26 november: Sporen naar Yangon

Omdat een loketbediende me gisteren had verzekerd dat ik voor mijn fiets om 7 uur in het station moest zijn, stond ik deze ochtend om 6:00u op. Haastig poetste ik mijn tanden en schoor ik me. Op 10 minuten tijd schrokte ik het hotelontbijt naar binnen. Ik fietste de heuvelrug over, en stipt om 7:00u arriveerde ik in het station. Ik ging naar het juiste loket waar een andere bediende dan gisteren zat. Ik legde uit dat ik een ticket voor mijn fiets wilde kopen. De bediende kwam achter het loket vandaan en troonde me mee naar de trein. Ik gaf mijn ligfiets aan, en twee mannen zetten hem in de gang van de ‘upper class’ wagon. Ik hoefde dus helemaal niet zo vroeg in het station te staan. Volgens de Lonely Planet is een treinrit drie keer zo duur als een busrit. In mijn geval is het precies andersom. Bij mijn twee busreizen kostte het ticket voor mijn fiets meer dan het ticket voor mezelf. Nu mijn fiets gratis mee kan reizen, is de trein goedkoper dan de bus.

Ligfiets op de trein van Mawlamyine naar Yangon

Stipt om 8:00u claxonneerde de machinist en zette de trein zich in beweging, om meteen terug stil te vallen. Er kwam nog een groepje met een berg bagage aangespurt. De passagiers sprongen snel op de trein, en met een minuut vertraging vertrok de trein alsnog.

De buitenkant van de trein in het station van Mawlamyine

De ‘upper class’ is de hoogste klasse van de trein naast de mindere ‘first class’ en de ‘ordinary class’ met de houten bankjes. In de ‘upperclas’ staan er twee brede zetels aan de ene kant van het gangpad en slechts één zetel aan de andere kant. De leuning van de zetel kon achteruit. Ik had helaas de meest crappy zetel van de wagon, en het mechanisme was geblokkeerd met een steen. De ramen hebben geen ruiten, alleen een luik en een zonnescherm. Door de open ramen waaide een verkoelend briesje.

Het interieur van de upperclass-wagon in de trein van Mawlamyine naar Yangon

De trein schudde vaak heftig heen en weer, alsof we op een bootje op de zee zaten. Op andere stukken deinde de trein fel op en neer, en zakte de wagon telkens door de vering. De trein reed nagenoeg de hele tijd door schier oneindige rijstvelden.

Rijstveld langs de spoorlijn tussen Mawlamyine en Yangon

Op papier was het een express trein, maar ik vond het meer een IR. De trein stopte immers ook in de kleinere steden maar niet in de dorpjes. Tijdens de hele rit probeerden venters hun waren aan de treinreizigers te verkopen. Gelukkig had ik genoeg gezuiverd drinkwater bij, want de venters verkochten alleen bijgevulde flessen.

Venters tijdens een stop van de trein naar Yangon

Om 17:50u arriveerden we eindelijk in Yangon, dit is 50 minuten na het verwachte uur van aankomst. Mijn ligfiets heeft de schokkende rit op het eerste zicht wonderwel overleefd. Vermits er geen fietsvoorzieningen zijn in het station van Yangon, moest ik mijn fiets op en af de trap dragen om de perrons over te steken. Onder grote belangstelling keek ik mijn fiets na en vertrok. Om 18:15u kwam ik aan in het Three Seasons Hotel waar ik ook verbleef tijdens mijn eerste nacht in Myanmar. Ik kreeg een kamer op het gelijkvloers, en zonder het te vragen werd mijn fietsdoos meteen naar mijn kamer gebracht. Naar verluid heeft de doos al die tijd onder een bed gelegen.

Fietsstatistieken:
5,98 km
0 u 22 min
15,75 km/u

25 november: Daguitstap naar Kyaik Maraw

De ritten in lijn zijn helaas op. Als toemaatje ondernam ik vandaag een daguitstap naar Kyaik Maraw (uit te spreken als Sjeik Miauw). Dit stadje op 24 kilometer van Mawlamyine heeft een vijftiende-eeuwse paya met een Boeddhabeeld uit dezelfde eeuw

Vermits Kyaik Maraw relatief dichtbij is, sliep ik uit tot kwart voor acht. Voor de eerste keer in Myanmar had ik deze nacht het aangename gevoel dat er een donsdekbed op mij lag. Een deken ingepakt in een lakenzak zorgde voor dit effect. Het ontbijt in Hotel Cinderella was zeer gevarieerd. Ik koos voor de gebakken noedels met het obligate spiegelei. Daarenboven werd er nog fruit, een kokoszoetigheid, en koffie, thee, en fruitsap geserveerd. Om halftien lag ik op de fiets. Ik stak eerst de heuvelrug over naar het station. Morgen neem ik de trein naar Yangon, en pas vanaf de dag ervoor kon ik een kaartje kopen. In de langgerekte stationshal lagen aan de uiteinden zowel links als rechts loketten. De signalisatie was eentalig Birmees, dus ik koos op goed geluk de rechtse kant. Dit bleek een foute keuze, want rechts is voor de bagage. Aan de linkse loketten mocht ik langs een zijdeur de ruimte achter de loketten betreden. Dat zie ik in België nog niet zo gauw gebeuren. Terwijl ik naast de loketbediende stond, verkocht hij mij een ticket voor 14$. Vervolgens ging ik terug naar de overkant om een kaartje voor mijn fiets te kopen. De loketbediende aan deze kant verliet zijn loket en stond me in de stationshal te woord. Hij kon me vandaag geen kaartje voor mijn fiets verkopen. Hij droeg me op om morgen om 7:00u terug te komen, dit is een uur voordat de trein vertrekt.

Om tien uur vertrok ik naar Kyaik Maraw. Helaas nam ik bij het eerste rondpunt de verkeerde afslag, en maakte ik een ommetje van acht kilometer. Uiteindelijk vond ik de juiste weg, en fietste ik tussen palmbomen en rijstvelden naar Kyaik Maraw. Zoals gewoonlijk was ik weer het fotomodel van alle passerende smartphone-eigenaars. De onderstaande jongens waren me wel heel hardnekkig aan het fotograferen en filmen. Ze bleven me aanhoudend filmen, en als ik stopte, hielden ze ook halt terwijl de camera bleef draaien. Ik besloot om hen een koekje van eigen deeg te geven, en ik schroefde mijn fototoestel op de houder aan het stuur. Nu kon ik hen ook op de foto vastleggen tijdens het rijden.

Fotograferen en gefotografeerd worden onderweg naar Kyaik Maraw

Omstreeks 11:40u arriveerde ik aan de tempel van Kyaik Maraw. De tempel en het Boeddhabeeld stammen allebei uit de vijftiende eeuw. Persoonlijk vind ik dat het beeld er best nog fris uitziet na al die eeuwen. Het lijkt alsof het boeddhabeeld pas gisteren is geplaatst. Het bijzondere aan dit beeld is dat Boeddha op een stoel lijkt te zitten, terwijl zittende Boeddha’s gewoonlijk worden afgebeeld met gekruiste benen.

Boeddhabeeld in de tempel van Kyaik Maraw

’s Middags at ik tegenover de paya in een restaurantje dat achterin een loods was verstopt. Meteen bij aankomst aan de paya kreeg ik een visitekaartje in de hand gedrukt met de boodschap dat ik daar kon eten. Om 13:15u fietste ik terug naar het hotel, alwaar ik om 14:30u aankwam. Nadien ben ik eerst te voet en vervolgens per fiets op zoek gegaan naar voorverpakte cakes en koffiekoeken, die ik morgen op de trein als lunch kan nuttigen. Bij deze lukrake fietstocht verdwaalde ik een beetje in een schamele buitenwijk van Mawlamyine. Nadat ik rechtsomkeer maakte, kwam ik al snel terug op bekendere wegen.

Fietsstatistieken:
67,89 km
3 u 21 min
20,24 km/u

24 november: Sat Se –> Mawlamyine

Vandaag begon ik aan de terugreis die ik over een kleine week heb uitgesmeerd. Het eerste deel was meteen ook de laatste etappe op de fiets. Eergisteren was ik vanuit Mawlamyine naar het strand van Sat Se gefietst, en vandaag fietste ik terug naar Mawlamyine. Ik stond om 6:45u op en wandelde naar de horecabuurt. Ik koos een restaurant uit, maar ik had het zwaar om de uitbaters te laten begrijpen dat ik wilde ontbijten. Uiteindelijk wees ik naar een kindje dat ontbeet aan één van de tafels. Prompt serveerden ze me een deel van het ontbijt van dat kindje. Dit hoefde nu ook weer niet, maar ik at toch de pannenkoek met kikkererwten op. Mijn honger was nog niet gestild, maar toch wandelde ik langs het strand terug naar het motel. Om 8:05u lag ik op de fiets. Mijn eerste stop was het stadje Thanbyuzayat op 16 kilometer. Ik stopte bij een theehuis voor een “second breakfast“, zoals de Hobbits dat zo mooi kunnen verwoorden. Nog voor ik neerzat, zette men reeds schalen met gefrituurde snacks op een tafeltje.

De weg was hetzelfde als eergisteren, al had ik de indruk dat het vandaag vlotter fietste. Onderweg kwam ik de onderstaande protserige poort tegen die ik eergisteren ook al had opgemerkt. Dergelijke poorten treft men in Myanmar vaak aan bij kloosters en soms bij het binnenrijden van steden en dorpen. Deze poort lijkt nergens naartoe te leiden. Een rode aardeweg verdwijnt in de verte tussen de rubberbomen. Misschien is het de oprit van een patserige rubberbaron?

Poort langs de weg van Thanbyuzayat naar Mawlamyine

Omstreeks kwart voor één arriveerde ik in Mawlamyine. Ik stopte bij een theehuis om te lunchen. Ik trok weer de verkeerde conclusie toen ik iemand noedelsoep zag eten. De uitbater sprak geen Engels, en belde met zijn broer om te vertalen. Uiteindelijk heeft hij speciaal voor mij gebakken noedels bereid. Ik liet het me smaken, en heb me licht overeten.

Nadat de lunch een beetje gezakt was, fietste ik de laatste kilometer naar het Cinderella Hotel dat ik gereserveerd had. Voor 25$ per nacht heb ik een kleine eenpersoonskamer met airco en frigo. Er is zelfs WiFi op de kamer. Bovendien slaap ik vannacht nog eens in witte lakens. Na de check-in controleerde ik mijn mail en Facebook, en werkte ik mijn blog bij.

’s Avonds ben ik gaan eten in een barbecuerestaurant met de atypische naam “Beerstation 2”. Nummer 3 ben ik elders in de stad tegengekomen, maar nummer 1 heb ik nog niet gevonden. In de frigo’s lagen allerlei vlees-, vis-, en groentensatés. Je maakte je keuze, en de satés werden op de BBQ gelegd. De satés smaakten heerlijk, maar het was wel een duur restaurantbezoek. Alleen al voor de satés bedroeg de rekening 5.000 Kyat (3,80 EUR), zonder de rijst en het vers getapte bier. Wellicht had ik als grote BBQ-fan veel meer satés geselecteerd dan de gemiddelde eter.

Fietsstatistieken:
89,50 km
4 u 21 min
20,51 km/u

22 november: Mawlamyine –> Sat Se

Om kwart voor zeven liep de wekker af en stond ik op. Het hotelontbijt was deze ochtend beperkt tot een kleine portie rijst met kikkererwten en een spiegelei. Stipt om 8:00u lag ik op de fiets met bestemming Sat Se, een strand aan de Golf van Martaban ten zuiden van Mawlamyine.

Ook vandaag fietste ik grotendeels over heuvels beplant met rubberbomen. Volgens de Lonely Planet zijn rijstvelden en palmbomen kenmerkend voor de deelstaat Mon. Na een week fietsen in deze regio, geloof ik toch dat rubberbomen deze deelstaat meer kenmerken. De kwaliteit van de weg was over het algemeen minder goed. De weg leek vaak een lappendeken door alle putten die gevuld zijn.

Glooiende weg tussen Mawlamyine en Thanbyuzayat

Onderweg reed ik voorbij een reusachtige zittende Boeddha in aanbouw. De werf startte in 2005. Inmiddels is alleen het hoofd bijna voltooid.

De reusachtige zittende Boeddha van Lite Tat in aanbouw (Khat Ya Khat Yu)

Om 11:45u arriveerde ik na 67 kilometer in Thanbyuzayat. In dit stadje begint de “Death Railway“. Tijdens de Tweede Wereldoorlog legden de Japanners hier dwars door de jungle een spoorlijn aan richting Thailand. Tienduizenden Aziatische dwangarbeiders en Europese krijgsgevangenen bouwden deze spoorlijn, en duizenden stierven onder onmenselijke omstandigheden. De gesneuvelden uit de Commonwealth liggen op een oorlogskerkhof even buiten het stadje Thanbyuzayat. Deze gruwelijke episode uit de Tweede Wereldoorlog werd verfilmd in “The Bridge on the River Kwai“.

Het oorlogskerkhof van Thanbyuzayat

Na de lunch legde ik het laatste stuk naar Sat Se af. Omstreeks kwart voor drie arriveerde ik op mijn bestemming. Op het moment dat ik eindelijk de zee zag, splitste de weg in twee. Ik heb slechts zeer beperkte kaartgegevens van Sat Se, en ik wist niet waar het guest house lag dat ik had gereserveerd. Ik koos rechts omdat in deze richting volgens de kaart de langste straat was. Na een kilometer ging het asfalt over in zand. Een beetje verder zag ik een hotel in aanbouw. Niettemin mondde de weg uiteindelijk in het lokale dorpje uit. Inmiddels werd de kwaliteit van de weg gaandeweg slechter, en moest ik meer en meer mijn ligfiets door stroken los zand duwen. Uiteindelijk besloot ik om terug te keren en links te proberen. Enkele honderden meters verder trof ik het Shwe Moe Motel. Voor 20$ per nacht heb ik een trapeziumvormige kamer met een dubbel hemelbed en een badkamer met koude douche. Er is geen airco maar wel een ventilator. Het laken ontbreekt, dus ik mag vannacht weer in mijn zijden slaapzak kruipen. Het enige positieve punt is de ligging vlak aan het strand. Achteraf gezien had ik hier niet moeten reserveren. Er zijn immers nog andere guest houses in Sat Se waaronder ik ter plekke een keuze kon maken. Daarenboven zijn er nog twee hotels in aanbouw.

Sat Se is een rustige badplaats waar de lokale bevolking hun strandvakanties doorbrengen. De zwemmers concentreren zich ter hoogte van de horecazaken. Enkele honderden meters verder ter hoogte van mijn guest house is het strand leeg.

Het strand van Sat Se

Na de check-in ging ik even pootje baden in de zee. Vervolgens dronk en at ik een kokosnoot op een terrasje in de schaduw. Nadien ging ik terug naar het motel, en trok ik mijn zwembroek aan. Ter hoogte van het guest motel was ik een half uur lang de enige zwemmer. Voor de verandering genoot ik nadien nog eens van de zonsondergang.

Roze zonsondergang in Sat Se

s’ Avonds was het niet gemakkelijk om een restaurantje te vinden. De restaurantscène van Sat Se leek uitgestorven. Ik begrijp niet waar de Birmese vakantiegangers dineren. Uiteindelijk ben ik dan toch een leeg restaurant binnengestapt. Het enige wat ik kon krijgen was een duur bord met rijst, gekookte groenten, en stukjes kip, dit alles overvloedig overgoten met saus.

Fietsstatistieken:
87,76 km
4 u 19 min
20,26 km/ u

21 november: Mawlamyine

Deze morgen mocht ik een uurtje langer slapen. Het lukte me niet, en om 7:23u stond ik al op. Op het gemak ontbeet ik en vervolgens checkte ik mijn mail en Facebook. Pas om kwart na negen trok ik er op uit met de ligfiets. Ik beklom de heuvelrug en bezocht alle paya’s die ik tegenkwam. Er was nauwelijks of geen Engelse signalisatie. Bijgevolg had ik het moeilijk om uit te vissen voor welke paya ik precies stond, en of die tempel bezienswaardig was of niet.

Paya's op de heuvel van Mawlamyine

Na de middag bezocht ik het Mon Cultural Museum. De Mon zijn een minderheid die enkele eeuwen geleden een groot rijk hadden binnen Myanmar. Tegenwoordig hebben de Mon slechts een deelstaat in de Unie van Myanmar met Mawlamyine als hoofdstad. Het museum toonde voornamelijk archeologische artefacten uit de 17de tot de 19de eeuw. Op drie kwartier had ik de collectie bekeken.

Mon Cultural Museum te Mawlamyine

Op de traphal hing een tweetalig propagandabord met de boodschap “Only Union Spirit is True Patriotism”. Het Myanmar-gevoel is dus belangrijker dan het Mon-nationalisme.

Only Union Spirit is True Patriotism

Halverwege de namiddag hield ik de stad voor bekeken. Om 15:00u fietste ik impulsief over de 2,5 km lange brug over de rivier Thanlwin naar Martaban (Mottama). Dit stadje, ook gekend van de gelijknamige Golf, ligt ten noorden van Mawlamyine. Gelukkig had de brug een goede asfaltlaag als wegdek en geen ijzeren planken met spleten. Aan de overkant zocht ik meteen een terrasje op. Onmiddellijk werd ik omsingeld door een dertigtal schoolkinderen en andere omstaanders. Ze bleven de hele tijd naar mijn fiets en mij kijken, en lazen over mijn schouders mee in mijn eBook. Ik dronk gezwind mijn blikje limoensap op en vertrok naar een paya aan de rivieroever. Hier had ik een prachtig uitzicht over meerdere rivierarmen. Toen ik blootsvoets op het betonnen voetpad rond de paya liep, schoot er plots een kleine zwart-gele slang weg naar het gras ernaast.

20131121-202033.jpg

Omstreeks 16:20u was ik terug in het hotel, op tijd om de zonsondergang aan de overkant van de rivier te zien.

Zonsondergang in Mawlamyine

Fietsstatistieken:
33,93 km
1 u 59 min
17,03 km/u

20 november: Hpa-an –> Mawlamyine

Herhaling kan het verwachtingspatroon fnuiken. Nadat ik om 6:40u was opgestaan, ging ik in hetzelfde theehuis als gisteren ontbijten. Helaas waren er vandaag geen warme bananenflappen, en was de noedelsoep maar lauw. Ik vertrok om 8:06u door natte straten onder een volledig bewolkte hemel richting Mawlamyine. De eerste 25 kilometer liep de kaarsrechte weg door platte rijstvelden.

De weg tussen Hpa-an en Mawlamyine

Vervolgens begon de weg te glooien. Na 40 kilometer kwam ik aan een spanbrug over een rivier van een kilometer breed. De smalle ijzeren planken van 15 centimeter breed lagen in de lengte van de brug. Tussen de planken waren spleten waarin de wielen van mijn fiets makkelijk pasten. Doorheen de spleten zag ik de rivier stromen. Over de brug fietsen was geen optie, dus heb ik voorzichtig en zeer geconcentreerd mijn fiets voortgeduwd. Ik slaakte een zucht van opluchting toen ik de overkant bereikte. Ruim tien kilometer verder moest ik opnieuw een spletenbrug over, maar de overspanning was deze keer slechts 300 meter.

Brug over de Gyaing rivier tussen Hpa-an en Mawlamyine

Enkele kilometers na de eerste brug kruiste ik een Nederlands fietskoppel. Ze waren op daguitstap in de ruime omgeving van Hpa-an. Na een korte babbel over ligfietsen en het vergelijken van onze routes gingen we elk onze eigen weg.

Rijstveld onderweg naar Mawlamyine

Omstreeks half twaalf reed ik na 60 kilometer de stad Mawlamyine binnen. Ik had eergisteren al een rangschikking gemaakt van de hotels in de Lonely Planet. Mijn eerste keuze was reeds volzet, had ik eergisteren telefonisch vernomen. Bijgevolg klopte ik aan bij mijn tweede keuze. Tot mijn verbazing hadden ze een kamer vrij. Geen ‘single’ of ‘double’ maar een ‘triple room’. De prijs per nacht bedroeg 45$, dit is 10$ meer dan een dubbele kamer. Voor deze prijs heb ik in het Sandalwood Hotel een ruime kamer met een enkel en een dubbel bed. De vloer en de wanden zijn helemaal betegeld. De kamer heeft een eigen badkamer, airco, en een frigo. En het allerbelangrijkste, er is WiFi in de lobby. Inmiddels was ik reeds zes dagen aan één stuk offline, dus vond ik het hoog tijd om de band met het thuisfront terug aan te halen. ’s Avonds heb ik eindelijk mijn blog bijgewerkt en mijn e-mail gelezen.

In de namiddag ben ik over de heuvelrug naar het station gefietst. Mawlamyine is een langwerpige stad aan een uitwaaierende riviermonding. Midden in de stad loopt over de hele lengte een heuvelrug met tempels op de toppen. Het station ligt aan de andere kant van de heuvelrug. Ik wilde reeds een ticket kopen voor mijn terugreis naar Yangon op 26 november. Helaas kan men maar vanaf één dag op voorhand een ticket kopen. Bijgevolg fietste ik onverrichterzake verder rond de heuvelrug naar het hotel. Toen ik aankwam, stond de opa van het hotel al op mij te wachten. Hij is een grote fan van mijn ligfiets, en had voordien met zijn smartphone reeds foto’s van mij op de ligfiets genomen. Zijn dienst was afgelopen, en hij troonde me mee naar zijn stamtheehuis een kilometer verderop. We dronken koffie én thee, en ondertussen vertelde hij me over de toeristische bezienswaardigheden in Mawlamyine en omgeving. Nadien heb ik nog de Kyaik Thanlan Paya op één van de heuvels bezocht. Hier was een mooi uitzicht op Mawlamyine en het estuarium.

Fietsstatistieken:
77,20 km
3 u 56 min
19,57 km/u

Proloog: De route

Uiteraard heb ik al een route van mijn ligfietsreis in Myanmar uitgestippeld. Op het onderstaande kaartje kan je de ruwe lijnen van de geplande route bekijken. Klik op het kaartje om het te vergroten. Als je op deze link klikt, dan opent het kaartje in Google Maps. De rode lijnen wil ik fietsen, de dunne groene lijnen zijn transfers met het openbaar vervoer.

Routeplan Myanmar 2013

Ik land in Yangon, een miljoenenstad aan de rivierdelta. Vervolgens neem ik de nachtbus naar Mandalay, de tweede stad van het land, gelegen in de centrale vlakte in het binnenland. In Mandalay begint mijn fietstocht. Via Monywa en Pakokku fiets ik naar Bagan. Deze Unesco Werelderfgoed site bevat duizenden stokoude stupa’s. Vervolgens fiets ik verder via de vulkaantempel Mount Popa naar Meiktila. Hier neem ik de nachtbus naar de stad Bago nabij Yangon. Bijgevolg pas ik voor de toeristische trekpleister van Inle Lake. Heen en terug naar dit meer fietsen zou teveel tijd kosten, zelfs al neem ik één keer het openbaar vervoer. Bovendien ben ik zeer nieuwsgierig naar de provincies Bago en Mon in het zuidoosten van Myanmar. Deze streek zou onterecht veel minder bezocht worden door toeristen.

Vanuit Bago wil ik via Kyaikto (Golden Rock) over Thaton naar de karstheuvels van Hpa-An. Tenslotte fiets ik over Mawlamyine naar Thanbyuzayat, dit is het eindpunt van de beruchte Birma spoorlijn uit de Tweede Wereldoorlog. Als eindpunt rust ik even uit op het nabijgelegen strand van Sat Se. In de planning heb ik drie dagen op overschot, die ik onderweg naar keuze kan invullen. Bij eventuele pech kunnen de extra dagen de nodige ademruimte geven.

Vervolgens vat ik de terugreis aan. In Mawlamyine neem ik de trein naar Yangon. Als ik dit tenminste nog durf, nadat ik zoveel horrorverhalen heb gelezen over de spoorwegen in Myanmar. Eenmaal terug in Yangon, heb ik nog drie dagen tijd om deze stad te verkennen. Na ruim vier weken in Myanmar neem ik tenslotte het vliegtuig huiswaarts.

Alles te samen schat ik deze route op ruim 1000 fietskilometers. Natuurlijk is dit maar een plan dat ik thuis achter mijn bureau heb bedacht. Ik ben benieuwd wat de werkelijkheid zal brengen.