanverpakking. Pas om 8:25u lag ik op de fiets. Vandaag stond er slechts een korte rit van 55 kilometer op het programma. Uiteindelijk haalde ik dit aantal niet eens, en na 52 kilometer kwam ik al aan in Hpa-an. De weg was eerst nagenoeg vlak. Vervolgens fietste ik weeral over heuvels met rubberbomen. De heuvels waren kleiner en minder steil dan gewoonlijk. Bovendien was ook het landschap meer gevarieerd. Naast de obligate rubberbomen was er plaats voor andere vegetatie. Daarenboven verscheen er hier en daar een karststenen bult. Het laatste stuk was terug nagenoeg vlak.

De weg tussen Thaton en Hpa-an met een karstberg op de achtergrond

Omstreeks elf uur reed ik het provinciestadje Hpa-an binnen. Het hotel van mijn eerste keuze was helaas volzet. Het volgende hotel kon me uitsluitend een kamer met gedeeld sanitair aanbieden. Bovendien was er geen plaats om mijn fiets overdag veilig te stallen. Mijn ligfiets mocht wel overnachten in één van de winkeltjes op de gelijkvloers. Bij het derde guest house stoorde ik de botte uitbater tijdens zijn lunch. Hij zei slechts één woord: “full”. Het vierde hotel was duidelijk in verbouwing. Hiermee had ik de lijst van de Lonely Planet van hotels in het stadscentrum zonder succes afgewerkt. Ik besloot een hotel op te zoeken op enkele kilometers van het centrum. Net toen ik vertrok, las ik toevallig het woord “guest house” op een voor de rest volledig Birmees uithangbord. De uitbater toonde me eerst een vierkante kamer zonder ramen met alleen een bed in voor 10.000 Kyat (7,70 EUR) per nacht. De airco in de gang koelde de omringende kamers doorheen hoge met muggengaas bekleedde openingen in de binnenmuur. Ik zei neen, en vervolgens toonde hij me een andere kamer aan de achterkant van het gebouw. In deze kamer stond ook een dubbel bed zonder lakens. Maar de kamer was wel uitgerust met een eigen badkamer met WC en koude douche. Een smal raam zonder glas maar met een luik zorgde voor direct licht. Bovendien was de kamer recent gerenoveerd. De airco was nieuw, evenals de elektriciteit en de sanitaire toestellen. De muren hadden net als de voorgevel een couche paarse verf gekregen. Voor dit alles vroeg de uitbater het dubbele, met name 20.000 Kyat (15,30 EUR). Zonder lang over na te denken nam ik deze kamer in het Than Lwin Oo Guest House op de Thida Road vlakbij het kruispunt met de Thitsar Street.

’s Middags at ik eerst een lekkere en grote portie gebakken noedels in het Khit-Thit restaurant, die ik doorspoelde met twee Star Cola‘s. Na de middag verkende ik het stadscentrum. Ik bezocht onder meer een paya aan de rivieroever met een mooi uitzicht op karstheuvels. Ik kwam onverwacht veel westerse toeristen tegen. Nu begrijp ik waarom al die hotels volgeboekt waren.

Karstbergen in de omgeving van Hpa-an

Met de ervaring van gisteren en deze middag in het achterhoofd, besloot ik om hotelreservaties voor de rest van mijn verblijf in Myanmar te maken. In Yangon had ik al van thuis uit een hotel geboekt, waar hopelijk nog steeds mijn fietsdoos staat. Ik had nog voor zes nachten een slaapplaats te zoeken. Eerst wil ik twee nachten in Mawlamyine verblijven, vervolgens twee nachten in Sat Se Beach, en tenslotte opnieuw twee nachten in Mawlamyine. Met de telefoon in de lobby van het guest house belde ik het Cinderella Hotel in Mawlamyine op. Helaas was het hotel van mijn eerste keuze reeds volzet voor 20-21 november, maar voor 24-25 november kon de receptioniste wel een reservatie maken. Dit hotel was volgens de Lonely Planet het enige met WiFi in Mawlamyine. Bijgevolg kan ik mogelijk pas een halve week later mijn blog bijwerken en mijn e-mails checken. De stad Mawlamyine is groot genoeg, dus ik verwacht wel ergens een kamer op de bonnefooi te vinden. Daarentegen staat er in de Lonely Planet slechts één guest house in Sat Se Beach. Bijgevolg moet ik zeker zijn dat ik daar terecht kan na een fietstocht van ruim 80 kilometer. Dezelfde dag onverrichterzake terug naar Mawlamyine fietsen zie ik alvast niet zitten. Gelukkig had het guest house een kamer vrij, die ik natuurlijk prompt reserveerde.

Fietsstatistieken:
54,34 km
2 u 33 min
21,17 km/u

17 november: Kinpun –> Thaton

Zoals gewoonlijk lag ik deze ochtend omstreeks acht uur op de fiets. De bestemming van vandaag was het stadje Thaton. Omdat Hpa-an nogal ver is voor één fietsdag, heb ik deze rit opgesplitst. Morgen fiets ik van Thaton naar Hpa-an. 35 minuten na mijn vertrek was ik al terug in het stadje Kyaikto. Klaarblijkelijk had ik me eergisteren vergist, en ligt Kinpun wel degelijk hoger dan Kyaikto. De weg slingerde de hele tijd door heuvels met rubberplantages. Af en toe was er een langere klim of afdaling. De weg was in iets minder staat dan gewoonlijk, en vooral drukker.

Plantage tussen Kyaikto en Thaton

Op tien kilometer van Thaton werd ik plots voorbijgestoken door een motorfiets met achterop een man met een mega videocamera. De motorfiets stopte, en de man deed teken om te stoppen. Verbaasd stopte ik, en de cameraman begon te filmen. Hij had een ouderwets grote camera die op zijn schouder rustte en met een plumeau als micro. Ik vroeg hem “Myanmar TV?”, en hij antwoordde bevestigend “Yes”. Misschien kom ik hier vanavond op televisie in de Birmese versie van Man Bijt Hond.

Om 12:00u arriveerde ik na een tachtigtal kilometer in Thaton. Het eerste guest house dat ik probeerde was tot mijn verbazing volgeboekt. De uitbaatster van het tweede guest house vertelde me dat ze geen ‘foreigner licence’ heeft, en dus geen buitenlanders in huis kon nemen. Waarom had ze dan een Engelstalige wegwijzer en uithangbord? Beide guest houses verwezen me naar een derde guest house, het Tain Pyar Rest House. Hier waren weinig kamers vrij, dus ik nam genoegen met een ‘triple room’ met eigen badkamer en airco voor 35$. Omdat de kamer voor drie is bedoeld, was ze vrij ruim. De bedden misten evenwel lakens, zodat ik straks mijn zijden slaapzak nog eens moet gebruiken.

In de namiddag bezocht ik de lokale paya. Het tempelcomplex was relatief groot voor het stadje, en er was veel volk.
Met respect voor de lokale voorschriften liep ik blootsvoets in het complex. De tegelvloer was evenwel bezaaid met rijstkorrels, en dat was pijnlijk voor mijn zachte westerse voeten. Het leek alsof ik over kleine steentjes liep. Eén van de stupa’s was duidelijk in trek bij de duiven.

Duiven op de stupa van Thaton

In de late namiddag passeerde er een kruising tussen een processie en een carnavalsstoet in het stadje. Deels stapten brave meisjes en jongens waardig op in een processie. Af en toe passeerden er carnavaleske stukken die wild dansten en lawaai maakten. Birmese boomcars luisterden de stoet op met extreem luide muziek. Volgens informatie die ik achteraf van de receptionist kreeg, vierden de inwoners van Thaton vandaag en vanavond het Tazaungdaing festival ter ere van de volle maan, dat jaarlijks in november plaatsvindt. Vooral in Thaton wordt dit hevig gevierd, in de overige steden in de omgeving wordt dit veel minder gevierd.

Stoet in Thaton ter gelegenheid van Tazaungdaing

Een ander aspect aan Tazaungdaing is het gratis eten. Op verschillende plaatsen langs de weg staan lange tafels en delen mensen een gratis maaltijd uit aan iedereen die honger heeft. Na de processie wandelde ik nog wat verder in het stadje, en passeerde ik een lange tafel in een zijstraat. Typisch voor Myanmar, gaf een man commentaar door een microfoon. Hij zag me passeren, en nodigde me in beperkt Engels uit om mee aan tafel te schuiven. Ogenblikkelijk stond ik in de algemene belangstelling. Ik besloot om op de uitnodiging in te gaan, en ging aan een tafel zitten. Prompt kreeg ik een bord rijst voorgeschoteld, waarover men een lekkere saus met warme groenten kapte. Vervolgens legde men smalle gefrituurde vissenstaarten (of waren het kleine alen?) in mijn bord. Uit beleefdheid heb ik er twee gegeten, maar ik vond ze ongelofelijk taai. De limonade en de rauwe groenten heb ik niet aangeraakt. Ik legde de man met de micro uit dat mijn zwakke westerse maag hier niet tegen kon. Hij legde me ook de reden van de gratis maaltijd uit. Het eten werd bekostigd door de giften van de gelovigen doorheen het jaar. De opdieners bleven bijscheppen totdat ik aangaf dat ik genoeg had gegeten.

Gratis maaltijd in Thaton ter gelegenheid van het Tazaungdaing festival

’s Avonds wandelde ik terug naar het tempelcomplex. Er kuierden vele jonge mensen rond, en de sfeer was gezellig. Af en toe werd in de verte een vuurwerkpijl afgestoken.

Fietsstatistieken:
85,30 km
3 u 51 min
22,07 km/u