13 februari: Battambang –> Pursat

Toen ik deze ochtend om 7:00u in de lobby van het hotel kwam, was de ontbijttafel voor mij reeds gedekt. Even later werd een omelet met drie stukken geroosterd stokbrood opgediend. Om kwart na acht lag ik op de fiets met bestemming Pursat, een provinciestadje met ca. 40.000 inwoners. De wind roerde zich zelden, en ik kon vlot kilometers vreten. De asfaltlaag van de weg was redelijk, en de zijstrook was terug geasfalteerd.

image

Na een dertigtal kilometer stak ik een Duitser van ongeveer mijn leeftijd voorbij. Hij reed met een handbike met een enorme sporttas op het bagagerek vooraan. We wisselden kort onze fietsreiservaringen uit. Hij maakte dagritten van 50 tot 100 kilometer als het echt nodig was. Ik heb veel respect voor hem, want met mijn ligfiets leg ik dezelfde etappe veel sneller en met veel minder inspanning af. Ongeveer halverwege Pursat kwam een achttal fietsreizigers met volle bepakking van de andere kant gefietst. Ik zwaaide, maar niemand zag me. Ze waren allemaal diep op hun eigen inspanning geconcentreerd. Omstreeks 11 uur na 65 km nam ik een kokospauze. Onderweg kan het uitzicht soms tegenvallen. Afval wordt gewoon in de berm gedumpt en in brand gestoken.

image

Gisteren had ik het in mijn blogbericht over de vele trouwfeesten in Cambodja. Vandaag heb ik onderweg het aantal trouwfeesten geteld dat ik voorbijfietste. Ik telde zeven trouwfeesten in diverse stadia van opbouw, ceremonie, en afbraak. Toen ik in het centrum van Pursat rondkuierde, zag ik nog een achtste trouwfeest voor zeker 500 gasten. Acht trouwfeesten op 108 kilometer, dat is gemiddeld 1 trouwfeest om de 13,5 kilometer. Cambodja is echt wel trouwgek.

image

Even na 14 uur kwam ik in Pursat aan. Ik nam een kamer in het Than Sour Thmey Hotel voor 15$. Behalve de gewone faciliteiten zoals airco, frigo, wifi en warm water, heeft de kamer ook een ligbad en een lange zitbank. In de namiddag verkende ik te voet het stadscentrum. In de overdekte markt kocht ik een typische Cambodjaanse hangmat. Je ziet hier overal hangmatten. In elk kraampje hangt minstens één hangmat, en soms wel vijf.  Ook langs de kant van de straat spannen Cambodjanen vaak tussen twee bomen een hangmat op om even uit te rusten.

Terug in het hotel nam ik het hoofdkussen van het bed. Eronder zat een zwarte hagedis met een gestreepte staart. Na het trekken van de onderstaande foto, zwierde ik hem met een kam van het bed. Ik heb niet gezien waar hij terecht kwam, en hij zal zich wellicht snel verstopt hebben in een donker hoekje. Hopelijk sluipt hij deze nacht niet terug naar mijn hoofdkussen. s’Avonds zat de hagedis lange tijd onbereikbaar op het hoge plafond van de kamer, totdat hij terug verdween.

image

Fietsstatistieken:
108,01 km
4 u 24 min
24,55 km/u

12 februari: De tempelbergen rondom Battambang

Na twee ritten op rij gunde ik mezelf een rustdag. Ik sliep uit tot bijna acht uur, en ontbeet in een smal vegetarisch restaurantje nabij het hotel. De rode curryschotel op Khmer wijze smaakte verrukkelijk. Achteraf merkte de receptioniste van het Banan Hotel op dat ik nog moest ontbijten. Ik viel uit de lucht, aangezien er bij het inchecken niets over ontbijt was gezegd. Morgen zal ik in het hotel ontbijten, maar vandaag heb ik lekker ontbeten in een restaurant dat volgens de Lonely Planet enkele van de beste vegetarische gerechten van Cambodja serveert. De receptioniste loste ook de raadsels van de afgelopen dagen op. Het waterbakje met het zeil dient om sprinkhanen te vangen, en de bamboestokken om kleefrijst te stomen.

Ik vertrok pas laat met de ligfiets naar Phnom Sampeau. Deze tempelberg is aan de grote baan naar Pailin gelegen ongeveer 15 kilometer ten zuiden van Battambang. Een eerstejaarsstudent economie aan de universiteit van Battambang met de roepnaam Phi reed me met de motorfiets naar boven. De betonnen weg was veel te steil en in te slechte staat om naar boven te fietsen. Eerst bezocht ik het memoriaal in de moordgrot. De Rode Khmer heeft hier politieke gevangenen (voornamelijk intellectuelen en stadsbewoners) van de afgrond geduwd. De slachtoffers sloegen in deze grot te pletter. Een deel van de schedels en beenderen van de slachtoffers wordt in het memoriaal bewaard.

IMG_0277-1

Vervolgens bezocht ik de eigenlijke tempel op de top van de heuvel. Behalve het panoramisch uitzicht was de moderne tempel niet heel bijzonder. s’Middags at ik samen met chauffeur/gids Phi een bord noedels bij een kraampje op de tempelberg dat Phi kende. Na de lunch stapten we terug op de motorfiets, en reden we naar de tempelberg Phnom Banan (vandaar de naam van mijn hotel). De eerste stop was het huis van Phi en zijn familie. Het was een armzalige verzameling hutjes langs de aardeweg tussen de twee tempelbergen. De familie van Phi had net voldoende rijstvelden voor eigen gebruik. De overige levensbenodigdheden moesten ze op een andere wijze verdienen.

IMG_0278

Phi vertelde me een interessante hypothese over de wijdverspreide armoede op het Cambodjaanse platteland. Er vonden te veel trouwfeesten plaats. Bij een trouwfeest waren vaak 200 genodigden of meer uitgenodigd. Elke genodigde betaalde 10$ aan de organiserende familie. De gasten konden eten en drinken, maar konden die dag geen geld verdienen. Nu ik erover nadenk, ben ik in Cambodja al verschillende trouwfeesten voorbijgefietst. In de voortuin wordt een feesttent vol stoelen opgesteld en versierd met doeken in de kleur van het boeddhisme (blauw-rood-geel-wit-roze). De luide muziek is vaak al een paar honderd meter op voorhand te horen. De gasten hebben hun beste jurk of kostuum aangetrokken. Bij mijn bezoeken aan de overdekte markten, had ik het overaanbod aan trouwjurken bij de afdeling dameskleding reeds opgemerkt. Volgens Phi moet de familie van de jongen een bruidschat van 3.000 tot 5.000 $ betalen aan de familie van de bruid. Trouwlustige mannen moeten hier dus ferm sparen.

Na ongeveer 9 kilometer over een slechte aardeweg vol putten kwamen we bij Phnom Banan aan. Deze tempelruïne uit de elfde eeuw bovenop een berg lijkt een beetje op Angkor Wat. Ik mocht bij de beklimming van de trap mijn sandalen aanhouden. De tempel hoefde ik ook niet op mijn blote voeten te bezoeken. Na een half uurtje daalde ik de heuvel af, en reden we over dezelfde zandweg terug naar Phnom Sampeau waar ik mijn ligfiets had achtergelaten. Tegen 16 uur arriveerde ik terug aan het hotel.

IMG_0279

Ongepland had ik een deel van de voor vandaag voorziene route op een motorfiets afgelegd. Vermits ik vandaag een rustdag had, vind ik dit helemaal niet erg.

Fietsstatistieken:
34,05 km
1 u 34 min
21,76 km/u

11 februari: Sisophon –> Battambang

Deze ochtend ontbeet ik in een lokaal restaurantje in de buurt van het hotel. De uitbater was zelf rijstsoep aan het eten, dus ik wees naar zijn kom om hetzelfde te vragen. De zoon van de uitbater vroeg of ik koffie of thee wilde drinken. Ik antwoordde koffie, en even later bracht de uitbater een glas ijsblokjes met koffie in. Voor de rijstsoep en de ijskoffie betaalde ik 5.000 Riel (1,08 EUR).

Om tien voor negen vertrok ik naar Battambang, de tweede grootste stad van Cambodja. De weg was smaller want de zijstrook was niet geasfalteerd. Bovendien was de kwaliteit van het asfalt ook minder in vergelijking met de weg naar Siem Reap.

IMG_0273-1

Omstreeks elf uur stopte ik langs de kant van de weg aan een restaurantje onder een afdak. Hier nuttigde ik een ijsgekoelde kokosnoot met uitzonderlijk veel vruchtvlees. Voorlopig had ik geen honger meer. Ik betaalde amper 1.600 Riel (0,34 EUR) voor de kokosnoot, dat is minder dan de helft van de prijs in het Angkor gebied.

Onderweg kwam ik een rij kraampjes van meer dan een kilometer tegen. De kraampjes verkochten uitsluitend korte bamboe stokken, ik heb geen idee waarvoor ze dienen. Bij navraag de volgende dag zou het om een kookinstrument gaan. De holle bamboestokken worden gevuld met kleefrijst, bonen en kokos, en vervolgens gestoomd.

IMG_0274

Na 53 kilometer sloeg ik af in een onverharde weg. Langs een dorpje fietste ik naar Wat Ek Phnom. De putten in de aardeweg werden steeds dieper, dus ik was blij dat ik na 9 kilometer eindelijk de tempel had bereikt.

IMG_0275

De tempel van Wat Ek Phnom is in dezelfde periode als Angkor gebouwd. Vermits ik Angkor pas uitgebreid had gezien, stelde de tempel niet zoveel voor. Na een kort bezoek met de banaantassen op mijn schouder stapte ik snel terug op de fiets. De weg naar Battambang was terug volledig geasfalteerd, en volgde de bedding van een rivier.

IMG_0276

Even voor 14 uur kwam ik in de stad Battambang aan. Ik nam voor 20$ een kamer in het Banan Hotel met onder meer airco, een frigo, en warm water. Na de douche verkende ik de stad te voet, en bezocht ik een tweetal markten. s’Avonds fietste ik naar het White Rose restaurant in het centrum van de stad. Dit was geen toeristenval, want de bezoekers van dit restaurant waren voor tweederde Cambodjaans. Ik heb meer dan tien minuten op de menukaart gewacht, maar de gebakken noedels smaakten voortreffelijk.

Fietsstatistieken:
76,88 km
3 u 36 min
21,36 km/u