28 november: Khong Chiam –> Ubon Ratchathani

De Thaise versie van noedelsoep is best eetbaar. In het restaurant waar ik deze ochtend ontbeet werd ze opgediend met lepel en vork. Noedelsoep eten met een vork in plaats van met eetstokjes was toch even aanpassen. Ik probeerde de noedels op z’n Italiaans met mijn vork op mijn lepel te draaien, en dat lukte aardig. Eten is hier heel goedkoop. Ik betaalde 40 Baht (1,06 EUR) voor de noedelsoep, dat is bijna 1.000 Kip (0,12 EUR) minder dan de goedkoopste noedelsoep die ik in Laos heb gegeten.
Omstreeks 8:40u lag ik op de fiets. Eerst klom ik terug de tempelberg boven Khong Chiam op. Nadien werd de weg langzamerhand vlakker maar nooit helemaal vlak. Tot mijn verbazing zag ik links en rechts van de weg koffieplantages. Ik dacht dat koffie pas vanaf enige hoogte gedijt, en ik bevond me niet veel boven het Mekongniveau. De koffiestruiken zagen er ook niet zo gezond uit. De onderste bladeren waren vergeeld.
wp-1480331236265.jpg
Na 34 kilometer stak ik in het stadje Phibun Mangsahan de rivier Mun over. Even later fietste ik terug op de brede snelweg tussen de grens en mijn eindbestemming Ubon Ratchathani. Het was druk op de snelweg. Gelukkig kon ik uitwijken naar een aparte zijstrook voor fietsers. Helaas werd de zijstrook in de dorpen ook als parkeerstrook gebruikt. Dan had ik in mijn achteruitkijkspiegels nodig om het aankomende verkeer te evalueren.
wp-1480331245821.jpg
Om elf uur stopte ik voor een uitzonderlijk vroege lunchpauze. Het eten is hier wel supergoedkoop, maar de porties zijn relatief klein. Daarom besloot ik om vandaag vier in plaats van de gebruikelijke drie maaltijden te nuttigen. Zo kan ik de hongerklop van gisterenavond voorkomen toen ik in het restaurant op mijn diner wachtte. Deze keer had ik wel eetstokjes ter beschikking om mijn noedelsoep te eten.
Nog voor de middag lag ik terug op de fiets. Even na 13u arriveerde ik na 78 kilometer aan het station van de stad Ubon Ratchathani. Het station ligt een eind buiten het centrum aan de andere kant van de rivier Mun. Ik kocht een ticket voor de nachttrein naar Bangkok van morgenavond. De loketbediende stelde een trein voor die niet in het rooster op de website van de Thaise spoorwegen wordt vermeld. De snelle “Special Express” trein vertrekt om 19:00u en komt de volgende ochtend reeds om 5:15u in Bangkok aan. Ik betaalde 821 Baht (21,70 EUR) voor het onderste bed in een gekoelde tweede klassewagon.
wp-1480331256544.jpg
Nadat ik mijn ticket had gekocht, rustte ik een half uurtje uit onder de stationsluifel. Vervolgens fietste ik de laatste 5,5 kilometer naar mijn hotel in het centrum van de stad. Ik had op voorhand een kamer in het T3 House geboekt voor 18,15 EUR. Bij deze boeking deed ik een financieel voordeeltje. Een ‘superior room’ kost immers 700 Baht (18,50 EUR) op de bonnefooi. Wellicht stond de wisselkoers drie maanden geleden gunstiger dan vandaag. De grote kamer stond een paar treden hoger in de luxeschaal ten opzichte van de hotels van de afgelopen week. Eindelijk terug een dekbed in plaats van een deken, en de grote badkamer had zelfs een regendouche. Nadat ik me onder de kunstmatige regenbui had gewassen, fietste ik een kilometer verder naar de Peppers Bakery. Ubon Ratchathani is een grotere stad, dus de afstanden zijn in verhouding. Ik trakteerde me op een kop ongezoete koffie en twee lekkere koffiekoeken voor 115 Baht  (3,04 EUR). Op de terugweg bezocht ik het tempelcomplex Wat Jaeng, maar de tempel zelf was gesloten. Dus parkeerde ik mijn ligfiets aan het hotel, en haalde in mijn kamer een gewassen maar compleet verrimpeld hemd. In de kleine wasserij op de hoek van de straat gaf ik het aan de dame achter de strijktafel. Ze streek het hemd vakkundig voor 20 Baht (0,53 EUR) terwijl ik toekeek. Vanavond kan ik gaan dineren in een versgestreken hemd.
Fietsstatistieken:
86,07 km
3 u 46 min
22,87 km/u

27 november: Champasak –> Khong Chiam

Overslapen, dat was me deze fietsreis nog niet overkomen. Ruim een half uur nadat de wekker had moeten afgaan keek ik toevallig naar de klok op mijn smartphone. Ik verschoot en haastte me om toch een beetje van de tijd in te halen. Het kleine winkeltje nabij mijn hotel bleek ook noedelsoep te serveren. Dat was handig, dan hoefde ik niet naar de verderaf gelegen toeristische restaurants te wandelen.
Even voor half negen lag ik op de ligfiets. Eerst fietste ik naar de verbindingsweg tussen Pakse en Thailand. De weg had dezelfde goede kwaliteit als gisteren en was grotendeels vlak. Maar in de open Mekongvlakte had ik de wind tegen. Mijn benen waren nog niet warmgelopen. Al gauw voelde ik de inspanning in de spieren boven mijn knieën. Onderweg passeerde ik twee tolbarrières, maar ik mocht zonder betaling doorfietsen.
wp-1480247921542.jpg
Na ruim 27 kilometer bereikte ik de verbindingsweg. Deze nieuw aangelegde weg had 2×2 rijstroken met perfect asfalt behalve bij de middelste 15 kilometer. In het middenstuk ontbrak de eindlaag en de wegmarkering. De wind werkte nu mee. In een flink tempo maalde ik de vlakke kilometers naar de Thaise grens. Pas de laatste kilometer voor de grens ging de weg omhoog. Zelfs inclusief een frisdrankpauze bereikte ik even voor de middag na 66 kilometer de grens. Hier spendeerde ik nog enkele duizenden van mijn resterende Kippen aan een kom noedelsoep. Deze kom was echt de allerlaatste op Laotiaanse bodem. Even later begaf ik me naar de grens.
wp-1480247932942.jpg
Er was weinig volk aan de Laotiaanse emigratiedienst. Na de betaling van 10.000 Kip (1,15 EUR) exitgeld stempelde de beambte mijn paspoort af. Gelukkig had ik nog voldoende Kip op zak. Uiteindelijk heb ik nog 26.000 Kip (2,99 EUR) over. Ik fietste in het niemandsland de heuvel verder op tot de Thaise immigratie. Ik vond niet meteen waar ik moest zijn. Aan een reeks gesloten slagbomen zag ik een bordje met een fietssymbool. Ik fietste onder de gesloten maar onbewaakte slagboom door. Dit kan je doen met een ligfiets, maar met een gewone trekkingfiets bots je natuurlijk tegen de bareel. Plots kwam ik aan de snelweg richting het Thaise binnenland. Indien ik wenste, kon ik makkelijk doorrijden en illegaal door Thailand reizen. Maar ik wilde de correcte procedure volgen zodat ik achteraf geen problemen krijg. Ik fietste nog eens rond het immigratiegebouw, en nu vond ik wel waar ik moest zijn. Tien minuten later was ik legaal in Thailand met een verblijfsvergunning voor 14 dagen. De rouwperiode voor hun overleden Koning is duidelijk nog niet voorbij. Maar de mensen droegen opmerkelijk meer kleur dan toen ik begin deze maand in Bangkok was. 
wp-1480247943247.jpg
Voorbij de grens liep een brede snelweg met 2×2 rijstroken naar het binnenland. De snelweg hield geen rekening met de talrijke heuvels en liep er recht over. In één van de steile afdalingen op de kaarsrechte weg van smetteloos asfalt heb ik mijn snelheidsrecord voor deze fietsreis scherpgesteld op 58,20 kilometer per uur. 
Elf kilometer voorbij de grens verliet ik de snelweg. Even later nam ik een ongewone colapauze. In plaats van een gekoeld flesje of blikje kreeg ik een plastiek zakje vol ijs. Hierin werd de warme cola uitgegoten en op deze wijze ogenblikkelijk ijskoud gekoeld. Het zakje werd verzegeld met een elastiekje alsof ik het mee naar huis zou nemen. Met een rietje dronk ik zo snel mogelijk de cola op voordat het te waterig werd.
Om 14:50u na 92 kilometer arriveerde ik aan het stadje Khong Chiam waar de rivier Mun in de Mekong mondt. Ik stopte bij het Ban Suan Peerada. Het uithangbord vermeldde geen type, dus ik weet niet of het een hotel, guest house, resort of lodge is. Ik had deze verzameling bungalows op Google Maps gevonden. Blijkbaar was ik de enige, want ik heb geen andere gasten gezien. De dame waarbij ik naar een kamer informeerde sprak geen woord Engels. Ze belde iemand die de taal wel sprak. De tweede dame vertelde me aan de telefoon dat een kamer 500 Baht (13,25 EUR) per nacht kost. Voor deze prijs heb ik een vrij grote bungalow met dubbel bed, airco, frigo, badkamer, wifi, en terras. Naast het bed staat een grote lage tafel, ideaal om mijn bagage op uit te stallen.
Ik zwierde mijn bagage af. Zonder te douchen fietste ik een kilometer verder naar de samenvloeiing van de twee rivieren. De Mekong heeft een rode kleur en de Mun eerder een donkerblauwe. De samenvloeiing geeft speciale effecten bij het mengen van deze twee kleuren. Het tweekleurenpunt is één van de twee belangrijkste attracties van Khong Chiam, maar ik was de enige bezoeker.
wp-1480247956533.jpg
Daarna fietste ik naar de andere bezienswaardigheid, met name een tempel die op een heuvel boven de stad ligt. De Wat Tham Khuha Sawan is op zichzelf zeker het bezoek waard. Maar de echte meerwaarde ligt in het prachtige uitzicht over de stad en de Mekong.
wp-1480247967027.jpg
Fietsstatistieken:
101,05 km
4 u 36 min
21,93 km/u