21 november: Pakse –> Tat Lo

Vermits ik een zware rit verwachtte, stond ik vroeg op. Aan het ontbijtbuffet van het hotel stapelde ik mijn bord vol met de lekkerste dingen van gisteren. Vóór 8:00u vertrekken kon vandaag niet. Ik moest eerst langs het postkantoor om de ansichtkaarten in de bus te steken. Vervolgens zette ik koers naar Tat Lo aan de voet van het Bolaven Plateau. Dit toeristisch dorpje ligt aan enkele watervallen. Iedereen noemt het dorp naar de belangrijkste waterval, maar eigenlijk is de officiële naam Ban Saen Vang.
Pakse ligt vlak aan de Mekong, dus moest ik opnieuw de Mekongvlakte verlaten. In de buitenwijk van Pakse begon reeds de kilometerslange beklimming op een drukke baan. Aan weerszijden van de snelweg liep een brede aardeweg. Ooit zal men de capaciteit verdubbelen, maar die dag is nog niet aangebroken.
 wp-1479725079830.jpg
Pas na 22 kilometer bereikte ik de top op meer dan 400 meter hoogte. Op de top sloeg ik linksaf de snelweg #20 naar Salavanh in. Enkele kilometers verder zag ik de eerste koffiestruiken waarvoor het Bolaven Plateau bekend is.
 wp-1479725249283.jpg
Eerst mocht ik 8 km heerlijk afdalen. Dan begon de weg fel op en neer te gaan. Vaak daalde de weg steil af naar een riviertje. De gammele bruggen tegen 50 kilometer per uur oversteken zou ronduit roekeloos zijn. Dus remde ik steeds af naar een voorzichtige 15 kilometer per uur. Voorbij de brug klom de weg terug steil omhoog, en kon ik vanuit quasi-stilstand opnieuw aanzetten.
 wp-1479725231230.jpg
Na ongeveer 45 kilometer begon de tweede beklimming van de dag. De klim hield zeker 10 kilometer aan. Het was stilaan middag toen ik de top bereikte. Enkele kilometers verder stopte ik met gemengde gevoelens aan een noedelshop. Uit de luidsprekers knalde oorverdovende muziek. Ik besloot om toch te stoppen, want ik had geen zin om verder te fietsen met een lege maag. Ostentatief deed ik mijn oordopjes in. De kokkin begreep het gebaar, en liet de muziek afzetten. Minder luid mocht van mij ook, maar nu kon ik wel in alle rust eten.
De derde en laatste beklimming van de dag begon voorbij de districtshoofdplaats Lao Ngam. In vergelijking met de vorige twee vereiste de klim weinig inspanning. Maar boven bereikte ik met een hoogte van meer dan 600 meter wel het dak van deze etappe. Hierna daalde de rechte weg 10 kilometer lang zonder veel bochten. De talloze gele bloemen langs de kant van de weg maakten van de zware rit ook een prachtige etappe.
 wp-1479725267175.jpg
Om tien voor drie kwam ik aan in het dorp Tat Lo. Ik stopte bij mijn eerste keuze, maar het kleine Fandee Guest House was volzet. Het Palamei Guest House had geen kamer met private badkamer ter beschikking. Ik besloot alle adressen van de Lonely Planet aan de kant te leggen. Honderd meter terug informeerde ik bij het nagenoeg verlaten Chitphanya Guest House. In dit enigszins verwaarloosde motel nam ik voor 100.000 Kip (11,31 EUR) een kamer met dubbel bed en airco. De inclusieve badkamer heeft een warme douche en een westerse toiletpot. Wifi is er niet, maar dat is ook bij de overige guest houses in het dorp een schaars goed. Gelukkig heb ik nog voldoende krediet voor mobiel internet. Uiteraard kan deze motelkamer niet op tegen de charme van een houten paalhut.
Fietsstatistieken: 
89,13 km
4 u 45 min
18,77 km/u