15 november: Bago –> Kinpun

Vandaag heb ik de duizend fietskilometers in Myanmar overschreden. Nochtans voelde ik me deze morgen niet super. Ik had slecht geslapen, en werd twee minuten voordat de wekker om 6:45u zou aflopen vanzelf wakker. Na het ontbijt voelde ik me beter, maar nog geen 100%. Om 8:05u stapte ik toch op de fiets. Eerst reed ik 22 kilometer terug naar Payagyi. Niet ver van Bago stond er een waterbuffel pal op de straat met een air van “You shall not pass!!!”. Uiteraard reed ik er gewoon rond.

Waterbuffel op de weg naar Kyaikto

Vervolgens nam ik de afslag richting Kyaikto. De weg was plat en goed, en liep door oneindige rijstvelden. Het landschap was heel open. Dit had als nadeel dat schaduw een schaars goed was. Soms moest ik wel tien kilometer fietsen alvorens eindelijk onder een boom te kunnen uitrusten.

Vlakke weg tussen Bago en de Sittaung rivier

Na het oversteken van een brede rivier (niet op de bovenstaande foto), veranderde het landschap. De weg slingerde nu door heuvels geflankeerd door rubberplantages. Ondertussen ritste ik noodgedwongen mijn broekspijpen aan. Ondanks de transparante zonnespray van factor 50, begonnen mijn bovenbenen en knieën genadeloos te verbranden.

Glooiende weg tussen de Sittaung rivier en Kyaikto

Omstreeks 12:30u na 82,5 km stopte uitgeput ik in een dorpje bij een theehuis. Ik zette me aan een tafeltje, en vervolgens gebeurde er niets. Normaal komt er meteen iemand vragen wat ik wil hebben, maar nu keken ze me minutenlang aan. Uiteindelijk zette een jonge vrouw haar baby even weg, en haalde zonder iets te vragen een blikje cola. Vervolgens kon ik de mensen in het theehuis duidelijk maken dat ik honger had. Uiteindelijk kreeg ik een bord gekookte rijst en een bordje met koude kip in pikante saus. Ik at de rijst en viste de kip uit de saus. Ondertussen bleven de klanten van het theehuis me aangapen. Van tijd tot tijd stelde iemand een vraag die ik meestal niet verstond. De gasten spraken ondertussen geanimeerd over mijn ligfiets. Een oudere man werd overmoedig, en zette mijn fiets recht om er mee rond te rijden. Ik greep meteen in, en voor de rest van de tijd kwamen ze nog nauwelijks aan mijn fiets. Vlak voor het vertrek, wilde ik me zoals gewoonlijk insmeren met de zonnespray. De Myanmarezen vonden dit ongelooflijk interessant, en wilden het ook proberen. Ik moest op de hand van een tweetal mannen spuiten. Ik heb het maar bij één man gedaan, omdat ik spaarzaam moet zijn met de zonnespray. De bus is immers al minder dan halfvol, en ik moet er nog twee weken mee toekomen. Ik heb hier in Myanmar in de winkels nog geen zonnecrème gezien.

Na deze vreemde lunch fietste ik om 13:20u verder. Eerst moest ik nog een stevige heuvel over die zonder eten zeer zwaar zou geweest zijn. Vervolgens daalde de weg af naar Kyaikto. Volgens de kaartgegevens zou mijn kilometerteller nu 87 km moeten aangeven. In de werkelijkheid stond er al 96 km op de teller. In het stadje Kyaikto nam ik de afslag naar Kinpun, het basiskamp voor iedereen die Mount Kyaiktiyo ofte ‘Gouden Rots’ wil bezoeken. Deze bergtop is een bedevaartsoord, en lokt behalve enkele westerse toeristen duizenden Birmese pelgrims. Bij de term ‘basiskamp’ denk ik een een kamp aan de voet van een berg, waarbij al geklommen moet worden om het te bereiken. De weg slingerde opnieuw tussen heuvels met rubberplantages. Niettemin had ik de indruk dat ik meer daalde dan klom.

Vlak voor Kinpun stond er een bord dat mijn grootmoeder in de bloemetjes zette. Ik heb geen flauw idee wat de Birmese tekst wil zeggen. Voor mij was het alvast duidelijk: een bloemetje voor Moemoe.

Ligfiets voor het uithangbord 'Moemoe' tussen Kyaikto en Kinpun

In Kinpun nam ik een bungalow in het Golden Sunrise Hotel. De eigenares zou Belgisch zijn, maar ik heb haar niet ontmoet. De ruime kamer met parketvloer en een prachtige badkamer kost me 52$ per nacht. Zoveel heb ik in Myanmar nog nooit voor een hotelkamer betaald. Ik stemde toe omdat ik al sinds gisteren met dit hotel in mijn hoofd zat. Bovendien was ik moe van de fietstocht, en had ik geen zin om meer hotels af te dweilen.

Fietsstatistieken:
113,11 km
5 u 24 min
20,88 km/u

14 november: Erfgoedbeleving in Bago

Gisterenavond ben ik uiteindelijk toch niet zo vroeg gaan slapen als gepland. Mijn boek was eenvoudigweg te spannend. Toen ik om 7:45u opstond, had ik desalniettemin negen en half uur geslapen. Na een rustig ontbijt vertrok ik omstreeks half tien met de fiets. Op mijn gemak bezocht ik de bezienswaardigheden van Bago. De bloeiperiode van Bago loopt van de tiende tot de zestiende eeuw. De monumenten van Bago zijn dus meer dan 400 jaar oud. Dit is er evenwel niet aan te zien. De meeste tempels zien eruit alsof ze maximaal een halve eeuw oud zijn. Oorlogen en natuurrampen hebben immers heel veel verwoest. Nadien werden veel tempels heropgebouwd. De liggende Boeddha op de onderstaande foto dateert bijvoorbeeld uit de tiende eeuw. Bij de verwoesting van de stad in 1757, werd het beeld overwoekerd door de jungle. Pas op het einde van de negentiende eeuw werd het beeld herontdekt en blootgelegd. Nadien werd het beeld veelvuldig ‘gerestaureerd’ tot het huidige resultaat. Bovendien bouwde men een soort van fabriekshal over het beeld om het te beschermen tegen zon en regen.

Selfie voor de liggende Boeddha van Bago

De Myanmarezen hebben een heel andere kijk op erfgoed. Een tempel blijft in de eerste plaats een religieuze ereplaats. Bijgevolg onderhouden ze eeuwenoude paya’s als hedendaagse tempels. Een facelift voor een Boeddhabeeld, een extra stupa, een nieuw schrijn, dit kan allemaal in een historisch tempelcomplex. Boeddhabeelden krijgen overigens vaak een schreeuwerig flikkerende ledverlichting in de vorm van een stralenkrans.

Ook bij andere monumenten gaat men in Myanmar vaak driest te werk. In de jaren negentig legden archeologen de resten van een zestiende-eeuws paleis bloot. Van de oorspronkelijke constructie werden alleen restanten van de dikke teakhouten pilaren aangetroffen. Om het paleis voor de toeristen toch wat levendiger te maken, werd het met veel fantasie helemaal gereconstrueerd. Op de onderstaande foto werden de oorspronkelijke teakhouten pilaren in de paleiszalen tentoongesteld naast de nieuwe pilaren.

Het paleis van Bago

Vanavond kreeg ik in het restaurant iets compleet anders opgediend dan ik had besteld. Het restaurant had nochtans een tweetalige Birmees-Engelse menukaart. Ik wees naar “roast duck with ananas”, maar ik kreeg een soort van loempia met vis voorgeschoteld. De visgerechten stonden enkele bladzijden verder op de kaart. Niettemin was de loempia superlekker. Hij werd opgediend op een bedje van krokante kroepoeknoedels en sla. De sla heb ik natuurlijk laten liggen. In de tropen eet men beter geen rauwe groenten om reizigersdiarree te vermijden. De rekening was ook een verrassing: 6.000 Kyat (4,60 EUR)! Omdat het zo goed gesmaakt had, vergaf ik hen de gepeperde rekening. Overigens staan op de menukaarten in Myanmar zelden prijzen. De rekening is altijd een verrassing.

Later op de avond begon het plots licht te druppelen en te waaien. Ik heb snel mijn ligfiets in de lobby gezet, en even later barstte het onweer los.

Fietsstatistieken:
27,33 km
1 u 37 min
16,88 km/u

13 november: Aankomst in Bago

De bus dropte me deze nacht om 3:50u op de autostrade vlakbij de afrit Bago. Het was pikkedonker en het centrum van Bago was nog 30 km verder. Ik had geen zin in een nachtelijke fietstocht, dus ben ik maar even verder gereden op zoek naar een rustplaats. Een kilometer verder kwam ik aan een verlicht tankstation. Ik besloot om hier het daglicht af te wachten, en zette me op een betonnen reling. Twee jonge pompbedienden waren ijverig het tankstation aan het vegen. Toen ze begrepen dat ik hier nog een tijdje zou zitten, kwam een attente pompbediende een ligstoel brengen. In de ligstoel kon ik nog wat verder soezen. Natuurlijk werd ik bij het minste geluid wakker. Toen de ochtend naderde, kreeg ik het vanwege de ochtenddauw toch kou met mijn fleece aan. Omstreeks 5:45u begon het licht te worden. Rond kwart na zes vertrok ik nadat ik de pompbediende voor de ligstoel had bedankt met 1.000 Kyat.

Tien kilometer verder in een groot dorp aan een kruispunt ontbeet ik. Het was weer eten wat de pot schafte, dus at ik alweer rijst met kikkererwten en twee omeletten. Vervolgens stapte ik op de fiets voor het laatste stuk. Plots zag ik kleine groepjes westerlingen uit de tegenovergestelde richting fietsen. Met uitzondering van de toeristen die een fiets huurden in Mandalay of Bagan, waren dit de eerste westerlingen die ik op de fiets zag. Ze hadden allemaal dezelfde fietsen en reisden zonder bagage. Hoogstwaarschijnlijk ging het om een georganiseerde fietsreis waarbij de bagage steeds van hotel naar hotel wordt vervoerd.

Welkom in Bago

Na dertig kilometer kwam ik aan in Bago, de grootste en drukste stad sinds ik Mandalay verliet. Ik volgde de hoofdbaan dwars door de stad, en stopte bij het Bago Star Hotel op vier kilometer van het centrum. Hier nam ik voor 35$ per nacht een kamer in een rij bungalows. Het hotel heeft WiFi in de lobby, dus na de verkwikkende douche sloot ik weer aan bij de digitale wereld. Ik maakte meteen van de gelegenheid gebruik om de achterstallige blogberichten van de afgelopen dagen te publiceren. Niettemin voelde ik de vermoeidheid opkomen na ruim 24 uur onderweg geweest te zijn. Ik besloot het vandaag rustig aan te doen. Ik kon het evenwel niet laten om op de middag naar de Kyaik Pun Paya nabij het hotel te wandelen. Ik had de hitte en de afstand toch een beetje onderschat. Na het bezoek lunchte ik in een theehuis vlakbij de paya. U raadt al wat de pot schafte: alweer rijst met kikkererwten en spiegeleieren. Niet dat ik het niet lust, maar ik heb toch graag wat meer variatie. Hopelijk krijg ik vanavond iets anders op mijn bord.

De paya nabij het hotel

Na de lunch ging ik terug naar het hotel. Tergend traag downloadde ik de krant. Het was de eerste keer in Myanmar dat ik de krant las. Vervolgens nam ik een plons in het ondoorzichtige zwembad van het hotel, dat de Lonely Planet als ‘murky’ omschrijft. De zwempartij friste me goed op. Na het zwemmen was de vermoeidheid duidelijk verminderd. Bijgevolg besloot ik in de late namiddag om met de fiets nog een ander paya te bezoeken aan de andere kant van de stad. De Shwemawdaw Paya is nog hoger dan de al indrukwekkende Shwedagon Paya in Yangon. Toen ik nadien terugkwam bij het hotel, zag ik een koppel westerse toeristen het hotel uitwandelen. Eindelijk niet meer alleen. Ik had immers alweer het vermoeden dat ik de enige gast was, ten onrechte dus.

De Shwemawdaw Paya in Bago

’s Avonds ben ik gaan eten in het “Ocean Restaurant”. Ondanks de naam stond er helaas geen vis op de menu. Ik bestelde gebakken gehaktballetjes, maar in de plaats kreeg ik varkensstukjes in zoetzure saus, wat natuurlijk ook lekker is. In ieder geval ga ik vanavond vroeg slapen, en morgen een beetje uitslapen.

Fietsstatistieken:
49,79 km
2 u 26 min
20,33 km/u

12 november: Popa –> Meiktila

Deze morgen ontbeet ik als enige gast in het restaurant van het hotel. Behalve de obligate eieren, werd ook rijst met kikkererwten opgediend. Dit gerecht was een trendsetter voor de dag, want ook ’s middags en ’s avonds werd het me voorgeschoteld. Vandaag stond op papier de koninginnenrit op het programma. Volgens de karige kaartinformatie zou de weg de hele dag door het heuvelachtige landschap slingeren. In de praktijk viel het goed mee. Eerst was er een steile afdaling van 5 kilometer vol haarspeldbochten. Vervolgens bleef het nog een aantal kilometers zacht dalen. Uiteindelijk begonnen de heuvels, de ene al wat hoger dan de andere. Lange en korte beklimmingen en afdalingen losten elkaar af. Toch ging het meer af dan op. Toen ik op de bestemming aankwam, stond er een gemiddelde snelheid van 22 kilometer per uur op de teller. Dit is het snelste gemiddelde tot nu toe.

De weg tussen Popa en Meiktila

Pas om 12:50u en 97 km kwam ik een restaurant tegen. Na de currytafel legde ik vlot de resterende kilometers naar Meiktila af. Reeds om 14:15u na 114 km was ik op mijn bestemming. Onderweg bedacht ik dat ik vanavond nog een nachtbus zou kunnen nemen naar Bago in het zuiden, in plaats van in Meiktila te overnachten. Na mijn aankomst in Meiktila kocht ik meteen een busticket voor mezelf (8.500 Kyat / 6,40 EUR) en mijn ligfiets (11.000 Kyat / 8,25 EUR). Vervolgens bezocht ik het stadje, dat ik snel gezien had. Ik had nog een uurtje over voor het donker zou worden. Ik besloot om eens rond het meer van Meiktila te fietsen. Helaas reed ik verkeerd, en zat ik in een ‘dead end’. Om niet verder te verdwalen keerde ik veiligheidshalve terug.

De gouden eendenboot van Meiktila

Vervolgens restte me nog één ding voor ik om 19:00u op de bus zou stappen: eten. Vlakbij de bushalte vond ik een restaurantje op de stoep. Na het eten wachtte ik hier tot het tijd was voor de bus. Ik ben er ook naar het toilet geweest, en zag op deze manier hoe de familie leefde. Het gebouw had slechts één grote kamer. Links stonden bamboe bedden voor de hele familie, rechts werd in beslag genomen door de keuken van het restaurant. Aan de andere kant was een deur naar een deels overdekte koer. Behalve een deel van de restaurantkeuken, stond hier ook het toilet met wanden van golfplaat. Binnen in het kotje was een Franse WC in de grond, die men doorspoelde met een kommetje water.

Meiktila kwam enkele maanden geleden negatief in het nieuws na zware rellen tussen boeddhisten en moslims. De rellen ontaardden in een pogrom tegen moslims, waarbij moskeeën en moslimhuizen in de vlammen opgingen, en enkele moslims gelyncht werden. Ik vermoed dat de rellen zich in de buurt van de bushalte afspeelden. Hier waren een tweetal gesloten moskeeën, en uitgebrande huizen stonden leeg of werden verbouwd. Bovendien waren er ook heel wat lege bouwpercelen waar huizen van de grond af aan werden heropgebouwd. Op één van de ruïnes wapperde een boeddhistisch vlaggetje als symbool van verovering.

Moskee in Meiktila

De bus was een wat ouder model met minder comfort dan bij de heenreis. Toen ik opstapte was de bus bijna leeg. Vervolgens reden we twee à drie uren op secundaire wegen, en regelmatig pikten we nieuwe passagiers op. Pas na 22:00u reden we de autostrade richting Yangon op. De zetels waren zeer smal. Lichaamscontact met de onbekende Birmese buurman was onvermijdelijk, ook al waren we allebei smalle mensen.

Ligfiets in de koffer van de bus naar Bago

Fietsstatistieken:
129,15 km
6 u 13 min
20,74 km/u