30 november: Aankomst in Ayutthaya

Om half zes werd ik deze ochtend gewekt door dichtklappende bedden. Anderhalf uur later reed de trein het Hualamphong station van Bangkok binnen. De trein had een kwartier in het rangeerstation op een vrij spoor moeten wachten, en had zo een kleine vertraging opgelopen. Ik liep meteen naar de bagagewagon om mijn fiets af te halen.
wp-1480515528678.jpg
Daarna begaf ik me naar het loket om een ticket naar Ayutthaya te kopen. Voordat het in de 18de eeuw werd platgebrand door de Birmezen, was Ayutthaya de hoofdstad van Thailand. Tegenwoordig zijn de tempelruïnes Unesco Werelderfgoed. De provinciestad ligt 70 kilometer ten noorden van Bangkok. De eerste trein vertrok onmiddellijk. Op de eerstvolgende zou ik twee uur en half moeten wachten. Ik had eigenlijk eerst in de cafetaria van het station willen ontbijten. Terwijl ik de voor- en nadelen afwoog besloot de loketbediende in mijn plaats. Ze gaf me voor 20 Baht (0,53 EUR) een ticket derde klasse voor de trein die eigenlijk twee minuten geleden had moeten vertrekken. Ik haastte me naar perron 9. Bij de conducteur kocht ik een ticket voor mijn ligfiets voor 100 Baht (2,64 EUR), dat is het vijfvoudige van mijn eigen ticket. Voor de veel langere rit van Ubon Ratchathani betaalde ik 10 Baht minder. Ik bond mijn fiets vast en zocht een zitplaats. Vervolgens gebeurde er … niets! De trein van 7:00u vertrok pas een uur later.
Om 9:30u kwam de trein aan in Ayutthaya. Ik liep het eerste het beste restaurant binnen om te ontbijten. Vervolgens fietste ik 2,5 kilometer naar mijn hotel. Ik had het Baan Tebpitak Guest House op voorhand geboekt voor 1.389 Baht per nacht. Mijn kamer heeft de gebruikelijke functionaliteiten zoals airco, frigo en wifi. Daarenboven heeft het guest house een zwembad. Vermits ik vandaag de enige gast ben, heb ik het zwembad voor mij alleen.
Ik nam een douche en laafde me aan de wifi. Na een korte zwembeurt fietste ik naar het Tourist Information Center. Onderweg stopte ik bij het eerste het beste restaurant voor de lunch. De gebakken noedels waren zeer lekker, maar ik heb toch ongewoon lang moeten wachten. Nog voor ik het bezoekerscentrum bereikte, zag ik de eerste indrukwekkende tempel. De Wat Phra Ram ga ik morgen zeker in detail bekijken.
wp-1480515542018.jpg
Bezoekers van het Tourist Information Center volgen het parkeersignalisatie tot helemaal achteraan de enorme lege parking achter het Center. Toen ik mijn fiets parkeerde bleek de ingang vooraan te zijn. Op de tweede verdieping biedt het Center een inleidende presentatie over Ayutthaya aan. De presentatie focust op de stenen overblijfselen en het gewone leven van de vier eeuwen toen het de hoofdstad van Siam was. Elke tempel kwam aan bod, en ik had het hard om steeds te onthouden wat waar lag.
Na de inleiding fietste ik naar het zuidoosten. De oude stadskern van Ayutthaya bevindt zich op een eiland met rivieren rondom dat ongeveer 10 vierkante kilometer groot is. Ik verliet het eiland langs de oostelijke brug. Aan de overkant van het eiland tegen de rivier ligt de oude handelspost van de Verenigde Oostindische Compagnie. Met Nederlandse steun heeft men de fundering opgegraven en ernaast een museum gebouwd.
wp-1480515555016.jpg
Het museum vertelt het verhaal van handelsmissie van de VOC in Siam met behulp van tweetalige panelen en reproducties. Het inkomgeld bedraagt 50 Baht (1,32 EUR). Onder het museum is een museumcafé dat Nederlandse koffie zou schenken. Ik nam geen tijd om dit te verifiëren, want inmiddels was het reeds 16:00u en ik wilde nog twee tempels in de buurt bezoeken. Wat Phanam Choeng was een grote en moderne tempelsite. Ik arriveerde kennelijk langs een zij-ingang. Een groep militairen woonde een eredienst bij onder een overdekte parking. De afgelopen maand heb ik meer dan voldoende moderne tempels bezocht, dus fietste ik naar de tweede tempel. Op het terrein van de Wat Yai Chai Mongkhon stond wel een mooie oude stupa.
wp-1480515564515.jpg
Nadat ik hier een tijdje had rondgelopen en genoten, fietste ik terug naar mijn guest house. De hotelmanager vertelde me dat ze speciaal voor mij het zwembad had gekuist, dus sprong ik nog eens in het zwembad.
s’Avonds fietste ik naar twee restaurants aan de rivier die de Lonely Planet had aanbevolen. Toen ik op de plek aankwam trof ik geen enkel restaurant aan. Ik fietste verder en schakelde over op plan B, met name stoppen voor elk restaurant dat ik passeerde. Net toen ik de rivier wilde verlaten, zag ik het eerste van de twee restaurants. Het plannetje van de Lonely Planet was duidelijk niet correct. In het Saithong Restaurant stond “draft beer” op de menu. De afgelopen weken had ik uitsluitend flesbier gedronken. In tegenstelling tot Cambodja is tapbier in Laos en Thailand een zeldzaamheid. Hoewel er geen prijs werd vermeld bestelde ik impulsief het tapbier. Even later kreeg ik een getapte 33’er, maar op het aparte dranktafeltje plaatste de opdienster nog een extra literkan met bier. Met één pintje was ik al tevreden, een liter hoefde nu ook weer niet. Van zodra mijn glas halfleeg was goten de opdieners het glas terug vol.
Fietsstatistieken:
27,98 km
1 u 30 min
18,59 km/u

29 november: De hoogtepunten van Ubon Ratchathani

In afwachting op de nachttrein naar Bangkok bezocht ik overdag de hoogtepunten van Ubon Ratchathani. Eerst sliep ik uit tot 8 uur. Ik ontbeet in de lobby van het hotel met spiegelei en groenten en met toast en confituur. De overnachting was exclusief ontbijt, maar de oploskoffie in zelfbediening was wel inbegrepen. Ubon Ratchathani is een grotere stad dan verwacht. Mijn hotel lag verder van het centrum dan gepland. Daarom nam ik de fiets naar het eerste hoogtepunt.
wp-1480480287193.jpg
De tempel van Wat Thung Si Meuang had een oud houten bibliotheekgebouwtje dat in een vijver stond. Hier werden vroeger de beschreven palmbladeren bewaard. Op de palmbladeren schreef men traktaten over het boeddhisme en geschiedenis maar ook over natuurwetenschappelijke kennisdomeinen zoals geneeskundige planten. Tegenwoordig wordt de collectie elders in betere omstandigheden bewaard en onderzocht door wetenschappers. Maar enkele palmbladeren waren als voorbeeld in een lijst tentoongesteld. Ik liet mijn ligfiets achter bij de tempel en wandelde naar het gelijknamige park Thung Si Meuang. Hier stond deze gigantische gouden kaars op een bootje.
wp-1480480298291.jpg
Vervolgens wandelde ik een beetje doelloos door het winkelcentrum. Ik kwam onder meer een uniformenwinkel van het Thaise leger en politie tegen. Ze verkochten hier ook alle nodige accessoires zoals de rangtekens en afdelinginsignes. Je kon hier ook medailles kopen. Hiervoor moest je wat dieper in de buidel tasten. Een medaille kostte tussen 1.400 en 1.700 Baht (37,00 en 44,92 EUR). Twee straten verder botste ik op een muziekwinkel waar de voorste rekken gevuld waren met cassettes van Thaise artiesten.
wp-1480480310609.jpg
Na de lunch bezocht ik terug enkele tempels. Ik wandelde eerst naar Wat Tai. Naast de obligate boeddhabeelden was het terrein van deze tempel volgepropt met beelden van Thaise goden. Ik vond het wel iets hebben.
wp-1480480320781.jpg
Nadien wandelde ik terug naar de tempel waar ik mijn ligfiets had achtergelaten. Vervolgens fietste ik naar twee tempels in het westen van de stad. De tempel Wat Ubon Si Rattanaram zou pronken met een bijzonder jaden boeddhabeeldje. Volgens mij was het zo klein dat ik het niet heb gespot. De tweede tempel Wat Supatanaram had niets bijzonders behalve dat het middenin een middelbare school was gelegen. Dus fietste ik terug naar mijn hotel om mijn bagage op te pikken. Om 16:30u arriveerde ik aan het station.
wp-1480480332752.jpg
Ik ging meteen langs bij het bagageloket om een ticket voor mijn ligfiets te kopen. Maar de loketbedienden maakten me duidelijk dat er geen plaats was voor mijn fiets op de “Special Express” van 19:00u. Deze sneltrein had immers geen bagagewagon. Mijn ligfiets stond nochtans ostentatief naast mij toen ik gisteren mijn eigen ticket kocht. Ik had de loketbediende van de afdeling reizigers zelfs nog de weg gevraagd naar het bagageloket voor mijn fiets. Ik liet het rusten en boekte mijn ticket voor 50 Baht (1,32 EUR) om voor de “Rapid” trein van 19:30u. Deze trein had wel een bagagewagon. Vervolgens kocht ik voor 90 Baht (2,38 EUR) een ticket voor mijn fiets. Nadien at ik een bord gebakken noedels in een restaurantje tegenover het station. Toen ik nadien op een stoel op het perron wachtte, kwam de “Special Express” aan. De trein zag er blinkend nieuw uit. Jammer dat er geen bagagewagon aan hing. De “Rapid” vertrok een minuut te vroeg naar Bangkok, of misschien staat mijn klok niet meer juist? De steward begon meteen de zitplaatsen om te bouwen in stapelbedden. Gelukkig was er nauwelijks volk op de trein, zodat ik even verderop kon gaan zitten.
Fietsstatistieken:
12,75 km
0 u 42 min
18,12 km/u

28 november: Khong Chiam –> Ubon Ratchathani

De Thaise versie van noedelsoep is best eetbaar. In het restaurant waar ik deze ochtend ontbeet werd ze opgediend met lepel en vork. Noedelsoep eten met een vork in plaats van met eetstokjes was toch even aanpassen. Ik probeerde de noedels op z’n Italiaans met mijn vork op mijn lepel te draaien, en dat lukte aardig. Eten is hier heel goedkoop. Ik betaalde 40 Baht (1,06 EUR) voor de noedelsoep, dat is bijna 1.000 Kip (0,12 EUR) minder dan de goedkoopste noedelsoep die ik in Laos heb gegeten.
Omstreeks 8:40u lag ik op de fiets. Eerst klom ik terug de tempelberg boven Khong Chiam op. Nadien werd de weg langzamerhand vlakker maar nooit helemaal vlak. Tot mijn verbazing zag ik links en rechts van de weg koffieplantages. Ik dacht dat koffie pas vanaf enige hoogte gedijt, en ik bevond me niet veel boven het Mekongniveau. De koffiestruiken zagen er ook niet zo gezond uit. De onderste bladeren waren vergeeld.
wp-1480331236265.jpg
Na 34 kilometer stak ik in het stadje Phibun Mangsahan de rivier Mun over. Even later fietste ik terug op de brede snelweg tussen de grens en mijn eindbestemming Ubon Ratchathani. Het was druk op de snelweg. Gelukkig kon ik uitwijken naar een aparte zijstrook voor fietsers. Helaas werd de zijstrook in de dorpen ook als parkeerstrook gebruikt. Dan had ik in mijn achteruitkijkspiegels nodig om het aankomende verkeer te evalueren.
wp-1480331245821.jpg
Om elf uur stopte ik voor een uitzonderlijk vroege lunchpauze. Het eten is hier wel supergoedkoop, maar de porties zijn relatief klein. Daarom besloot ik om vandaag vier in plaats van de gebruikelijke drie maaltijden te nuttigen. Zo kan ik de hongerklop van gisterenavond voorkomen toen ik in het restaurant op mijn diner wachtte. Deze keer had ik wel eetstokjes ter beschikking om mijn noedelsoep te eten.
Nog voor de middag lag ik terug op de fiets. Even na 13u arriveerde ik na 78 kilometer aan het station van de stad Ubon Ratchathani. Het station ligt een eind buiten het centrum aan de andere kant van de rivier Mun. Ik kocht een ticket voor de nachttrein naar Bangkok van morgenavond. De loketbediende stelde een trein voor die niet in het rooster op de website van de Thaise spoorwegen wordt vermeld. De snelle “Special Express” trein vertrekt om 19:00u en komt de volgende ochtend reeds om 5:15u in Bangkok aan. Ik betaalde 821 Baht (21,70 EUR) voor het onderste bed in een gekoelde tweede klassewagon.
wp-1480331256544.jpg
Nadat ik mijn ticket had gekocht, rustte ik een half uurtje uit onder de stationsluifel. Vervolgens fietste ik de laatste 5,5 kilometer naar mijn hotel in het centrum van de stad. Ik had op voorhand een kamer in het T3 House geboekt voor 18,15 EUR. Bij deze boeking deed ik een financieel voordeeltje. Een ‘superior room’ kost immers 700 Baht (18,50 EUR) op de bonnefooi. Wellicht stond de wisselkoers drie maanden geleden gunstiger dan vandaag. De grote kamer stond een paar treden hoger in de luxeschaal ten opzichte van de hotels van de afgelopen week. Eindelijk terug een dekbed in plaats van een deken, en de grote badkamer had zelfs een regendouche. Nadat ik me onder de kunstmatige regenbui had gewassen, fietste ik een kilometer verder naar de Peppers Bakery. Ubon Ratchathani is een grotere stad, dus de afstanden zijn in verhouding. Ik trakteerde me op een kop ongezoete koffie en twee lekkere koffiekoeken voor 115 Baht  (3,04 EUR). Op de terugweg bezocht ik het tempelcomplex Wat Jaeng, maar de tempel zelf was gesloten. Dus parkeerde ik mijn ligfiets aan het hotel, en haalde in mijn kamer een gewassen maar compleet verrimpeld hemd. In de kleine wasserij op de hoek van de straat gaf ik het aan de dame achter de strijktafel. Ze streek het hemd vakkundig voor 20 Baht (0,53 EUR) terwijl ik toekeek. Vanavond kan ik gaan dineren in een versgestreken hemd.
Fietsstatistieken:
86,07 km
3 u 46 min
22,87 km/u

27 november: Champasak –> Khong Chiam

Overslapen, dat was me deze fietsreis nog niet overkomen. Ruim een half uur nadat de wekker had moeten afgaan keek ik toevallig naar de klok op mijn smartphone. Ik verschoot en haastte me om toch een beetje van de tijd in te halen. Het kleine winkeltje nabij mijn hotel bleek ook noedelsoep te serveren. Dat was handig, dan hoefde ik niet naar de verderaf gelegen toeristische restaurants te wandelen.
Even voor half negen lag ik op de ligfiets. Eerst fietste ik naar de verbindingsweg tussen Pakse en Thailand. De weg had dezelfde goede kwaliteit als gisteren en was grotendeels vlak. Maar in de open Mekongvlakte had ik de wind tegen. Mijn benen waren nog niet warmgelopen. Al gauw voelde ik de inspanning in de spieren boven mijn knieën. Onderweg passeerde ik twee tolbarrières, maar ik mocht zonder betaling doorfietsen.
wp-1480247921542.jpg
Na ruim 27 kilometer bereikte ik de verbindingsweg. Deze nieuw aangelegde weg had 2×2 rijstroken met perfect asfalt behalve bij de middelste 15 kilometer. In het middenstuk ontbrak de eindlaag en de wegmarkering. De wind werkte nu mee. In een flink tempo maalde ik de vlakke kilometers naar de Thaise grens. Pas de laatste kilometer voor de grens ging de weg omhoog. Zelfs inclusief een frisdrankpauze bereikte ik even voor de middag na 66 kilometer de grens. Hier spendeerde ik nog enkele duizenden van mijn resterende Kippen aan een kom noedelsoep. Deze kom was echt de allerlaatste op Laotiaanse bodem. Even later begaf ik me naar de grens.
wp-1480247932942.jpg
Er was weinig volk aan de Laotiaanse emigratiedienst. Na de betaling van 10.000 Kip (1,15 EUR) exitgeld stempelde de beambte mijn paspoort af. Gelukkig had ik nog voldoende Kip op zak. Uiteindelijk heb ik nog 26.000 Kip (2,99 EUR) over. Ik fietste in het niemandsland de heuvel verder op tot de Thaise immigratie. Ik vond niet meteen waar ik moest zijn. Aan een reeks gesloten slagbomen zag ik een bordje met een fietssymbool. Ik fietste onder de gesloten maar onbewaakte slagboom door. Dit kan je doen met een ligfiets, maar met een gewone trekkingfiets bots je natuurlijk tegen de bareel. Plots kwam ik aan de snelweg richting het Thaise binnenland. Indien ik wenste, kon ik makkelijk doorrijden en illegaal door Thailand reizen. Maar ik wilde de correcte procedure volgen zodat ik achteraf geen problemen krijg. Ik fietste nog eens rond het immigratiegebouw, en nu vond ik wel waar ik moest zijn. Tien minuten later was ik legaal in Thailand met een verblijfsvergunning voor 14 dagen. De rouwperiode voor hun overleden Koning is duidelijk nog niet voorbij. Maar de mensen droegen opmerkelijk meer kleur dan toen ik begin deze maand in Bangkok was. 
wp-1480247943247.jpg
Voorbij de grens liep een brede snelweg met 2×2 rijstroken naar het binnenland. De snelweg hield geen rekening met de talrijke heuvels en liep er recht over. In één van de steile afdalingen op de kaarsrechte weg van smetteloos asfalt heb ik mijn snelheidsrecord voor deze fietsreis scherpgesteld op 58,20 kilometer per uur. 
Elf kilometer voorbij de grens verliet ik de snelweg. Even later nam ik een ongewone colapauze. In plaats van een gekoeld flesje of blikje kreeg ik een plastiek zakje vol ijs. Hierin werd de warme cola uitgegoten en op deze wijze ogenblikkelijk ijskoud gekoeld. Het zakje werd verzegeld met een elastiekje alsof ik het mee naar huis zou nemen. Met een rietje dronk ik zo snel mogelijk de cola op voordat het te waterig werd.
Om 14:50u na 92 kilometer arriveerde ik aan het stadje Khong Chiam waar de rivier Mun in de Mekong mondt. Ik stopte bij het Ban Suan Peerada. Het uithangbord vermeldde geen type, dus ik weet niet of het een hotel, guest house, resort of lodge is. Ik had deze verzameling bungalows op Google Maps gevonden. Blijkbaar was ik de enige, want ik heb geen andere gasten gezien. De dame waarbij ik naar een kamer informeerde sprak geen woord Engels. Ze belde iemand die de taal wel sprak. De tweede dame vertelde me aan de telefoon dat een kamer 500 Baht (13,25 EUR) per nacht kost. Voor deze prijs heb ik een vrij grote bungalow met dubbel bed, airco, frigo, badkamer, wifi, en terras. Naast het bed staat een grote lage tafel, ideaal om mijn bagage op uit te stallen.
Ik zwierde mijn bagage af. Zonder te douchen fietste ik een kilometer verder naar de samenvloeiing van de twee rivieren. De Mekong heeft een rode kleur en de Mun eerder een donkerblauwe. De samenvloeiing geeft speciale effecten bij het mengen van deze twee kleuren. Het tweekleurenpunt is één van de twee belangrijkste attracties van Khong Chiam, maar ik was de enige bezoeker.
wp-1480247956533.jpg
Daarna fietste ik naar de andere bezienswaardigheid, met name een tempel die op een heuvel boven de stad ligt. De Wat Tham Khuha Sawan is op zichzelf zeker het bezoek waard. Maar de echte meerwaarde ligt in het prachtige uitzicht over de stad en de Mekong.
wp-1480247967027.jpg
Fietsstatistieken:
101,05 km
4 u 36 min
21,93 km/u

26 november: Wat Phu Champasak

Het restaurant waar ik gisterenavond had gedineerd heeft haar Mekongterras uitgerust met ergonomische tuinstoelen die een zitvlak en leuning van gaaswerk hebben. Dus besloot ik deze ochtend om in het Champasak With Love Restaurant te gaan ontbijten. Bovendien was het gisteren aardedonker en had ik de Mekong niet kunnen zien. Uit luiheid nam ik de fiets ofschoon het restaurant amper 500 meter van mijn hotel ligt. Maar ik miskeek me op het Mekonguitzicht. De zon stond vanochtend aan de andere kant van de Mekong, dus er was geen schaduw. Noodgedwongen nam ik plaats op een niet-ergonomische houten stoel verder weg van de Mekong.
Omstreeks 9:45u vertrok ik met de ligfiets naar de Unesco Werelderfgoedsite van Wat Phu Champasak op 10 kilometer van mijn hotel. De eerste kilometers fietste ik op de hoofdbaan van bijna-Europese kwaliteit. Helaas ging de hoofdbaan twee kilometer verder abrupt over in een brede aardeweg. De verharde weg werd afgeleid naar de smallere parallelweg langs de Mekong. Toen beide wegen elkaar terug ontmoetten op twee kilometer van Wat Phu, werd de kwaliteit van het asfalt terug opgetrokken tot het niveau van het eerste stuk. Het begin en einde van de hoofdbaan waren reeds klaar, maar aan de verharding van het stuk tussenin moest men nog beginnen.
wp-1480153085321.jpg
Ik legde mijn fiets op de parking vast aan de paal van een afdak, en wandelde naar de inkom. Sinds de publicatie van de Lonely Planet in februari 2014 was het inkomgeld fors opgeslagen. Ik betaalde 50.000 Kip (5,76 EUR) in plaats van 30.000 Kip. Voor de volgende 24 uur zal ik mijn buikriem een beetje moeten aantrekken, want ik heb slechts 225.000 Kip (25,93 EUR) over. Morgen fiets ik terug naar Thailand en verlaat ik Laos. Daarom probeer ik rond te komen met de resterende Kip.
Wat Phu stamt uit dezelfde periode en cultuur als de bekende Angkor Wat site in Cambodja. De oudste resten dateren van de vijfde eeuw na Christus. Een soort van golfkarbusje pikte me voorbij de ingang van de site op. We reden rond een rechthoekige ceremoniële vijver (barray) met een lengte van 500 meter. Aan de andere kant moest ik te voet verder. Langs een zuilengalerij kwam ik aan twee grote stenen gebouwen die symmetrisch tegenover elkaar lagen.
wp-1480153111701.jpg
Het noordelijke gebouw was reeds gerestaureerd. In het zuidelijke gebouw werkten tientallen arbeiders naarstig aan de restauratie.
wp-1480153127213.jpg
Voorbij de tweelinggebouwen leidde een steile trap naar een tempel onderaan de flank van een berg. Het heiligdom lag verborgen onder enkele hoge bomen. Op het terras van de tempel had ik een prachtig uitzicht op de Mekongvlakte.
wp-1480153145173.jpg
Op de terugweg stopte ik voor een late lunch. Mogelijk at ik deze middag mijn laatste noedelsoep in Laos. Tegen 15u arriveerde ik terug aan het hotel. Even later wakkerde de wind aan en schoven er grijze wolken voor de hemel. Ondanks de onweersdreiging bleef het droog.
Fietsstatistieken:
22,06 km
1 u 2 min
21,43 km/u

25 november: Tat Fane –> Champasak

Vandaag stond een korte rit van 60 kilometer op het programma. De helft ervan was afdalen, dus maakte ik geen haast om te vertrekken. Na het ontbijt hielp ik de hotelmanager bij het installeren van een app op zijn iPhone. Iets na half tien lag ik op de ligfiets voor een afdaling van 31 kilometer tot aan de vertrouwde snelweg #13. De weg had amper bochten en was lang niet zo steil als ik had verwacht. Zonder te remmen haalde ik maximaal 45 kilometer per uur.
wp-1480072355622.jpg
Na een dik uur bereikte ik de afslag. Snelweg #13 bleef hoofdzakelijk dalen met af een toe een kort knikje omhoog. Zelfs met een colapauze bereikte ik al om 12u het moment van afscheid aan kilometerpaal 698. De telling van de palen van snelweg #13 begon in de hoofdstad Vientiane, dus ik heb vele honderden van deze witte palen met rode kop voorbijgefietst.
wp-1480072383412.jpg
Ik koos een noedelshop uit voor de lunch. Vervolgens liet ik snelweg #13 definitief achter mij, en sloeg rechtsaf een smalle verharde weg in. Na 4,5 km slalommen tussen de putten bereikte ik de Mekong. Onder een schraal afdak op de bedding van de brede rivier stak een vrouw drie vingers op. Dus betaalde ik haar 30.000 Kip voor de veerdienst naar de overkant. Een man met een klein bootje meerde net aan. De vrouw deed teken om in te stappen. Ik bracht mijn fiets en bagage aan boord. Na een fotomoment vertrokken we onmiddellijk naar de overkant.
wp-1480072397662.jpg
Vijf minuten later landden we in Champasak. Twee fietskilometers verder arriveerde ik bij het Siamephone Hotel. Hier nam ik voor 100.000 Kip een kamer met dubbel bed, badkamer, airco, en wifi. Onderweg had ik in een ijzerhandel een waslijn gekocht. Ik maakte de waslijn vast aan twee palen en hing mijn was te drogen. Mijn vorig hotel, het Tat Fane Resort, had deze ochtend mijn propere was vochtig teruggegeven. Wegens de regen van gisteren en het supervochtige lokale klimaat was het niet gelukt om de was tijdig te drogen.
Terwijl mijn kleren droogden, verkende ik te voet het dorpscentrum. Champasak was in de Franse koloniale tijd een marionettenkoninkrijkje. Tot een halve eeuw geleden leefde hier een echte koning. De uitroeping van de volksrepubliek in 1975 betekende de doodsteek voor het koningshuis. Het stadje gleed langzaam af naar de huidige status van slaperig dorp. Niet ver van het centrum bevindt zich de 19de-eeuwse koninklijke tempel van Wat Nyutthitham. In de voortuin staan de grafmonumenten van enkele koningen van Champasak.
wp-1480072422528.jpg
Fietsstatistieken: 
60,31 km
2 u 10 min
27,83 km/u

24 november: De watervallen rond Tat Fane

De koffie bij het ontbijt was veruit de lekkerste die ik in de afgelopen drie weken in Laos had gedronken. Het resort brouwde de koffie met lokale koffiebonen op een espressomachine. Na het ontbijt bekeek ik de Tat Fane waterval grondiger dan de snelle blik van gisteren.
wp-1479986328819.jpg
Vervolgens maakte ik me klaar om naar de nabijgelegen Tat Yuang waterval te wandelen. Op de kaart van Maps.me stond een rechtstreeks wandelpad tussen de twee watervallen ingetekend. Het pad slingerde door dicht struikgewas en liep na een halve kilometer dood op een theeplantage. Noodgedwongen keerde ik terug naar het hotel. De manager bevestigde me dat Tat Yuang uitsluitend bereikbaar is via de snelweg. Daarom besloot ik naar de andere waterval te fietsen. Eerst gaf ik mijn ligfiets een beperkte onderhoudsbeurt. Met een wegwerptandenborstel poetste ik het aangekoekte vuil van de tandwielen. Vervolgens smeerde ik de ketting. Pas om 11:40u lag ik op de ligfiets. Eerst de halfverharde oprit naar de snelweg, dan 2 km zacht klimmen, en ten slotte nog eens 800 meter onverharde weg. Ik parkeerde mijn ligfiets aan de bareel en betaalde 5.000 Kip (0,58 EUR) parkeergeld plus 10.000 Kip (1,15 EUR) inkomgeld. Van de bareel tot aan de waterval was het nog 200 meter. Eerst bezocht ik de bovenkant van de waterval.
wp-1479986342510.jpg
Toen ik terugkeerde schoof ik uit op de gladde aardeweg. Ik bezeerde mijn pols en mijn broek zat vol rode moddervegen. Gelukkig fiets ik hier rond op een ligfiets en moet ik niet op mijn pols steunen. Ik waste mijn modderhanden in het toilet, en daalde zeer voorzichtig de glibberige trap naar de bodem van de waterval af. Ik had net het uitzichtpaviljoen bereikt toen de hemelsluizen openden.
wp-1479986359563.jpg
Ik schuilde hier een kwartier tot de bui over was en keerde droog terug naar mijn druipnatte fiets. Moeizaam fietste ik over de onverharde oprit terug naar de snelweg. Vlak voor de snelweg stopte ik aan een noedelshop voor een late lunch. Dit was een goede timing, want even later begon het opnieuw te regenen. Op het gemak at ik mijn noedelsoep. Vervolgens kwam ik droog aan bij het resort. Ik besloot om de rest van de namiddag in het resort door te brengen. Aan de andere kant van de snelweg was ook een waterval, met name de Tat Champee. Maar mijn fietssandalen hadden vandaag duidelijk bewezen dat ze ongeschikt zijn voor een wandeling van drie kilometer over een glibberige aardeweg. Voor mijn teenslippers geldt hetzelfde. Op mijn balkon keek ik naar lage wolken die de waterval bij tussenpozen volledig bedekten.
wp-1479986373664.jpg
Fietsstatistieken:
6,79 km
0 u 29 min
13,97 km/u

23 november: Tat Lo –> Tat Fane

Omdat ik de zwaarste rit van mijn fietsreis verwachtte, stond ik deze ochtend al om 6:30u op. Ik ontbeet in hetzelfde restaurant als gisteren. De Duitser Michael die ik gisterenavond had ontmoet stond op punt om met zijn mountainbike te vertrekken. We spraken af om boven in Paksong op 1.300 meter hoogte een kop koffie te drinken. Uiteraard wisten we geen van beiden wanneer we daar zouden arriveren, dus deze afspraak was louter voor de vorm. Vandaag bestelde ik de “French toasts”. Tot mijn verrassing werd geen geroosterd Frans brood opgediend maar wentelteefjes met een schaal honing als dipsaus. Noemt het restaurant daarom Honey Bee? Ze smaakten alvast heerlijk. De spiegeleieren die ik bij de toast had besteld vormden wel een vreemde combinatie met de wentelteefjes. Op de onderstaande foto kuieren moeder de zeug en twee van haar kleintjes in de richting van het Honey Bee Café.
wp-1479905139469.jpg
Om 7:40 lag ik op de ligfiets voor een zware etappe met meer dan 1.000 hoogtemeters. Eerst volgde ik snelweg #20 vijf kilometer naar het oosten. Na de afslag in weg #1H begon deze baan al gauw flink te stijgen. De eerste vijf kilometers waren zwaar, maar nadien zwakte het stijgingspercentage gevoelig af. Langs de kant van de weg groeide een weelderige groenpracht waar de gele bloemen de boventoon voerden.
wp-1479905152207.jpg
Mooi op schema bereikte ik om 10 uur het stadje Thateng op 800 meter hoogte. Hier hield ik een verdiende colapauze en trok ik een droge T-shirt aan. Mijn eerste T-shirt was kletsnat van het zweet na de eerste zware beklimming. Vervolgens fietste ik rechtdoor op de snelweg #16 richting Paksong en Pakse. De weg klom geleidelijk zonder echt steile stukken. Af en toe mocht ik zelfs kortstondig dalen. De lucht werd evenwel zorgwekkend donkergrijs.
wp-1479905165987.jpg
Na ruim 55 km op een hoogte van 1.200 meter stopte ik ’s middags aan een kleine noedelshop. Ik was de enige eter terwijl een half dozijn lokale mensen mij en mijn ligfiets aangaapten. Vijf kilometer verder bereikte ik de top van 1.300 meter. Eigenlijk is ‘top’ hier niet van toepassing. Bovenop het plateau leek het landschap verbazingwekkend vlak. Die 1.300 meter konden er evengoed 300 zijn. Om echt scherpe bergen te zien moet je niet hier zijn. Op dat vlak was het karstgebergte rond Thakhek veel indrukwekkender. Na vier kilometer zacht afdalen kwam ik aan in het stadje Paksong. Dit is de hoofdstad van deze koffieregio. Daarom stopte ik omstreeks half twee aan een koffiebar. Toen mijn koffie bijna op was arriveerde de Duitser Michael. Hij had met zijn mountainbike een onverharde weg genomen. Die weg was in zulke slechte staat dat hij verderop de aansluiting op de verharde snelweg had gezocht. Hij bestelde ook een koffie en zette zich aan mijn tafeltje. Even later begon het te regenen. De hemelsluizen gingen volledig open.
wp-1479905180178.jpg
We wachtten allebei tot het over was, maar de regen werd telkens terug harder. Na anderhalf uur besloot Michael om in de regen te vertrekken. Hij moest nog 50 km afdalen tot Pakse. Hopelijk heeft hij zijn bestemming gehaald voor het al te donker werd. Ik bereidde me ook voor op een regentocht. Tien minuten na hem vertrok ik in de miezer, maar even later kreeg ik toch de volle lading over me heen. Gelukkig moest ik nog maar 14 km afdalen tot het Tad Fane Resort aan de gelijknamige waterval. Doorweekt bereikte ik om 16:30u het resort. De regenhoezen hadden mijn banaantassen gelukkig droog gehouden. Ik had op voorhand geen kamer in het resort geboekt. Gisterenavond surfte ik naar een boekingsite die me met aandrang wees op de “laatste 5 kamers!”. Uiteraard hield ik mijn hoofd koel en was er zonder reservering een kamer voor me vrij. De inschrijving duurde bijna een half uur. Met potlood noteerde de hotelmanager moeizaam mijn gegevens in het hotelregister. Toen vroeg hij hoelang ik bleef. Ik antwoordde twee nachten, en vervolgens gomde hij mijn gegevens terug uit. Op een andere pagina begon hij opnieuw mijn gegevens te schrijven, en nadien nog eens op een tweede pagina. De inschrijvingsprocedure kan duidelijk een pak efficiënter. Tussendoor dronk ik de aangeboden hete thee en wierp ik een snelle blik op de Tat Fane waterval.
wp-1479905193899.jpg
Tegen 17u stond ik eindelijk onder een warme douche. Door de combinatie van de hoogte en de natte kleren had ik het een beetje koud gekregen.
Fietsstatistieken:
81,10 km
4 u 35 min
17,70 km/u

22 november: De watervallen van Tat Lo

Het Honey Bee Café schuin tegenover mijn guest house had een uitgebreid scala aan westerse en oosterse ontbijten op de menukaart staan. Ik koos voor de müesli met fruit en yoghurt. Helaas hadden twee gasten net voor mij besteld. Eerst werden hun bestellingen gemaakt, en daarna pas mijn müesli. De tas lauwe koffie werd wel tussendoor geserveerd.
Na het ontbijt wandelde ik naar de eerste waterval. De Tat Hang is reeds zichtbaar vanaf de brug in het dorp. Dwars door een lodge van de hogere prijsklasse wandelde ik naar de top. De waterval bestaat eigenlijk uit twee watervallen naast elkaar met in het midden een brede rots. Onderweg naar de tweede waterval stopte ik even om mijn voeten in het water te steken.
wp-1479811995901.jpg
De eigenlijke Tat Lo waterval was spectaculairder dan de eerste. Na een klauterpartij over de rotsen bereikte ik het uitzichtpunt aan de onderkant van de waterval.
wp-1479812015557.jpg
Vervolgens nam ik het pad naar de top. Een wegwijzer gaf aan dat de derde waterval nog 3,4 km verder was. Maar in een dorpje van een etnische minderheid ontbrak de signalisatie naar de Tat Soung waterval. De kaart van Maps.me gaf ook geen wandelpad aan. Noodgedwongen keerde ik terug naar mijn guest house.
Gisteren had ik mijn mobiel krediet overschat. Na de publicatie van mijn blogbericht was het krediet er volledig doorgejaagd en was ik afgesloten van het world wide web. Daarom fietste ik ’s middags terug naar het grotere dorp aan de snelweg in de hoop mobiel krediet te kunnen bijkopen. In Tat Lo is alleen belkrediet te verkrijgen. Bij het eerste winkeltje met Mphone reclame vroeg ik naar internetkrediet. De verkoopster verkocht me een kraskaartje van 10.000 Kip (1,15 EUR). Dit bedrag werd evenwel gewoon opgeteld bij mijn resterende belkrediet van 13.399 Kip. Ik verwerkte snel de teleurstelling en ondernam een tweede poging in een klein winkeltje van smartphones. De man wilde me een gelijkaardig kraskaartje verkopen voor dezelfde prijs. Hij beweerde dat het 1,5 GB aan mobiele data waard was. Ik liet me overhalen, en plots had ik 33.399 Kip belkrediet. Maar dan toetste hij een bepaalde USSD code in, en plots was het kraskaartje geconverteerd in 250 MB mobiele data. Dit is slechts een zesde van de beloofde data, maar toch was ik tevreden. Even verderop lunchte ik in een noedelshop terwijl ik de krant downloadde. De kokkin diende mijn eerste noedelsoep met kip op sinds ik in Laos rondfiets. Gewoonlijk wordt noedelsoep met rundsvlees en/of varkensvlees bereid.
wp-1479812030504.jpg
Na de middag ondernam ik een tweede poging om Tat Soung te zien. Ik fietste langs de rechteroever stroomopwaarts het dorp uit. De weg maakte meteen een steile knik omhoog. Vervolgens bleef de weg nog ruim drie kilometer zacht stijgen. In een etnisch dorpje legde ik mijn ligfiets vast aan het bord “Tad Soung Waterfall 800 m <–“. Te voet wandelde ik dwars door het dorpje naar de rivier. Op de oever werkten de vrouwen en de meisjes in de moestuin. De jongens voetbalden op het dorpsplein.
wp-1479812052574.jpg
De pad werd steeds smaller, en het struikgewas steeds dichter en hoger. Uiteindelijk gaf ik het op en maakte ik rechtsomkeer. Vanop de ligfiets had ik Tat Soung reeds in de verte gezien. Sinds de  constructie van een waterkrachtcentrale is het debiet van de waterval beperkt tot een gecontroleerde pisstraal. De ooit indrukwekkende waterval heeft zeker in het droge seizoen het merendeel van haar vroegere allure verloren.
s’Avonds in het restaurant sprak ik met een Duits koppel fietsreizigers. Ze werkten allebei voor een ngo in Cambodja. Zij reisde met een gewone fiets, hij met een Challenge Seiran. Ligfietsen in Laos wordt bijna mainstream.
Fietsstatistieken:
14,61 km
0 u 49 min
17,87 km/u

21 november: Pakse –> Tat Lo

Vermits ik een zware rit verwachtte, stond ik vroeg op. Aan het ontbijtbuffet van het hotel stapelde ik mijn bord vol met de lekkerste dingen van gisteren. Vóór 8:00u vertrekken kon vandaag niet. Ik moest eerst langs het postkantoor om de ansichtkaarten in de bus te steken. Vervolgens zette ik koers naar Tat Lo aan de voet van het Bolaven Plateau. Dit toeristisch dorpje ligt aan enkele watervallen. Iedereen noemt het dorp naar de belangrijkste waterval, maar eigenlijk is de officiële naam Ban Saen Vang.
Pakse ligt vlak aan de Mekong, dus moest ik opnieuw de Mekongvlakte verlaten. In de buitenwijk van Pakse begon reeds de kilometerslange beklimming op een drukke baan. Aan weerszijden van de snelweg liep een brede aardeweg. Ooit zal men de capaciteit verdubbelen, maar die dag is nog niet aangebroken.
 wp-1479725079830.jpg
Pas na 22 kilometer bereikte ik de top op meer dan 400 meter hoogte. Op de top sloeg ik linksaf de snelweg #20 naar Salavanh in. Enkele kilometers verder zag ik de eerste koffiestruiken waarvoor het Bolaven Plateau bekend is.
 wp-1479725249283.jpg
Eerst mocht ik 8 km heerlijk afdalen. Dan begon de weg fel op en neer te gaan. Vaak daalde de weg steil af naar een riviertje. De gammele bruggen tegen 50 kilometer per uur oversteken zou ronduit roekeloos zijn. Dus remde ik steeds af naar een voorzichtige 15 kilometer per uur. Voorbij de brug klom de weg terug steil omhoog, en kon ik vanuit quasi-stilstand opnieuw aanzetten.
 wp-1479725231230.jpg
Na ongeveer 45 kilometer begon de tweede beklimming van de dag. De klim hield zeker 10 kilometer aan. Het was stilaan middag toen ik de top bereikte. Enkele kilometers verder stopte ik met gemengde gevoelens aan een noedelshop. Uit de luidsprekers knalde oorverdovende muziek. Ik besloot om toch te stoppen, want ik had geen zin om verder te fietsen met een lege maag. Ostentatief deed ik mijn oordopjes in. De kokkin begreep het gebaar, en liet de muziek afzetten. Minder luid mocht van mij ook, maar nu kon ik wel in alle rust eten.
De derde en laatste beklimming van de dag begon voorbij de districtshoofdplaats Lao Ngam. In vergelijking met de vorige twee vereiste de klim weinig inspanning. Maar boven bereikte ik met een hoogte van meer dan 600 meter wel het dak van deze etappe. Hierna daalde de rechte weg 10 kilometer lang zonder veel bochten. De talloze gele bloemen langs de kant van de weg maakten van de zware rit ook een prachtige etappe.
 wp-1479725267175.jpg
Om tien voor drie kwam ik aan in het dorp Tat Lo. Ik stopte bij mijn eerste keuze, maar het kleine Fandee Guest House was volzet. Het Palamei Guest House had geen kamer met private badkamer ter beschikking. Ik besloot alle adressen van de Lonely Planet aan de kant te leggen. Honderd meter terug informeerde ik bij het nagenoeg verlaten Chitphanya Guest House. In dit enigszins verwaarloosde motel nam ik voor 100.000 Kip (11,31 EUR) een kamer met dubbel bed en airco. De inclusieve badkamer heeft een warme douche en een westerse toiletpot. Wifi is er niet, maar dat is ook bij de overige guest houses in het dorp een schaars goed. Gelukkig heb ik nog voldoende krediet voor mobiel internet. Uiteraard kan deze motelkamer niet op tegen de charme van een houten paalhut.
Fietsstatistieken: 
89,13 km
4 u 45 min
18,77 km/u

20 november: Rondkijken in Pakse

Uitgeslapen verscheen ik rond half negen in de ontbijtzaal van het hotel. Op het gemak genoot ik van het uitgebreide ontbijtbuffet. De cakejes, rijsttaart en minipannenkoekjes spoelde ik door met drie tassen koffie. Omstreeks tien uur vertrok ik met de ligfiets. Langs de Mekong fietste ik naar het oosten van de stad. Hier in Pakse kijk ik voor het eerst vanaf de linkeroever eens niet op Thailand uit. Even stroomopwaarts ontdubbelen de Mekong en de grens. De rechteroever bij Pakse is dus gewoon een deel van Laos.
wp-1479648784655.jpg
Drie kilometer van mijn hotel bereikte ik de eerste bestemming, met name de Talat Dao Heung. Volgens de Lonely Planet is dit een ochtendmarkt van verse producten. In het overdekte shoppingcentrum wordt evenwel voornamelijk kledij en cosmetica verhandeld. Alleen in de rand zag ik kraampjes met bijvoorbeeld gedroogde vis. Ik vond niet meteen een geschikte plek om mijn fiets in de schaduw te parkeren. Eén van de parkeerwachters bood spontaan zijn eigen motorfiets aan om mijn ligfiets aan vast te maken. Ik accepteerde het aanbod, en bevestigde het slot rond het handvat van de motorfiets. Toen ik hem geld voor deze dienst aanbood, weigerde hij stellig dit te aanvaarden. Ik kuierde een half uurtje lukraak op de markt. Toen ik terugkwam trof ik mijn fiets onbewogen aan.
wp-1479641156811.jpg
Van de markt fietste ik naar het Champasak Heritage Museum. Dit museum was helaas gesloten in het weekend. Vervolgens keerde ik terug naar het hotel voor een sanitaire stop. Ik liet mijn ligfiets achter op de parking van het hotel. Te voet bezocht ik de nabije Wat Luang naast de rivier Xe Don. De tempel was verlaten, dus kon ik zonder gêne met de zelfontspanner de onderstaande foto maken.
wp-1479641183919.jpg
Na de lunch van rijst met kip en paprika stapte ik terug op de fiets. In de voormiddag was ik reeds voorbij Wat Tham Fai gefietst. Toen gaf ik de prioriteit aan de sanitaire stop boven het bezoek aan deze tempel. Ik had me de moeite om terug te keren kunnen besparen. Het grote terrein van de tempel was helemaal verlaten en er was weinig te zien. Binnen de 20 minuten stond ik terug aan het hotel. Ik parkeerde mijn fiets en wandelde naar het Champasak Plaza Shopping Centre op 100 meter van het hotel. Deze overdekte marktplaats was kleiner dan de Talat Dao Heung, maar de aangeboden koopwaren hadden veel gelijkenissen. In een hoekje op de eerste verdieping verkocht men ligfietstoestellen om te fitnessen. De rugleuning kon nog een heel stuk naar achter om een natuurgetrouwe ligfietservaring te verkrijgen.
wp-1479641209429.jpg
Halverwege de namiddag rondde ik het rondkijken in Pakse af. Ik trok me terug in mijn hotelkamer om ansichtkaarten te schrijven.
Fietsstatistieken:
9,76 km
0 u 34 min
17,01 km/u

19 november: Napong –> Pakse

Ondanks de harde matras heb ik goed geslapen. Zo goed dat de wekker me uit een droom haalde. Ik wandelde naar het dorp voor een kom noedelsoep. Ik verschoot toen ik afrekende. De dame van de noedelsoep vroeg 20.000 Kip (2,31 EUR), dat is dubbel zoveel als gewoonlijk. Rond half negen begon ik aan de laatste etappe naar Pakse. Aan weerszijden van de weg doemden er steile heuvels op.
wp-1479555535676.jpg
De weg ging licht op en neer tot kilometer 33. Dan volgde bijna 15 kilometer met vals plat en enkele heuvels. Eenmaal dit voorbij ging het tempo terug omhoog.
wp-1479555575007.jpg
Ergens onderweg fietste ik voorbij een ambachtelijk verwerkingsbedrijfje van PMD-afval. De tuin van een hutje met een golfsplaten dak stond vol puinzakken met PET-flessen. Tussen de puinzakken lag het vol plastic flessen.
wp-1479555587184.jpg
Na ongeveer 62 kilometer verdriedubbelde het aantal rijstroken per richting. Het leek een beetje op een Belgische autostrade maar dan met amper verkeer en een aparte fietsstrook. Twee kilometer verder stopte ik eindelijk voor de lunch. Ik keek reeds geruime tijd uit naar een geschikte noedelshop, maar geen enkele voldeed aan mijn voorwaarden. Ofwel was er geen schaduw, ofwel geen zitplaatsen met leuning, ofwel zat de noedelshop reeds barstensvol.
wp-1479555604546.jpg
Toen ik na de lunch terug vertrok, bereikte ik onverwacht snel mijn eindbestemming. Volgens Maps.me zou ik moeten omrijden wegens een ontbrekende brug over de rivier Xe Don. Vlak na de luchthaven was er een afslag naar links, maar ik volgde rechtdoor de hoofdbaan. Dit bleek de juiste keuze te zijn, want 20 minuten na mijn lunchpauze stond ik reeds in het centrum van de stad Pakse.
wp-1479555617411.jpg
Even later stopte ik aan het Paksé Hotel. Hier had ik van thuis uit rechtstreeks bij het hotel een kamer geboekt voor 420.000 Kip of 52,50 $. Mijn kamer is duidelijk kleiner dan de motelkamers van de afgelopen dagen, maar compenseert dit in luxe. Voor het eerst sinds Vientiane nam ik de lift naar boven.
Bij de stadsverkenning keek ik speciaal uit naar wasserijen. Ik spotte er twee onderweg. Toen ik langs de andere kant terug aan mijn hotel kwam, zag ik er nog één schuin tegenover mijn hotel. Ik haalde mijn vuile was op in mijn kamer, en deed het binnen voor 25.000 Kip (2,88 EUR). Toen was het 16u en koffietijd. In het Sinouk Café bestelde ik een dubbele espresso en een koffiekoek met amandelen. De koffie teelt het café op de eigen plantage op het Bolaven Plateau. Over vier dagen beklim ik dit plateau, dus dit was een klein voorafsmaakje.
Fietsstatistieken:
70,02 km
3 u 21 min
20,88 km/u

18 november: Ban Nonphay –> Napong

Na een goede nachtrust op een extreem dikke en degelijke matras stond ik om 6:40u op. Ik wandelde naar de noedelshop waar ik gisteren de stamgast was. Nu serveerde de kokkin wel noedelsoep. Iets na acht uur lag ik op de fiets. Na 16 km kwam ik in een onaangekondigde meeting van wereldfietsers terecht. Eerst kruiste ik een koppel jonge Zuid-Koreanen. We waren elkaar nog aan het begroeten, toen er uit mijn richting een geroutineerde Zwitserse fietsreiziger aankwam. Dagenlang kwam ik geen fietsreizigers tegen, en nu drie tegelijkertijd. Vijftien kilometer verder stak ik nog twee vrouwelijke fietsreizigers voorbij, maar ze hadden me niet gezien. Ik keuvelde enkele minuten met de Koreanen en de Zwitser en ik fietste verder.
wp-1479466622977.jpg
Enkele kilometers verder had ik iets te vieren, met name de duizendste fietskilometer van deze fietsreis. De weg had geen zin om mee te vieren. Ik had voortdurend het gevoel dat de weg vals plat afwisselde met heuvels zonder veel afdalingen. Het wegdek van ruw asfalt bevatte dikke kiezels. Omdat ik trager dan verwacht fietste, besloot ik om de gebruikelijke frisdrankpauze over te slaan. Pas na 68 km verdween de valsheid van de weg en had ik eindelijk een rechtvaardig fietsgevoel. Ik stopte om 12:20u na 74 km aan een kleine noedelshop voor een snelle lunchpauze. Veertig minuten later lag ik terug op de fiets.
wp-1479466639850.jpg
De eindbestemming van deze etappe was Khong Xedong. Maar op 7 kilometer van dit kleine stadje zag ik vlak voor het dorp Napong een guest house. Napong ligt aan de afslag naar de provinciehoofdstad Salavanh. Ik twijfelde om hier al te stoppen. Maar toen ik in het dorpscentrum tal van restaurantjes zag, besloot ik om hier te overnachten. Het Keobouasay Xokpaseuth Guest House ligt 200 meter van de snelweg. Het lijkt een architecturale kopie van het guest house van gisteren. Drie rijen kamers in U-vorm met vooraan een balkon over de volledige lengte. Voor 80.000 Kip (9,05 EUR) nam ik een kamer met een dubbel bed en een badkamer met warme douche. De matras is een flink stuk dunner en harder dan gisteren. Er hangt een aircotoestel aan de muur, maar zonder afstandsbediening werkt de airco natuurlijk niet. In tegenstelling tot gisteren kwam het guest house de belofte van wifi wel na.
wp-1479466657520.jpg
Toen ik terugkwam van de gebruikelijke dorpsverkenning, vroeg ik de hotelbaas naar de afstandsbediening. Met gebaren maakte hij duidelijk dat hij me de afstandsbediening zou geven voor een extra 20.000 Kip (2,26 EUR). Ik was opnieuw flink aan het zweten na de korte wandeling, dus ik betaalde met plezier de meerprijs.
wp-1479466673603.jpg
s’Avonds wandelde ik terug naar het centrum. In de talrijke restaurantjes schafte de pot overal hetzelfde: gespietste dieren op de barbecue met kleefrijst. Wijselijk koos ik niet voor de kikkers en onbekende diersoorten, maar hield ik het bij een volledige kip. Het was een mager beestje, veel vlees zat er niet aan. Ze werd opgediend in grof gehakte stukken met alles erop en eraan, ook de gegrilde kop en de poten met de nagels. Ik betaalde 45.000 Kip (5,09 EUR) voor de hele kip plus 5.000 Kip (0,57 EUR) voor het mandje kleefrijst.
Fietsstatistieken:
97,29 km
4 u 43 min
20,59 km/u

17 november: Savannakhet –> Ban Nonphay

In de buurt van mijn hotel zijn verschillende (afhaal-)restaurantjes. Ze serveren allemaal barbecue en koud buffet. Maar ik had geen zin in barbecue als ontbijt. Uiteindelijk vond ik toch een noedelshop waar ik met de inmiddels vertrouwde noedelsoep ontbeet. Om half negen lag ik op de fiets voor een relatief korte etappe. In drie dagen fiets ik naar de stad Pakse. De eindbestemming voor vandaag was het kleine stadje Pakxong op een kleine 75 kilometer van Savannakhet. Eerst fietste ik terug naar snelweg #13. Net als Mechelen aan de E19 heeft Savannakhet twee op- en afritten. Eergisteren nam ik afrit Savannakhet-Noord, en vandaag neem ik oprit Savannakhet-Zuid. Deze oprit ligt op 35 kilometer van het centrum.
wp-1479388039069.jpg
Omdat ik de Mekongvlakte achter mij liet, steeg de weg gestaag. In een sterk golvend landschap volgde de ene na de andere heuvel zonder veel compenserende afdalingen. Ik reed recht in de richting van de zon, dus de schaduw was schaars. Bovendien had ik flinke tegenwind.
wp-1479388054211.jpg
Pas twee uur na mijn vertrek bereikte ik de oprit. Ik nam eerst een colapauze, en een half uurtje later fietste ik over de snelweg. De weg werd vlakker en telde minder heuvels. De zon stond nu rechts van mij, en ook de wind blies nu in mijn voordeel. Eenmaal op de snelweg fietste ik duidelijk vlotter.
wp-1479388073037.jpg
Even voor het middaguur stopte ik na 56 kilometer aan een simpele noedelshop onder een strooien afdak. Nadat ik voldaan was, sprong een brutale kip op tafel om in de resten van mijn soepkom te pikken.
Omstreeks 14u reed ik het stadje Pakxong in. Pal in het centrum zag ik twee schamele guesthouses. Ik fietste er voorbij, want volgens Maps.me zouden er enkele kilometers verder nog guesthouses liggen. Ik vond inderdaad een soort van motel op vijf kilometer van Pakxong in het dorpje Ban Nonphay. In het Phet Sok Say Guest House nam ik voor 100.000 Kip (11,32 EUR) een grote kamer met airco, dubbel bed, en badkamer met warme douche. Het uithangbord loog want er is geen wifi.
wp-1479388088142.jpg
Na de douche verkende ik zoals gewoonlijk te voet het dorpscentrum om het aanbod van horecagelegenheden te onderzoeken. Zoals te verwachten voor een dorp was het aanbod beperk. Ik telde drie kleine noedelshops en een afhaalpunt voor koud buffet. Om 18u stapte ik de dichtstbijzijnde noedelshop binnen. De kokkin wilde geen noedelsoep serveren, maar bereidde wel een lekker bord gebakken rijst met varkensreepjes voor mij. s’Avonds maakte ik van mijn smartphone een mobiele hotspot. Zo kon ik vanavond alsnog mijn dagelijkse blogbericht via mijn tablet publiceren.
Fietsstatistieken:
78,66 km
3 u 58 min
19,81 km/u

16 november: Sightseeing in Savannakhet

Gisterenavond had ik afgesproken met een Vlaamse expat. Een gemeenschappelijke kennis had ons in contact gebracht. Eerst dronken we iets in een café-restaurant in het centrum. Vervolgens reden we naar het Savan Vegas Casino op ongeveer 8 km buiten Savannakhet. Zo toonde hij me een ander facet van Laos dat normaal onderbelicht blijft. Hier dronken we een koffie terwijl we over de verschillen in ondernemen tussen Laos en Europa discussieerden. Een gokje hebben we niet gewaagd.
Ik kwam pas een eind na middernacht terug in het hotel. Dus sliep ik deze morgen uit tot 9u. Vervolgens wandelde ik naar het Lin’s Café voor een lekker ontbijt van müesli en vers fruit. Nadien bezocht ik te voet enkele bezienswaardigheden in de buurt. Eerst stopte ik bij het huis van Kaysone Phomvihane. De Grote Leider van de Laotiaanse Revolutie kwam oorspronkelijk uit Savannakhet. Om zijn herinnering hoog te houden heeft de regering de naam van de stad veranderd in Kaysone Phomvihane. Zijn huis was een tegenvaller. Buiten het hek stond een memoriaal, maar het huis zelf was niet opengesteld voor bezoekers. Ik wandelde verder naar de tweede bezienswaardigheid, met name het Dinosaurus Museum. In de jaren dertig had men in de buurt enkele dino’s opgegraven en in het museum tentoongesteld. Hoewel ik tijdens de openingsuren passeerde, stond ik voor een gesloten deur. Noodgedwongen wandelde ik verder naar de derde en laatste bezienswaardigheid van mijn voormiddagprogramma. Het tempelcomplex van Wat Sainyaphum was gelukkig wel open. De tempel had een kleine productielijn van gouden boeddhabeelden.
wp-1479294403516.jpg
Nadien zwierf ik doelloos door het centrum. Na de middag ging ik terug naar mijn hotel, en lunchte in een vegetarisch restaurantje om de hoek. Hoewel 100% vegetarisch was mijn lunch niet. In één van de deelgerechten meende ik gebakken insecten of wormen te herkennen. Maar het smaakte alleszins heerlijk, wel iets te pikant.
In de namiddag bezocht ik eerst Wat Rattanalangsi. Het terrein van de tempel was toegankelijk, maar de tempel zelf niet.
wp-1479294414676.jpg
Vervolgens stapte ik naar het Provinciaal Museum ten zuiden van het centrum. Dit museum toont de eigenaardige combinatie van archeologische vondsten met foto’s en objecten van de onafhankelijkheidsstrijd. Grote Leider Kaysone Phomvihane kwam merkwaardig genoeg niet voor in het verhaal. De presentatie focuste op de provinciale strijd.
wp-1479294427232.jpg
Om 15u had ik mijn lijstje van bezienswaardigheden afgewerkt. De stupa van That Ing Hang besloot ik niet te bezoeken. Ik had geen zin om 15 km heen en nog eens terug te fietsen over grotendeels dezelfde weg als gisteren. Ik installeerde me met een cola op een overdekt terras aan de Mekong, en sloeg de digitale krant open.
Vandaag heb ik geen fietskilometers op mijn teller staan. Maar mijn stappenteller registreerde wel 12,36 gewandelde kilometers.
Fietsstatistieken:
0 km
0 u 0 min
0 km/u

15 november: Thakhek –> Savannakhet

De ontbijtruimte van het Boutique Hotel Le Bouton d’Or gaat officieel pas om 7u open. Dus arriveerde ik stipt om 7:00u om vast te stellen dat de ontbijtruimte reeds halfvol zat. Sommige gasten hadden het ontbijt al achter de kiezen en maakten aanstalten om door te gaan. Had ik dit op voorhand geweten, dan was ik zeker vroeger gaan ontbijten. Ik werkte mijn ontbijt zo snel mogelijk binnen want ik wilde zo snel mogelijk op de fiets liggen. Vandaag stond veruit de langste etappe op het programma, met name 130 km tussen de steden Thakhek en Savannakhet. Ik had deze nacht slecht geslapen, omdat ik me constant zorgen maakte over de rit. Zou ik wel voor het donker aankomen?
wp-1479209170290.jpg
Uiteindelijk lag ik om 7:50u op de fiets. Deze fietsreis ben ik nooit vroeger vertrokken dan vandaag. Aan het rondpunt sloeg ik rechtsaf. Drie kilometer verder bereikte ik snelweg #13. De snelweg maakt een omweg door het binnenland. De kortste route naar Savannakhet loopt volgens Maps.me via Thailand. De Mekong oversteken naar Nakhom Phanom, naar het zuiden fietsen, en in Mukhadan opnieuw de Mekong oversteken naar Savannakhet. Maar ik heb een standaard ‘single entry’ visum. Indien ik Laos voortijdig verlaat, moet ik opnieuw een visum aanvragen en betalen. Bijgevolg was de kortste route over Thailand uitgesloten.
wp-1479209189015.jpg
Snelweg #13 liep door een zacht golvend landschap. Niettemin beklom ik frequent steilere bulten met het kleinste voorblad. Halverwege fietste ik voorbij drie guest houses. Het is dus perfect mogelijk om deze lange etappe in twee te splitsen. Nadien fietste ik langs een suikerraffinaderij. De volgende kilometers passeerde ik vaak velden met suikerriet.
 wp-1479209224382.jpg
Ik sloeg de gebruikelijke frisdrankpauze over. Pas na 91 km stopte ik om 12:10u voor een kom noedelsoep. Na de lunch ging het plots moeizamer vooruit. De weg steeg nagenoeg onzichtbaar en het asfalt werd veel ruwer. Na 102 km bereikte ik in het dorp Seno de afslag naar Savannakhet.
wp-1479209260607.jpg
Vanaf de afslag ging de weg over het algemeen in dalende lijn. De weg had zelfs een afgebakende rijstrook voor fietsers en motorfietsers. Zo komt het dat ik reeds om vijf na drie in het centrum van Savannakhet arriveerde. Ik had ruim 130 km gefietst tegen de hoge gemiddelde snelheid van 23,38 km per uur. In deze fietsreis heb ik alleen in de rit naar Thakhek nog 0,03 km per uur sneller gefietst dan vandaag. Volgens mij toont de hoogtelijn van de etappe hoogstwaarschijnlijk een dalende trend. Ik zou de rit niet graag in de andere richting fietsen.
wp-1479209282052.jpg
In Savannaketh stopte ik bij het Hungheuang Hotel. Dit had ik op voorhand geboekt voor ongeveer 25,50 EUR per nacht. Mijn kamer op de tweede verdieping heeft twee eenpersoonsbedden, airco, een frigo, en een badkamer met een ligbad. Ontbijten is niet mogelijk, maar dat zoek ik morgen wel in de buurt. Op mijn gemak nam ik een bad. Na het bad wandelde ik naar de Mekong.
Fietsstatistieken:
131,69 km
5 u 38 min
23,38 km/u

14 november: De grotten van Thakhek

Van de website van het hotel had ik onthouden dat het ontbijt was inbegrepen. Ik informeerde me bij de receptie. Tot mijn verrassing werd ik niet naar het terras aan de Mekong verwezen maar naar het aanpalende gebouw. Hier genoot ik van een Europees ontbijt met koffie à volonté.
Na het ontbijt stapte ik op de ligfiets. De eerste halte was het filiaal van Lao Telecom aan de hoofdstraat op ca. 1,5 km van de Mekong. s’Nachts had ik van dit telecombedrijf een onheilspellende sms ontvangen met onder meer de woorden “failed” en “please recharge soon”. De jonge vrouw van de klantendienst registreerde het GSM-nummer op mijn naam, en verzekerde me dat ik nog 15.000 Kip (1,70 EUR) krediet over had.
Nadat dit probleem was uitgeklaard, fietste ik terug naar snelweg #12. Over deze snelweg was ik gisteren naar Thakhek gefietst. Er liggen verscheidene grotten langs deze snelweg. Ik fietste eerst naar de verste grot op 21 km van de Mekong. De Nang Ene Grot was meteen ook de meest commercieel uitgebate grot. Aan de afslag naar de grot kocht ik een ticket voor 30.000 Kip (3,40 EUR), dat is het driedubbele van de prijs die de Lonely Planet vermeldt. De elektrisch verlichte grot had twee korte wandelroutes. De ene liep dood aan een ondergrondse rivier, de andere route aan een brede spleet in het plafond. Op verscheidene plaatsen waren bidplaatsen met versierde boeddhabeelden. Bij de ingang vroegen enkele Aziatische toeristen me of ik mee op de foto wilde. Uiteraard, maar dan eis ik wederkerigheid. Achteraf hebben ze de onderstaande foto met mijn toestel getrokken.
wp-1479124464406.jpg
Vervolgens fietste ik terug richting Thakhek. Vier kilometer terug stopte ik aan de Pha In Grot. De grot was bereikbaar via een meanderende aardeweg. Het koppel dat ik deze morgen in de ontbijtzaal zag, kwam juist buiten. Voor de rest was er niemand te zien. Ik zette de koplamp op mijn hoofd, en verkende de grot met het licht van mijn koplamp. In de grot was een dubbele bidplaats met boeddhabeelden.
wp-1479124482432.jpg
De derde grot die ik vandaag bezocht was de  Xieng Liap Grot. Ik parkeerde mijn ligfiets bij enkele pedalo’s die in het droge seizoen werkloos onder een afdak lagen.
wp-1479124494287.jpg
Een alleenreizende jongeman kwam net terug uit de grot. Hij raadde me aan om de elfjarige zoon van de shopuitbater als gids in te huren. Ik betaalde de jongen 10.000 Kip (1,13 EUR), en ik volgde hem over een smal bospad achter het schooltje. Het pad vertakte regelmatig, en op enkele plaatsen klauterden we over rotsblokken. Zonder gids had ik de grot nooit gevonden. Ik keek even rond, en de jongen nam de onderstaande foto.
wp-1479124506449.jpg
De laatste grot van de dag was de Xang Grot. Ik sloeg linksaf in een aardeweg vol putten. Anderhalve kilometer verder kwam ik in een dorpje aan. Een man wees naar de overkant van de rivier. Ik had evenwel geen zin om door een rivier te waden die de dorpsbewoners duidelijk als riool en vuilnisbelt gebruikten. Je weet nooit waarin je trapt. Bijgevolg besloot ik rechtsomkeer te maken en terug naar Thakhek te fietsen. Eerst stopte ik langs de snelweg aan een noedelshop voor een zeer late lunch. Vervolgens fietste ik naar de laatste bezienswaardigheid, geen grot maar een stupa. De Pha That Sikhottabong ligt aan de Mekong ongeveer zes kilometer ten zuiden van Thakhek. De wit en gouden stupa glansde in het late zonlicht. Naast de stupa stond een tempel waar de lokale bevolking bloemenoffers bracht voor het volle maanfeest. De stad is duidelijk in feeststemming. s’Avonds liep er veel volk rond op straat.
wp-1479124519196.jpg
Om 16:10u arriveerde ik terug aan het hotel. De receptionist had slecht nieuws voor mij, want mijn gewassen kleren waren nog niet aangekomen. Het beloofde tijdstip van de levering veranderde voortdurend. Eerst was het “tomorrow”, dan om 18u, vervolgens over 20 minuten, en uiteindelijk “tonight”. Uiteindelijk belde de receptionist even na 19u dat ik mijn propere kleren voor 40.000 Kip (4,53 EUR) mocht komen afhalen. Ik kon wel meteen de kamer betalen. De prijs kwam overeen met de informatie op de website. Ik betaalde 38 $ (35,29 EUR) per nacht.
Fietsstatistieken: 
56,43 km
2 u 39 min
21,32 km/u

13 november: Ban Tha Lang –> Thakhek

Toen het aanzwellende daglicht deze ochtend door de gordijnen scheen, checkte ik frequent het uur op mijn kilometerteller. Mijn smartphone en wekker van dienst lag buiten handbereik op te laden. Ik had schrik om de wekker niet te horen en me te overslapen. Plots ging de wekker luid en duidelijk af, zo luid dat de buren in de aanpalende houten bungalow wellicht ook gewekt waren. Ik ontbeet in het restaurant van het guest house. Terwijl ik nog op de menukaart wachtte, werd ongevraagd toast met spiegelei en een tas koffie geserveerd. Toen ik achteraf wilde afrekenen, bleek het ontbijt inclusief te zijn. Te laat zag ik achter mij een minibuffet met bouillon en fruit staan. De uitstekende verhouding tussen prijs en kwaliteit maakt van het Phosy Tha Lang Guest House een echte aanrader.
wp-1479046406901.jpg
Omstreeks acht uur lag ik op de fiets. De eerste twintig kilometer slingerde de weg tussen dicht beboste heuvels. Dan fietste ik door een langgerekt dorp. Voorbij het dorp stortte de weg naar beneden. In een steile afdaling van 5 km spoelde ik alle hoogtemeters door die ik de afgelopen dagen moeizaam had opgebouwd. Aan de voet van de berg lag de waterkrachtcentrale van de Nam Theun rivier.
wp-1479046428239.jpg
De weg volgde de rivier stroomafwaarts. De kilometers maalden vlot op de vlakke weg. Na ruim 43 kilometer fietsen bereikte weg 1E eindelijk snelweg #12. Hier sloeg ik rechtsaf, en enkele kilometers verder stopte ik voor een frisdrankpauze. Snelweg #12 naar Thakhek was nagenoeg vlak en laveerde tussen de loodrechte karstbergen. In vogelvlucht was de afstand tot Thakhek ongetwijfeld veel korter. Door de vlakke weg vond ik het niet erg om meer kilometers te fietsen. Dit was tot nu toe de mooiste en meest aangename etappe van deze fietsreis.
wp-1479046439690.jpg
Vlak voor het kruispunt met snelweg #13 was er een onverwachte heuvel. Nat in het zweet kwam ik boven aan het kruispunt aan. Ik dronk eerst bijna ad fundum een koud flesje water, en fietste verder naar het centrum van Thakhek.
wp-1479046451401.jpg
 Aan de oever van de Mekong stopte ik bij het Boutique Hotel Le Bouton d’Or. Ik parkeerde mijn fiets in de parkeergarage van het hotel, en nam de marmeren trap naar de lobby op de verdieping erboven. Dit hotel had ik op voorhand per e-mail gereserveerd. Helaas kon de receptioniste mijn boeking niet terugvinden tussen de talloze Booking.com reservaties. Ik toonde haar een afdruk van de e-mail met bevestiging, en ik kreeg alsnog een kamer toegewezen. Na een week op het platteland had ik mezelf terug meer luxe gepermitteerd. De kamer heeft een parketvloer, degelijke airconditioning, en een Europese badkamer. Alles functioneert prima, en niets in de kamer is tot op de draad versleten. De kamerprijs ken ik alleen bij benadering. Volgens de website kost de kamer 38 $ per nacht, maar misschien is deze prijs al jaren niet meer geïndexeerd. Bij het uitchecken zal ik pas de echte prijs kennen. Idem voor het wassen van mijn vuile kleren. Eigenaardig spreken de receptionisten maar een paar woorden Engels, en dat voor een luxehotel.
Na de douche verkende ik de straten rondom mijn hotel. Tegen de tijd van de zonsondergang, installeerde ik me op het terras van het hotel aan de Mekong. Al nippend van een verse kokosnoot genoot ik van de zon die aan de Thaise kant van de Mekong onherroepelijk onderging.
wp-1479046464567.jpg
Fietsstatistieken: 
103,30 km
4 u 25 min
23,41 km/u

12 november: Lak Sao –> Ban Tha Lang

In de streek van de koude buffetten kan je ook noedelsoep eten. Het restaurantje aan de poort van mijn hotel had een gevarieerde menukaart in twee talen. Ik bestelde de traditionele noedelsoep met het mandje sla en kruiden. De pot hete thee kreeg ik er gewoon bij. Ondanks het aanpalende hotel rekende men geen toeristische prijzen aan. Ik betaalde slechts 10.000 Kip (1,12 EUR).
wp-1478951340357.jpg
Vandaag had ik geen haast om te vertrekken want er stond een etappe van amper 50 kilometer op het programma. Maar ik verwachtte veel bergop en een slechte zandweg. De Lonely Planet beschreef weg 1E tussen Lak Sao aan snelweg #8 tot 80 km verderop aan snelweg #12 als een helse weg met steile beklimmingen en een afgrijselijk wegdek van grind en putten. De laatste editie van de reisgids Laos dateert van februari 2014. Ik hoopte stilletjes dat men deze weg ondertussen verhard zou hebben. Mijn hoop kwam uit, de volledige weg was inmiddels geasfalteerd. De ruwheid van het asfalt zag ik graag door de vingers. De ruwe asfaltlaag is nog steeds onnoemelijk veel beter dan stof en putten.
wp-1478951359271.jpg
Om kwart voor negen lag ik op de fiets. De eerste 18 kilometers maalden vlot dankzij het asfalt. Dan begon de eerste klim van bijna 3 km zonder evenredige afdaling. Pas na de tweede klim op 26 km volgde de verdiende afdaling. Nadien fietste ik door een zwaar golvend landschap. Bij de lager gelegen stukken keek ik langs beide zijden uit op een ondergelopen dood oerwoud. Op de nabijgelegen rivier Nam Theun heeft men een stuwdam gebouwd. Hierbij zijn enorme stukken oerwoud verzopen. Maar de Laotiaanse bevolking heeft een belangrijke elektriciteitscentrale in de plaats gekregen.
wp-1478951375945.jpg
Halverwege wilde ik stoppen voor een frisdrankpauze. Helaas was ik een kilometer ervoor de enige gelegenheid domweg voorbij gefietst. Tot aan de eindbestemming Ban Tha Lang ben ik geen frisdrankkraam met zitgelegenheid in de schaduw tegengekomen. Daarom fietste ik in één ruk door tot mijn eindbestemming. Ik arriveerde reeds voor de middag in het dorp Ban Tha Lang aan de oever van het stuwmeer. Ik stopte bij het Phosy Thalang Guest House. Voor amper 60.000 Kip (6,76 EUR) slaap ik vannacht in een charmante bungalow aan een zijarm van het Nam Theun stuwmeer.
wp-1478951393473.jpg
Na het inchecken lunchte ik op mijn gemak in het restaurant van het guest house. Ondertussen las ik de weekendkrant met het wifisignaal boven mijn hoofd. In de namiddag trok ik me terug op mijn balkon met bijhorende hangmat. Vroeger dan verwacht rustte ik uit van deze korte etappe.
Fietsstatistieken:
50,88 km
2 u 37 min
19,48 km/u

11 november: Ban Phon Gneng –> Lak Sao

Stipt om 7:00u schoof ik aan de ontbijttafel van het hotel aan. Ik hoorde nog geen beweging in de keuken. Nochtans had ik gisterenavond het ontbijtuur met de hoteleigenaar afgesproken. Uiteindelijk werd het ontbijt 20 minuten later opgediend. De honden hengelden weer naar mijn aandacht, maar dit was de laatste keer. Met een lichte vertraging lag ik om 8:10u op de fiets. Eerst fietste ik terug naar snelweg #8. Dit waren de makkelijkste 33 kilometer van de dag. Aan de snelweg sloeg ik rechtsaf in de richting van Vietnam. Enkele kilometers verder begon een zware beklimming van 8 km. De weg beklom een karstbergkam in de lengte. Na bijna anderhalf uur klimmen bereikte ik de top. Vervolgens kronkelde de weg drie kilometer lang in haarspeldbochten naar beneden. Vijf minuutjes later was ik beneden.
wp-1478870611446.jpg
Even voor het middaguur stopte ik in een dorp aan een rij restaurantjes met koud buffet. Ook later in mijn eindbestemming Lak Sao waren de noedelshops vervangen door koude buffetten. Klaarblijkelijk heb ik de noedelsoepregio verlaten en ben ik in de koude buffetstreek aanbeland. De dame deed de deksels van de potten en toonde me de mogelijkheden. Ik negeerde de schaal brochetten van ongedefinieerde dieren, en speelde op veilig met een koude kippenvleugel en een overladen bord koude kleefrijst. Een bord koude bouillon maakte de lunch volledig. Het enige bestek dat ik kreeg was een korte lepel voor de bouillon. Ik spoelde mijn handen af in een ton water, en at de kip en de kleefrijst met mijn nog steeds niet al te propere handen.
wp-1478870626128.jpg
Na de lunch wisselden heuvels en plattere stukken elkaar af. Soms moest ik nog stevig klimmen. De dorpen lagen ver van elkaar. Op het moment dat ik een frisdrankpauze wilde inlassen, moest ik eerst nog een flinke heuvel over. Pas om kwart na twee en na 81 km kon ik met een flesje 7up uitblazen.
In Lak Sao denkt men aan het plezier van de kindjes. Op twee kilometer van het stadje passeerde ik een openluchtzwembad met glijbanen. Op een vrijdagmiddag was het zwembad verlaten. Misschien opent het zwembad in het weekend de deuren?
wp-1478870644728.jpg
Om kwart na drie fietste ik het stadje Lak Sao binnen. Ik stopte in het centrum bij het Phoutthavong Hotel en nam een kamer voor 60.000 Kip (6,76 EUR). De kamer heeft geen airco en dat is ook niet nodig. Toen ik na de douche te voet het stadje verkende, had ik het redelijk fris. Op de marktplaats schuin tegenover mijn hotel werd voor mijn ogen een luchtkasteel opgeblazen. Kinderstad Lak Sao!
wp-1478870657054.jpg
s’Avonds dineerde ik honderd meter verder in het Only One Restaurant (of het ‘Onlyvanh Restuarant’ [sic] zoals ik het letterlijk op één van de uithangborden las). Voor zover ik kon zien was het inderdaad het enige restaurant van Lak Sao. Slechts één tafel was deze vrijdagavond bezet toen ik aankwam. Ik bestelde een warme aardappelsalade met tomaten en ajuin in een zoetzure dressing en een schotel varkensreepjes van de barbecue. De aardappelsalade smaakte zeer goed, maar op de varkensreepjes moest ik nog een kwartier wachten. Samen met de pint bier kostte het diner bijna evenveel als de hotelkamer.
Fietsstatistieken:
94,80 km
4 u 58 min
19,08 km/u

10 november: De Grot van Kong Lor

Deze ochtend werd ik eerst gewekt door een gekko. Het was nog aardedonker. Na zonsopgang werd ik een tweede keer gewekt, nu door spelende kinderen. Vlak naast mijn kamer ligt immers de speelkoer van het dorpsschooltje. Het ontbijt op het overdekte terras van het hotel verraste me in positieve zin: geroosterd Frans brood, spiegelei, watermeloen, en een pot koffie. Alleen jammer dat de twee honden net als gisterenavond bij het diner niet van mijn zijde weken en geregeld onder tafel tegen mijn benen schuurden. Dit vond ik zeer storend, maar ik zag geen oplossing. Vandaag komen er nog gasten, en ben ik niet meer de enige gast. Hopelijk trekken de nieuwe gasten straks de honden aan.
Om half tien stapte ik op de fiets richting de Grot van Kong Lor. De staat van de weg ging zienderogen achteruit. Stroken met diepe putten braken herhaaldelijk het tempo. Na 8,7 km kwam ik aan het einde van de doodlopende weg. Ik parkeerde mijn fiets en kocht een ticketje van 2.000 Kip (0,22 EUR) aan de ingang van het park. Na een korte boswandeling kwam ik bij de ticketverkoop van de boten aan. Ik wachtte vruchteloos op andere bezoekers om een boot te kunnen delen. Na een half uur besloot ik in mijn eentje te gaan. Voor 110.000 Kip (12,29 EUR) huurde ik een volledige boot. In vergelijking met de grotten van Han is dit nog steeds goedkoop. Ik volgde de bootbestuurder naar de ingang van de grot. We stapten met een koplamp op het hoofd in een lange kano met buitenboordmotor. Na enkele minuten varen in de pikdonkere grot kwamen we aan een strandje in een grote zaal aan. Hier wachtte een gids, die me door de verlichte zaal van stalactieten en stalagmieten gidste.
wp-1478780486433.jpg
Aan de andere kant wachtte de bootbestuurder op me. Ik stapte terug in de boot en we voeren verder stroomopwaarts de ondergrondse rivier op. Pas een half uurtje later kwamen we aan de andere kant terug in het zonlicht. We hielden een kwartier pauze aan een verzameling kraampjes met frisdrank en ‘handicrafts’. Vervolgens voeren we langs dezelfde weg terug. Nu zat er iemand extra vooraan om te helpen laveren in de stroomversnellingen. Na de terugkomst fietste ik een kilometer terug naar het dorp Kong Lor voor de lunch. Op de terugweg naar het hotel maakte ik tijd voor een fotosessie met de kam van karstbergen als idyllische achtergrond.
wp-1478780811487.jpg
De rest van de namiddag rustte ik uit op het terras voor mijn kamer. Op het gemak las ik het nieuws over de klinkende overwinning van Donald Trump in de digitale krant. Daarna nam ik een koude douche want ik kreeg het elektrische warmwatertoestel niet aan de praat. s’Avonds dineerde ik in het restaurant van het hotel, en vanavond waren nog drie tafels bezet. Zoals gehoopt lieten de honden me met rust. Maar nu moest ik het beperkte 3G-signaal met de andere gasten delen. De bandbreedte zakte onder het minimum. Vanavond wordt het een geduldwerkje om mijn blogbericht te publiceren.
Fietsstatistieken:
17,35 km
0 u 52 min
20,09 km/u

9 november: Vieng Kham –> Ban Phon Gneng

Een haan kraaide me deze ochtend nog voor het licht was wakker. Gelukkig kon ik terug indommelen. Ik ontbeet in de noedelshop waar ik gisteren voor de regenbui had geschuild. Dichterbij kon ik geen ontbijt vinden. Op hetzelfde uur als gisteren lag ik op de fiets. Aan de afslag nam ik snelweg #8 richting Vietnam. Na enkele kilometers kwamen de karstbergen in zicht. Op twee beklimmingen na ging de weg sterk op en neer. De eerste steile klim van 2,5 km begon bij kilometerpaal 18. Daarna volgde een dubbel zo lange afdaling.
wp-1478699100475.jpg

Beneden nam ik een colapauze voordat ik de tweede en veel zwaardere beklimming aanvatte. Die begon vanaf kilometerpaal 28 en duurde 5 km. Af en toe moest ik afstappen omdat ik geen 6 km per uur meer haalde. Toen ik bijna boven was, stond een koppel met een pick-up truck me op te wachten met de smartphone in de hand. Ik poseerde gewillig. Toen ze klaar waren deed ik teken dat ze mij met mijn fototoestel moesten trekken. Ze hadden dit verkeerd begrepen, want ze poseerden elk om de beurt met mij.

wp-1478699009280.jpg
Uiteindelijk kwam ik boven aan een uitkijkpunt. Hier had ik een spectaculair uitzicht op de omringende karstbergen. Na een steile afdaling van 6 km bereikte ik met schurende remmen de afslag naar de Grot van Kong Lor. In het enige restaurant aan de afslag bestelde ik noedelsoep.
wp-1478699035694.jpg

Om 13u vertrok ik voor het laatste stuk. De vlakke weg loopt 40 km verder dood aan de Grot van Kong Lor. Deze grot is volgens de reisgids een van de toppers van Laos. Morgen zal ik de grot bezoeken. Dankzij het gladde asfalt met af en toe diepe putten maalde ik vlot de laatste kilometers. Alleen overstekende koeien zorgden voor een kort oponthoud.

wp-1478699055609.jpg
Op 8 km van de grot stopte ik in het piepkleine dorpje Ban Phon Gneng aan de Auberge Sala Hinboun. Dit guest house heeft enkele houten bungalows op palen naast een rivier staan. Het hotel maakte een licht verwaarloosde eerste indruk. Bij mijn aankomst werd ik begroet door twee honden. Ik zag geen mensen. Ik riep enkele keren ‘sabaidee!’ (goeiedag), en toen kwam een natte man in zwemshort uit de rivier gekropen. Deze overnachting had ik op voorhand bij de boekingwebsite Agoda geboekt. Eigenlijk had ik eerst een ander hotel geboekt, maar achteraf bleek er een dubbele boeking te zijn. Dan moest ik een ander hotel uit de portefeuille van Agoda kiezen. Het saldo werd teruggestort. Mijn reservering bleek niet aangekomen te zijn, maar dat was voorlopig geen probleem. Morgen zal de uitbater Agoda bellen om het uit te klaren. Ik kreeg een kamer toegewezen met dubbelbed, muskietennet, en ventilator. Buiten beschik ik over een overdekt terras met rivierzicht. Vanaf mijn terras heb ik het onderstaande zicht.
wp-1478699073208.jpg

De aangekondigde ‘free wifi’ is in feite een zwak 3G-signaal dat wordt uitgezonden in de bungalow met de receptie en het restaurant. Vanavond zal ik dus geen blogbericht kunnen publiceren, dacht ik. Maar na het diner mocht ik de ontvanger meenemen naar mijn kamer, en was het signaal plots een heel stuk krachtiger. Daarom is het me toch gelukt.
Fietsstatistieken:
72,20 km

3 u 53 min

18,61 km/u

8 november: Paksan –> Vieng Kham

Zoals de voorbije dagen stond ik om 7 uur op. Maar deze ochtend vond ik niet meteen een noedelshop om te ontbijten. Vlakbij mijn hotel had ik gisteren twee mogelijkheden gespot. Maar de ene was gesloten, en de andere bleek toch geen noedelshop te zijn. Uiteindelijk vond ik er één 400 meter verder in een zijstraat. Het tijdverlies bleek relatief. Vandaag vertrok ik 5 minuten vroeger dan gisteren in hetzelfde weer: zwaar bewolkte lucht en regelmatig periodes van zachte regen. Eerst fietste ik in de Mekongvlakte. Maar na 23 km stopte de vlakte abrupt met een korte maar tamelijk steile klim. Nadien ging het vaak op en neer. Ik had het gevoel dat ik moeizaam fietste, vermoedelijk door de ruwe asfalt. Na het stadje Pakkading op 40 km werd het asfalt veel gladder en fietste ik merkbaar vlotter. Onderweg zag ik regelmatig uithangborden van guesthouses. Er is dus voldoende keuze voor wie onderweg wil overnachten.
 wp-1478610825353.jpg
Ik besloot om de gebruikelijke frisdrankpauze vandaag over te slaan. Pas om 11:45u stopte ik aan een grote noedelshop voor de lunchpauze. Eén van de lokale klanten nam ongevraagd plaats tegenover mij aan mijn kleine tafeltje. Er waren genoeg tafels vrij in het restaurant, maar ik liet hem betijen. Plots zag hij een kans om mijn bril te grijpen die op tafel lag. Ik kon net op tijd het andere been van de bril grijpen en maakte hem terstond duidelijk dat ik dit niet waardeerde. Hij droop af naar een ander tafeltje. Mijn bril is geen raar speelgoedje maar essentieel om hier rond te kunnen reizen.
 wp-1478610840317.jpg
Na de middag bleef het droog en scheen de zon af en toe door de wolken. Zonder pauze fietste ik naar de eindbestemming van vandaag: het dorp Vieng Kham aan de afslag van snelweg #8 naar Vietnam. De laatste kilometer voor de afslag zag ik minstens vijf guesthouses van wisselende kwaliteit. Bij de afslag maakte ik rechtsomkeer, en ik besloot het Siviengsam Guest House te nemen. Voor 100.000 Kip (11,12 EUR) heb ik een kamer met airconditioning, dubbel bed, warme douche, Frans toilet én wifi.
Na de douche verkende ik te voet de hoofdbaan van het dorp. In een noedelshop dronk ik een cola terwijl ik dit blogbericht schreef. Plots viel er een flinke stortbui uit de hemel. Gelukkig was ik reeds aangekomen op mijn bestemming, en kon ik onder een afdak naar de stortbui kijken.
 wp-1478610853495.jpg
s’Avonds wandelde ik in de regen naar het dichtstbijzijnde busrestaurant. In de buurt zijn er drie grote restaurants voor passerende reizigers. Alledrie worden ze uitgebaat door Vietnamezen. Dit dorp ligt immers aan de afslag naar Vietnam. De grote hal van het busrestaurant bevat tientallen tafels. Het restaurant was leeg en de familie ruimde reeds op. Ik vroeg met een eetgebaar of ik nog iets kon eten. Na de vriendelijke bevestiging kon ik met de taalhulp van de Lonely Planet rijst met kip en omelet bestellen. Inclusief een flesje water betaalde ik amper 20.000 Kip (2,23 EUR).
Fietsstatistieken:
90,82 km
4 u 19 min
21,03 km/u

7 november: Pak Ngum –> Paksan

Toen ik deze ochtend om 7 uur opstond, was het zachtjes aan het regenen. Mijn was hing buiten aan een droogrek, en die was nu even vochtig als gisterenmiddag na de wasbeurt in de lavabo. Vanavond zal ik de T-shirt en onderbroek opnieuw te drogen hangen. Om kwart voor negen vertrok ik naar het provinciestadje Paksan. Het begon opnieuw te druppelen toen ik de oprit van het hotel af fietste. Net als gisteren fietste ik door een golvend landschap, maar nu waren de golven langer en steiler. In tegenstelling tot gisteren fietste ik vandaag trouw over snelweg #13.
Thakhek250km.jpg
Onderweg passeerde ik vele guesthouses. Om de vijf kilometer zag ik wel een uithangbord van een guesthouse. De overnachtingsmogelijkheden waren dus talrijk. Er is geen nood om al bij Hotel Bouavanh te stoppen, je kan gerust één van de volgende gelegenheden nemen. Na 41 km stopte ik voor een colapauze.
Colapauze.jpg
Nadien kwam ik geen guesthouses meer tegen. 25 km verder stopte ik voor de lunch. Tot mijn verbazing bood de noedelshop wel eetstokjes aan maar geen lepel om de bouillon binnen te lepelen. Toen ik me klaar maakte om te vertrekken, begon het te regenen. Ik wachtte tot de bui gepasseerd was, en 20 minuten later dan gepland lag ik terug op de fiets. Helaas begon het al snel terug te regenen. In de zachte regen fietste ik verder. Inmiddels was ik terug in de brede vlakte van de Mekong, en werd het golvend landschap uitgevlakt. Aan de kant van de weg stonden plots tientallen kraampjes met gedroogde vis.
Gedroogde-vis.jpg
Om 15:30u kwam ik in de regen aan in het provinciestadje Paksan. Ik maakte eerst een ommetje langs het Saymongkhoune Guesthouse nabij het busstation, maar ik besloot om door te fietsen naar het Paksan Hotel. Hier nam ik voor 140.000 Kip (15,57 EUR) een lange kamer met airco, dubbel bed, frigo en onbeveiligde wifi. De informatie die het hotel verspreid is eentalig Vietnamees. Dit is duidelijk een hotel van Vietnamezen voor Vietnamezen. Na de douche fietste ik naar de monding van de lokale rivier Xan in de brede Mekong.
Monding_Xan_in_Mekong.jpg
Toen ik bij mijn terugkomst het blogbericht van gisteren wilde publiceren, werkte de WordPress app onbegrijpelijk tegen. WordPress publiceerde alleen de titel zonder de tekst en de foto’s. Na enkele vergeefse pogingen slaagde ik om het bericht te publiceren via de website van WordPress.
s’Avonds fietste ik naar het Thongsaiylom Restaurant twee kilometer verder op snelweg #13. Gelukkig had de snelweg straatverlichting behalve voor de laatste 100 meter. Ik had dit restaurant gevonden op Google Maps. Het heeft een hoge quotering van 4,4 op 5 en verscheidene goede Laotiaanse recensies, dus dat wilde ik eens proberen. De opdienster gaf me een natte Laotiaanse menukaart die vandaag duidelijk in de regen had gelegen. Ik kon er niets van maken. Gelukkig stond er een soort van koud buffet opgesteld. Ik wees op de kippenstukjes en de rijst met groentjes, maar die kreeg ik niet. In ieder geval kon ik zo mijn interesse in rijst met kip overbrengen. Uiteindelijk bracht ze een bord warme rijst en een bord lekkere gepaneerde en gefrituurde kippenvleugeltjes. Samen met een grote fles Beerlao kostte dit 50.000 Kip (5,56 EUR). Ook in een restaurant van deze prijsklasse liepen de katten onder de tafel en schuurden tegen de benen. Eén van de katten zette haar voorpoten op mijn been en miauwde om een kippenbotje.
Katten_op_vinkenslag.jpg
Fietsstatistieken:
95,57 km
4 u 31 min
21,18 km/u

6 november: Vientiane –> Pak Ngum

De rijst van het ontbijt ging deze ochtend weer moeizaam binnen. Toen zag ik müesli, fruit en yoghurt staan. Dit eet ik thuis dagelijks als ontbijt. De kom müesli met papaya lepelde ik vlot binnen. Pas na half negen lag ik op de fiets. De bestemming voor vandaag was Pak Ngum omdat Paksan net te ver weg is om in één etappe te bereiken. Het dorp Pak Ngum ligt op dik 60 kilometer van Vientiane. Omdat ik hier ben om te fietsen, besloot ik om niet de kortste weg te nemen. Bovendien zal ik de komende weken nog genoeg over snelweg #13 naar het zuiden fietsen. Bij de afslag van #13 op 12 km van het centrum reed ik rechtdoor over snelweg #10. Deze snelweg loopt door een licht golvend landschap dat de hele dag zou aanhouden. Na enkele kilometers werd ik ingehaald door een processie van auto’s met boeddhistische vlaggetjes. In het midden van de trage colonne speelde een live band op de laadbak van een vrachtwagen. Ik hield enkele kilometers hetzelfde tempo aan om van de live muziek te genieten.
wp-1478512315583.jpg
Voorbij een brug over een rivier versmalde de snelweg plots van drie naar één rijstrook in elke richting. Ook de wegmarkering verdween en de kwaliteit van het asfalt ging gevoelig achteruit. Na 47 km sloeg ik rechtsaf in de weg die Open Street Maps aanduidt met nummer 0118. Deze weg loopt rakelings langs de bergkam van het Phou Khao Khouay National Park met toppen van meer dan 1.000 meter hoog. Eerst bleef de kwaliteit van de weg gelijk aan snelweg #10. Maar na 3 km eindigde het asfalt abrupt en begon de gravel. Wasborden, diepe putten en los zand passeerden de revue. Mijn tempo daalde gevoelig. Maar het uitzicht op het platteland met de bergen op de achtergrond was vaak prachtig.
wp-1478512337744.jpg
Na 8 km gravel hield ik een frisdrankpauze. Maar de overige klanten lieten me niet gerust. Een oudere man maakte in onbegrijpelijk Laotiaans en met gebaren duidelijk dat hij mijn bril wilde opzetten. In ruil bood hij zelfs een blikje Beerlao aan. Ik zorgde ervoor dat hij geen kans kreeg om mijn bril te grijpen, en haastte me om snel verder te fietsen. Nog eens 8 km verder stopte ik in het dorpje Nakhai voor een kom noedelsoep. De soep smaakte verrukkelijk, en ze was ook vullend. In verhouding tot de doorsnee kom noedelsoep bevatte deze kom meer noedels en minder bouillon. Ik was de enige klant van het restaurant. Onder de tafels liepen kippen, katten, en honden.
De talrijke bruggen op de gravelweg stonden op punt om vervangen te worden. Naast de bruggen lagen alvast de betonnen balken voor de nieuwe bruggen. Slechts bij één brug waren ze effectief aan het werken, ofschoon het zondag was. De oude bruggen hadden een versleten planken vloer vol gaten. Uit veiligheidsoverwegingen stak ik de bruggen te voet over.
wp-1478512369993.jpg
Uiteindelijk bereikte ik om kwart na drie met 47 gravelkilometers op de teller snelweg #13. Vier kilometer zuidelijker stopte ik aan het Bouavanh Hotel. In dit landelijke hotel nam ik voor 130.000 Kip (14,74 EUR) een kamer met een dubbel bed, airco, en een lauwe douche. Wifi is er niet, evenals WC-papier. Maar intussen heb ik mezelf reeds aangeleerd hoe ik mijn gat kan schoonspuiten met een sproeier. Wat ik me wel afvraag, loopt de lokale bevolking na het toiletbezoek met een nat gat rond?
Fietsstatistieken:
100,67 km
5 u 0 min
20,12 km/u

5 november: De tempels van Vientiane

Na een nachtrust van 10 uur voelde ik me uitgeslapen. Niettemin had ik last van lichte hoofdpijn en diarree. En het ontbijt ging ook moeizaam binnen. Waarschijnlijk had ik gisteren iets verkeerd gegeten. Was het de bittere visstoofpot of de noedelsoep van gisterenmiddag? Ik besloot om niet af te wachten en meteen een korte antibioticakuur op te starten. De hoofdpijn onderdrukte ik met een paracetamolletje. De volgende uren had ik geen last meer, en kon ik de toerist in Vientiane uithangen. Op mijn Te Zien lijstje stonden voornamelijk tempels.

Om 10u fietste ik naar de eerste tempel op een kilometer van mijn hotel. Ik liet mijn ligfiets afgesloten op de tempelsite achter en wandelde naar nog drie tempels in de buurt. Het steeds vastleggen en losmaken van ligfiets en toptas kost immers veel tijd. 

Na de vierde tempel fietste ik naar de belangrijkste tempel van Vientiane schuin tegenover het presidentieel paleis. Na Wat Sisaket stak ik de straat over en bezocht Haw Pha Kaeo. Deze tempel bevatte binnenin een museum van religieuze kunst. De afgeleefde vitrines waren gevuld met oude boeddhabeeldjes en aardewerk zonder enig onderschrift. Voordat ik met noedelsoep lunchte, fietste ik over de promenade van de Mekong.

In de namiddag bezocht ik meer afgelegen tempels. Eerst fietste ik naar That Luang op 4 km van het centrum. De nationale stupa van Laos had net een nieuwe couche goudverf gekregen. De schilders waren nog bezig met de afbraak van de stelling.

Vervolgens fietste ik naar de laatste ‘tempel’. Het Kaysone Phomvihane Museum ligt aan de grote baan op 6 km ten noorden van het centrum. Dit was de voormalige residentie van Kaysone Phomvihane, de minder bekende Laotiaanse collega van Ho Chi Minh en Pol Pot. Kameraad Kaysone wekt tegenwoordig weinig interesse in zijn daden op. Ik was de enige bezoeker van het museum. Op vraag van de militair die de poort bewaakte, registreerde ik mezelf in het gastenboek. De weinige bezoekers die zich voor mij hadden ingeschreven waren allemaal autochtoon. Ik legde mijn ligfiets vast, en wandelde over de immense voortuin langs het standbeeld van Kaysone naar het paleis. Binnenin was een tiental personeelsleden aanwezig om bezoekers te ontvangen die niet kwamen. Het museum zelf gaf een overzicht van de onafhankelijkheidsstrijd en aansluitende revolutie. Oude foto’s en persoonlijke voorwerpen van Kaysone (o.a. zaklamp en pistool) documenteerden het verhaal. De presentatie op het einde toonde de verwezenlijkingen van de volksleider na de overwinning. Ik vond het bezoek zeker de moeite waard. Inkom kostte amper 5.000 Kip (0,55 EUR) zoals alle tempels die inkomgeld vragen.

Op de terugweg stopte ik bij het winkelcentrum Talat Sao. Hier kocht ik aan een kraampje van smartphones een Laotiaanse simkaart voor 40.000 Kip (4,40 EUR) plus 25.000 Kip (2,75 EUR) belkrediet. De verkoopster heeft nog 10.000 Kip van haar prijs afgedaan toen ik aanstalten maakte om door te gaan. Dit had ik niet gespeeld. Ik begreep niet volledig hoe het werkte en ik twijfelde terecht of ik de simkaart wel aan de praat zou krijgen. Gelukkig installeerde de verkoopster de simkaart in mijn plaats. Mijn smartphone heeft nu 3G en de mails stroomden direct binnen. Ook Google Maps wist me meteen te vinden op de kaart, en dat was de hoofdreden om een simkaart te kopen. Zo kan ik onderweg ook Google Maps raadplegen als op de offline Open Street Maps te weinig wegen en POI’s staan. Bijkomend kan een lokaal GSM-nummer handig zijn in noodgevallen.
Fietsstatistieken:

22,38 km

1 u 17 min

17,43 km/u

4 november: Nong Khai –> Vientiane 

De zon kwam op onder een open hemel. De wolken hadden we in Bangkok achtergelaten. De nachttrein kwam een paar minuten voor zeven aan in de grensstad Nong Khai. Na een ondiepe slaap van zeven uur voelde ik me niet zo fris. Ik ontbeet in het eerste restaurant dat ik tegenkwam. Vervolgens fietste ik naar het centrum om een ATM te zoeken. Volgende maand kom ik Thailand binnen in een dunbevolkte streek. Mogelijk vind ik pas in de eerste grote stad een geldautomaat. Het ommetje was overbodig, want aan de Thaise kant van de grens stond ook een ATM. Het was kalm aan de grensovergang. Thailand verlaten ging zeer vlot. Vervolgens fietste ik de Vriendschapsbrug over de Mekong over naar de Laotiaanse kant.

Ik had op voorhand in de Laotiaanse ambassade in Brussel een visum geregeld. Maar de grenswacht stuurde me terug om een formulier in te vullen. Het formulier vroeg uitsluitend naar gegevens die ik reeds bij de visumaanvraag in Brussel had gegeven. Om 9 uur mocht ik officieel het grondgebied van Laos betreden. In plaats van richting Vientiane fietste ik de andere kant uit. Zeven kilometer van de grens ligt het Xieng Khuan Buddha Park. Deze tuin vol betonnen boeddhabeelden had oorspronkelijk een religieus doel. De oudste beelden dateren uit de jaren vijftig. Intussen is het een toeristische trekpleister die busladingen Chinezen en andere boeddhistische Aziaten lokt. Dit park had ik reeds in 2008 willen bezoeken, maar toen verloor ik teveel tijd bij de grensovergang.

Na het Buddha Park stapte ik op de fiets met bestemming Vientiane. Onderweg stopte ik voor een frisdrankpauze en later voor de lunch. Als ligfietser genoot ik van de grote aandacht. Passerende bromfietsen en auto’s vertraagden om met hun smartphone een foto te maken. Bij elke stop kwamen er mannen toegestroomd om mijn ligfiets vol bewondering te bekijken en aan te raken. Gegarandeerd informeerden ze naar de kostprijs.

Om kwart voor twee arriveerde ik aan het New Rose Boutique Hotel. Begin augustus had ik hier een kamer geboekt voor 47,25 EUR per nacht. In grotere steden besteed ik graag meer geld aan een overnachting met comfort en een goeie ligging. Dit compenseert de vaak schrale guesthouses in de dorpen op het platteland. De hoekkamer bleek verrassend groot te zijn, en had zelfs een balkon. Na de douche bezocht ik nog per fiets de oudste tempel van Vientiane  (Wat Si Muang) en op de terugweg een met gras begroeide stupa (That Dam). Terug in het hotel verzamelde ik mijn was en deed de was binnen bij een guesthouse 100 meter verder. Hier vroeg men 20.000 kip (2,21 EUR) voor 1 kg. Bij mijn eigen hotel kost het wassen van één T-shirt al 2 $ (1,80 EUR).

s’Avonds dineerde ik in een Laotiaans restaurant dat werd aangeprezen door de Lonely Planet. Het visstoofpotje smaakte ongelooflijk bitter. Een beetje jammer, want ik had trek in een lekkere maaltijd. Nadien begon de vermoeidheid door te wegen, en ik besloot vroeg te gaan slapen.
Fietsstatistieken:

48,91 km

2 u 23 min

20,49 km/u

3 november: Tijd verdrijven in Bangkok 

Deze morgen sliep ik uit tot 9 uur. Op het gemak ontbeet ik op het terras van het hotel. Na het uitchecken installeerde ik me aan het zwembad. Vanavond neem ik de nachttrein naar Nong Khai aan de grens met Laos. Ondertussen verdrijf ik de tijd. Vorig jaar heb ik de toeristische highlights van Bangkok bezocht. Ik heb weinig zin om ze opnieuw te bezoeken. Daarom rust ik uit aan het zwembad met een boek. Op het werk heb ik zeer drukke maanden achter de rug, dus ik heb het verdiend.

Bij zonsondergang dineerde ik op het hotelterras aan de rivier. Vervolgens fietste ik in het donker naar het Hualamphong station. Mijn alternatieve route kon de file niet vermijden. Vooral de oostwest geörienteerde straten waren overbelast. Op de noordzuid-straten kon ik meestal wel vlot fietsen. De eenrichtingstraten lieten me soms omrijden. Om 18:30u kwam ik in het station aan.

Aan een kotje bij de perrons kocht ik voor 90 Baht (2,35 EUR) een ticket voor mijn ligfiets. De bagagewagon was helemaal vooraan. Nadat ik mijn fiets min of meer had vastgemaakt, wandelde ik naar de slaapwagon achteraan. De trein vertrok stipt om 20:00u.

Fietsstatistieken:

6,34 km

0 u 25 min

15,42 km/u

2 november: Geland in zwartwit Bangkok

Na een ondiepe slaap van bijna 5 uur ging het licht in de cabine terug aan. De Boeing landde tamelijk stipt om half elf in Bangkok. De wachtrij voor de immigratie begon reeds in de aankomstzone. Na 35 minuten aanschuiven mocht ik Thailand betreden. Intussen was de bagage reeds geruime tijd gelost. Mijn fietsdoos kwam ik onderweg naar de bagageband tegen bij de afdeling ‘oversized baggage claim’. Mijn banaantassen waren reeds van de band gehaald. Op de band kwamen koffers uit Moskou aan. De airport pick-up van mijn hotel stond me op het verste eind van de lange aankomsthal op te wachten. Samen met de chauffeur legde ik de fietsdoos plat bovenop de hoofdsteunen van de aftandse Toyota minibus. Een dik uur later arriveerden we bij het hotel in het centrum. Onderweg moest ik de fietsdoos vaak terug naar achter duwen. In Bangkok overheersen de wolken. Zou het regenseizoen nog niet helemaal voorbij zijn?

Gemakshalve had ik hetzelfde hotel als bij mijn Cambodjareis in 2015 gereserveerd. Voor een kamer met een tweepersoonsbed in het New Siam Riverside Guest House betaal ik evenals anderhalf jaar geleden 1.490 Baht (nu 38,88 EUR) voor een nacht. Het hotel is schitterend gelegen in de toeristische wijk Banglamphu vlak aan de brede rivier Chao Phraya, en heeft een zwembad aan de oever van de rivier. Terwijl ik dit schrijf nip ik van een cola op het terras, en kijk ik naar de boten die gestaag voorbij varen.

Voor het uitpakken van de ligfiets regelde ik eerst een paar zaken. In het reisbureau van het hotel boekte ik een ticket voor de nachttrein naar Nong Khai voor morgenavond. Ik betaalde 908 Baht voor het onderste bed in een 2de klassewagon met airco. De voucher werd binnen het kwartier ingeruild door het echte ticket. Hier kwam vermoedelijk een spoedkoerier aan de pas. Aansluitend reserveerde ik een kamer voor bij mijn terugkomst op het einde van mijn fietsreis. Behalve een scheefgetrokken spatbord kwam mijn ligfiets heelhuids uit de fietsdoos. Ik gaf de fietsdoos bij het hotel in bewaring voor 15 Baht per dag. In de buurt maakte ik een testrit van ruim 5 km. Ik kreeg echt zin om aan mijn fietsreis te beginnen.

Sinds de Koning vorige maand is overleden, is Thailand in diepe rouw. De Thai uiten dit op verschillende manieren. Op de hekken van overheidsgebouwen drapeerden ze witte en zwarte doeken. De meerderheid van de Thai draagt zwarte, witte en/of grijze kleren. Kleur wordt dus zoveel mogelijk vermeden. Indien men niet anders kan, dan spelden ze een zwart lintje op. Ze werden uitgedeeld bij de immigratie. Ik heb er eentje meegenomen om op mijn kleurrijke T-shirts te spelden. Ook de Thaise websites rouwen. Bijvoorbeeld de homepage van de Thaise spoorwegen is uit respect volledig op grijstinten overgeschakeld. Vroeger was dit een kleurrijke website in de koninklijke kleuren geel en paars.


Na de testrit trok ik naar het zwembad. Bij zonsondergang maakte ik een wandeling langs de kade van de rivier Chao Phraya achter het hotel. Nadien dineerde ik op het terras van het hotel. Ik zat nog geen 5 minuten neer, of het begon licht te regenen. Noodgedwongen verplaatste ik me naar het rokersafdak. Gelukkig waren er vanavond weinig rokers aanwezig.

Fietsstatistieken:
5,58 km
0 u 18 min

18,18 km/u

1 november: Het vertrek

Onder een stralende herfstzon vetrok ik deze namiddag naar Bangkok via Zürich. Eerst pakte ik de laatste spullen in, en maakte ik mijn huis klaar voor een afwezigheid van 5 weken. Mijn vader zette mij en mijn fietsdoos af aan de luchthaven van Zaventem. Na de aanslagen in maart werd de Kiss&Ride zone afgeschaft. Vertrekkende passagiers afzetten kan alleen in de parkings P1, P2, en P3. Hiervoor mag je een kwartier gratis parkeren. Dit tarief gold alleen voor de verste zone van P1. Doorrijden naar de vertrekhal kostte 3 EUR voor een kwartier. Uiteindelijk bracht dit me niet veel dichterbij. Eenmaal uit de parkeergarage moest ik nog 200 meter in openlucht lopen naar de eerste geïmproviseerde veiligheidscontrole in een witte partytent. De tent stond vlakbij de uitgang van parking P3. Gelukkig was het stralend herfstweer. Maar het pad was niet voorzien op fietsdozen. Vaak moest ik de doos voorbij een obstakel dragen en terug dwars op de kar zetten.

In tegenstelling tot mijn vorige twee ligfietsenreizen, vlieg ik deze keer met SWISS in plaats van Qatar Airways. De nationale luchtvaartmaatschappij van de golfstaat Qatar had in het verleden zeer aantrekkelijke voorwaarden voor fietsreizigers. Mits aanmelding van de fiets, werd de bagagelimiet opgetrokken van 30 kg naar 40 kg. De enige voorwaarde was dat de fiets in een doos werd verpakt. De fiets kon dus gratis meevliegen op de zeer aantrekkelijk geprijsde vluchten van Qatar. Sinds mijn vorige ligfietsreis naar Cambodja in februari 2016 heeft Qatar Airways de voorwaarden voor fietsvervoer drastisch gewijzigd. Het vervoer van ‘sporting equipment’ tussen 23 en 32 kg zoals mijn ligfiets kost nu 250 USD per enkele reis. Bovendien mag de optelsom van de afmetingen van de fietsdoos (L + B + H) de 300 cm niet overstijgen. Mijn fietsdoos weegt 28 kg en heeft als afmetingen 196 x 117 x 27 cm. De optelsom van de afmetingen is dus 340 cm. Qatar Airways heeft de voorwaarden voor het fietsvervoer zo streng afgesteld dat mijn ligfiets uit de boot valt. Zelfs zonder de onmogelijke voorwaarde over de omvang van de fietsdoos blijft fietsvervoer bij Qatar een kostelijke grap. De prijs van de vlucht verdubbelt bijna wegens de bijkomende kost van tweemaal 250 USD. SWISS biedt ook vluchten aan tegen aantrekkelijke prijzen. Fietsvervoer kost 100 EUR per enkele reis. Hierbij wordt de fiets buiten de bagagelimiet van 23 kg gehouden. Inpakken in een doos is zelfs niet nodig, maar ik heb het toch gedaan. Het Oostenrijkse zusje van SWISS, Austrian Airlines, biedt gelijkaardige voorwaarden voor fietsvervoer aan. Maar het vluchtschema naar Bangkok was aantrekkelijker bij SWISS.

De eerste vlucht naar Zürich had 20 minuten vertraging. Het kleine Fokker-toestel stond in panne. Daarom had SWISS een grotere Airbus A320 als vervangtoestel gestuurd. Ik had de volledige stoelenrij voor mezelf. Het vliegtuig deed amper 45 minuten over de vlucht, en maakte de vertraging meer dan goed. De aansluitende vlucht naar Bangkok vertrok zonder veel vertraging. De Boeing 777 was wel helemaal vol.
Fietsstatistieken:

0,00 km

0 u 0 min

0,00 km/u