25 november: Tat Fane –> Champasak

Vandaag stond een korte rit van 60 kilometer op het programma. De helft ervan was afdalen, dus maakte ik geen haast om te vertrekken. Na het ontbijt hielp ik de hotelmanager bij het installeren van een app op zijn iPhone. Iets na half tien lag ik op de ligfiets voor een afdaling van 31 kilometer tot aan de vertrouwde snelweg #13. De weg had amper bochten en was lang niet zo steil als ik had verwacht. Zonder te remmen haalde ik maximaal 45 kilometer per uur.
wp-1480072355622.jpg
Na een dik uur bereikte ik de afslag. Snelweg #13 bleef hoofdzakelijk dalen met af een toe een kort knikje omhoog. Zelfs met een colapauze bereikte ik al om 12u het moment van afscheid aan kilometerpaal 698. De telling van de palen van snelweg #13 begon in de hoofdstad Vientiane, dus ik heb vele honderden van deze witte palen met rode kop voorbijgefietst.
wp-1480072383412.jpg
Ik koos een noedelshop uit voor de lunch. Vervolgens liet ik snelweg #13 definitief achter mij, en sloeg rechtsaf een smalle verharde weg in. Na 4,5 km slalommen tussen de putten bereikte ik de Mekong. Onder een schraal afdak op de bedding van de brede rivier stak een vrouw drie vingers op. Dus betaalde ik haar 30.000 Kip voor de veerdienst naar de overkant. Een man met een klein bootje meerde net aan. De vrouw deed teken om in te stappen. Ik bracht mijn fiets en bagage aan boord. Na een fotomoment vertrokken we onmiddellijk naar de overkant.
wp-1480072397662.jpg
Vijf minuten later landden we in Champasak. Twee fietskilometers verder arriveerde ik bij het Siamephone Hotel. Hier nam ik voor 100.000 Kip een kamer met dubbel bed, badkamer, airco, en wifi. Onderweg had ik in een ijzerhandel een waslijn gekocht. Ik maakte de waslijn vast aan twee palen en hing mijn was te drogen. Mijn vorig hotel, het Tat Fane Resort, had deze ochtend mijn propere was vochtig teruggegeven. Wegens de regen van gisteren en het supervochtige lokale klimaat was het niet gelukt om de was tijdig te drogen.
Terwijl mijn kleren droogden, verkende ik te voet het dorpscentrum. Champasak was in de Franse koloniale tijd een marionettenkoninkrijkje. Tot een halve eeuw geleden leefde hier een echte koning. De uitroeping van de volksrepubliek in 1975 betekende de doodsteek voor het koningshuis. Het stadje gleed langzaam af naar de huidige status van slaperig dorp. Niet ver van het centrum bevindt zich de 19de-eeuwse koninklijke tempel van Wat Nyutthitham. In de voortuin staan de grafmonumenten van enkele koningen van Champasak.
wp-1480072422528.jpg
Fietsstatistieken: 
60,31 km
2 u 10 min
27,83 km/u

24 november: De watervallen rond Tat Fane

De koffie bij het ontbijt was veruit de lekkerste die ik in de afgelopen drie weken in Laos had gedronken. Het resort brouwde de koffie met lokale koffiebonen op een espressomachine. Na het ontbijt bekeek ik de Tat Fane waterval grondiger dan de snelle blik van gisteren.
wp-1479986328819.jpg
Vervolgens maakte ik me klaar om naar de nabijgelegen Tat Yuang waterval te wandelen. Op de kaart van Maps.me stond een rechtstreeks wandelpad tussen de twee watervallen ingetekend. Het pad slingerde door dicht struikgewas en liep na een halve kilometer dood op een theeplantage. Noodgedwongen keerde ik terug naar het hotel. De manager bevestigde me dat Tat Yuang uitsluitend bereikbaar is via de snelweg. Daarom besloot ik naar de andere waterval te fietsen. Eerst gaf ik mijn ligfiets een beperkte onderhoudsbeurt. Met een wegwerptandenborstel poetste ik het aangekoekte vuil van de tandwielen. Vervolgens smeerde ik de ketting. Pas om 11:40u lag ik op de ligfiets. Eerst de halfverharde oprit naar de snelweg, dan 2 km zacht klimmen, en ten slotte nog eens 800 meter onverharde weg. Ik parkeerde mijn ligfiets aan de bareel en betaalde 5.000 Kip (0,58 EUR) parkeergeld plus 10.000 Kip (1,15 EUR) inkomgeld. Van de bareel tot aan de waterval was het nog 200 meter. Eerst bezocht ik de bovenkant van de waterval.
wp-1479986342510.jpg
Toen ik terugkeerde schoof ik uit op de gladde aardeweg. Ik bezeerde mijn pols en mijn broek zat vol rode moddervegen. Gelukkig fiets ik hier rond op een ligfiets en moet ik niet op mijn pols steunen. Ik waste mijn modderhanden in het toilet, en daalde zeer voorzichtig de glibberige trap naar de bodem van de waterval af. Ik had net het uitzichtpaviljoen bereikt toen de hemelsluizen openden.
wp-1479986359563.jpg
Ik schuilde hier een kwartier tot de bui over was en keerde droog terug naar mijn druipnatte fiets. Moeizaam fietste ik over de onverharde oprit terug naar de snelweg. Vlak voor de snelweg stopte ik aan een noedelshop voor een late lunch. Dit was een goede timing, want even later begon het opnieuw te regenen. Op het gemak at ik mijn noedelsoep. Vervolgens kwam ik droog aan bij het resort. Ik besloot om de rest van de namiddag in het resort door te brengen. Aan de andere kant van de snelweg was ook een waterval, met name de Tat Champee. Maar mijn fietssandalen hadden vandaag duidelijk bewezen dat ze ongeschikt zijn voor een wandeling van drie kilometer over een glibberige aardeweg. Voor mijn teenslippers geldt hetzelfde. Op mijn balkon keek ik naar lage wolken die de waterval bij tussenpozen volledig bedekten.
wp-1479986373664.jpg
Fietsstatistieken:
6,79 km
0 u 29 min
13,97 km/u

23 november: Tat Lo –> Tat Fane

Omdat ik de zwaarste rit van mijn fietsreis verwachtte, stond ik deze ochtend al om 6:30u op. Ik ontbeet in hetzelfde restaurant als gisteren. De Duitser Michael die ik gisterenavond had ontmoet stond op punt om met zijn mountainbike te vertrekken. We spraken af om boven in Paksong op 1.300 meter hoogte een kop koffie te drinken. Uiteraard wisten we geen van beiden wanneer we daar zouden arriveren, dus deze afspraak was louter voor de vorm. Vandaag bestelde ik de “French toasts”. Tot mijn verrassing werd geen geroosterd Frans brood opgediend maar wentelteefjes met een schaal honing als dipsaus. Noemt het restaurant daarom Honey Bee? Ze smaakten alvast heerlijk. De spiegeleieren die ik bij de toast had besteld vormden wel een vreemde combinatie met de wentelteefjes. Op de onderstaande foto kuieren moeder de zeug en twee van haar kleintjes in de richting van het Honey Bee Café.
wp-1479905139469.jpg
Om 7:40 lag ik op de ligfiets voor een zware etappe met meer dan 1.000 hoogtemeters. Eerst volgde ik snelweg #20 vijf kilometer naar het oosten. Na de afslag in weg #1H begon deze baan al gauw flink te stijgen. De eerste vijf kilometers waren zwaar, maar nadien zwakte het stijgingspercentage gevoelig af. Langs de kant van de weg groeide een weelderige groenpracht waar de gele bloemen de boventoon voerden.
wp-1479905152207.jpg
Mooi op schema bereikte ik om 10 uur het stadje Thateng op 800 meter hoogte. Hier hield ik een verdiende colapauze en trok ik een droge T-shirt aan. Mijn eerste T-shirt was kletsnat van het zweet na de eerste zware beklimming. Vervolgens fietste ik rechtdoor op de snelweg #16 richting Paksong en Pakse. De weg klom geleidelijk zonder echt steile stukken. Af en toe mocht ik zelfs kortstondig dalen. De lucht werd evenwel zorgwekkend donkergrijs.
wp-1479905165987.jpg
Na ruim 55 km op een hoogte van 1.200 meter stopte ik ’s middags aan een kleine noedelshop. Ik was de enige eter terwijl een half dozijn lokale mensen mij en mijn ligfiets aangaapten. Vijf kilometer verder bereikte ik de top van 1.300 meter. Eigenlijk is ‘top’ hier niet van toepassing. Bovenop het plateau leek het landschap verbazingwekkend vlak. Die 1.300 meter konden er evengoed 300 zijn. Om echt scherpe bergen te zien moet je niet hier zijn. Op dat vlak was het karstgebergte rond Thakhek veel indrukwekkender. Na vier kilometer zacht afdalen kwam ik aan in het stadje Paksong. Dit is de hoofdstad van deze koffieregio. Daarom stopte ik omstreeks half twee aan een koffiebar. Toen mijn koffie bijna op was arriveerde de Duitser Michael. Hij had met zijn mountainbike een onverharde weg genomen. Die weg was in zulke slechte staat dat hij verderop de aansluiting op de verharde snelweg had gezocht. Hij bestelde ook een koffie en zette zich aan mijn tafeltje. Even later begon het te regenen. De hemelsluizen gingen volledig open.
wp-1479905180178.jpg
We wachtten allebei tot het over was, maar de regen werd telkens terug harder. Na anderhalf uur besloot Michael om in de regen te vertrekken. Hij moest nog 50 km afdalen tot Pakse. Hopelijk heeft hij zijn bestemming gehaald voor het al te donker werd. Ik bereidde me ook voor op een regentocht. Tien minuten na hem vertrok ik in de miezer, maar even later kreeg ik toch de volle lading over me heen. Gelukkig moest ik nog maar 14 km afdalen tot het Tad Fane Resort aan de gelijknamige waterval. Doorweekt bereikte ik om 16:30u het resort. De regenhoezen hadden mijn banaantassen gelukkig droog gehouden. Ik had op voorhand geen kamer in het resort geboekt. Gisterenavond surfte ik naar een boekingsite die me met aandrang wees op de “laatste 5 kamers!”. Uiteraard hield ik mijn hoofd koel en was er zonder reservering een kamer voor me vrij. De inschrijving duurde bijna een half uur. Met potlood noteerde de hotelmanager moeizaam mijn gegevens in het hotelregister. Toen vroeg hij hoelang ik bleef. Ik antwoordde twee nachten, en vervolgens gomde hij mijn gegevens terug uit. Op een andere pagina begon hij opnieuw mijn gegevens te schrijven, en nadien nog eens op een tweede pagina. De inschrijvingsprocedure kan duidelijk een pak efficiënter. Tussendoor dronk ik de aangeboden hete thee en wierp ik een snelle blik op de Tat Fane waterval.
wp-1479905193899.jpg
Tegen 17u stond ik eindelijk onder een warme douche. Door de combinatie van de hoogte en de natte kleren had ik het een beetje koud gekregen.
Fietsstatistieken:
81,10 km
4 u 35 min
17,70 km/u